Posts tonen met het label Kempen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kempen. Alle posts tonen

vrijdag 24 mei 2013

Provocerende papen in de Brabantse Kempen


...klagten over paapse kerk...
Ook al waren in 1718 de scherpste kantjes van protestantiseringsproces van de Meijerij af, katholieken moesten nog altijd verplicht hun missen houden in schuilkerken. Op het platteland waren dat meestal lage lemen boerenschuren die achteraf lagen Maar in het grensgebied van de Brabantse Kempen trotseerden de pastoors het strenge toezicht van de predikanten en de classis en bouwden zonder schroom schuilkerken op A-locaties. 


Het was de classis van Peel- en Kempenland een doorn in het oog dat in Duizel, Riethoven, Westerhoven, Oerle en Lommel op goed zichtbare locaties langs de doorgaande dorpswegen ‘nieuwe paapse kerken met hoog opgetrokken muuren, groote dubbelde deuren, portaalen, glaasen en ovalen’ gebouwd waren. Maar nu had ook de pastoor van Middelbeers had het in z’n hoofd gehaald om op een prominente plek een nieuwe bakstenen kerk te bouwen. De predikant, die er nota bene elke zondag verplicht langs moest lopen om bij zijn eigen kerk te komen, vatte het als een provocatie tegen het heersende protestantse geloof op. De kerk van de predikant was de Sint Willibrorduskerk uit begin 15e eeuw die de katholieken in 1648 aan de protestanten hadden moeten afstaan.

...fragment uit de resolutie over de bouw van de kerk...
Er was een mooie constructie bedacht in Middelbeers. De nieuwe roomse kerk werd gebouwd op grond naast de herberg, eigendom van Peternel Vissers. Zou Peternel er in haar achterhoofd al de kerfjes op de kerfstokken zien voor borreltjes die de boeren na de heilige mis in haar herberg achterover zouden slaan? Eerst had de predikant via de vorster het plaatselijk dorpsbestuur op 30 augustus aan de tand gevoeld of die nieuwe kerk aan de doorgaande weg in hun opdracht gebouwd werd. Maar de burgemeesters hielden hem aan het lijntje. Alsof er niets aan de hand was werd er gewoon doorgebouwd. De predikant moest dit met eigen ogen op 26 september constateren. Daarop richtte hij zich tot de regionale classis en wist gedaan te krijgen dat de classis bij de Raad van State een klacht zou indienen als de bouw zou worden voortgezet. 

Na een korte bouwstop van 8 dagen werd tot grote ergernis van de predikant werd de bouw gewoon hervat.De kerk was al bijna klaar. Maar toen het de predikant en de classis ter ore kwam dat 'de paap tot Middelbeers' op zondag 13 november 1718 van plan was de kerk in te wijden, was de maat vol! In allerijl ging er op zaterdag 5 november een verzoekschrift van de Classis Peel- en Kempenland naar de Raad van State om opdracht te geven de bijna voltooide roomse kerk af te breken.

...De nooit gebouwde schuurkerk uit Netersel
bron beeldbank www.rhce.nl...
De nieuwe kerk van de katholieken hoefde niet te worden afgebroken van de Raad van State, maar er mocht in de nieuwe kerk geen eredienst worden gehouden .. En hoe zouden die nieuwe bakstenen schuurkerken er uit hebben gezien? Misschien als de nooit gebouwde schuurkerk van Netersel, waarvan nog een ontwerp uit 1794 bewaard is gebleven?

Schutjes - kenner van de geschiedenis van het bisdom Den Bosch eind 19e eeuw -  heeft een iets andere versie over de nieuwe kerk van Middelbeers. Volgens hem was de oude schuurkerk in 1698 afgebrand. Daar vlak in de buurt lag een stuk grond, waarvan priester Joannes Vennix te Abcoude de eigenaar was. Een gedreven priester met een missie, namelijk dat op die grond een nieuwe kerk zou verrijzen! Daarom droeg hij die grond over aan de tweede echtgenoot van Petronilla Vissers, de weduwe van zijn broer Cornelis Vennix. Petronilla en haar herberg kennen we al uit de resolutie van de Raad van State. Een smeekschrift voor de bouw van de kerk werd gehonoreerd. Volgens Schutjes is er later in die schuurkerk een pakhuis gevestigd, waarin een gebrandschilderd raam aanwezig was met de naam van pastoor de Roy en het jaartal 1721.

Nu rest natuurlijk de vraag of de nieuwe kerk waarin op bevel van de Raad van State van 5 november 1718 geen missen mochten worden opgedragen, jarenlang ook echt niet in gebruik is geweest. En dat deze kerk  pas in 1721 door pastoor de Roy is ingewijd? Wie gaat er op zoek naar de datum van overdracht van de grond door priester Vennix aan zijn schoonzus Petronilla Vissers en haar tweede man Lambert Brock? Dan komen we misschien meer aan de weet …


Met dank aan archiefonderzoek Henk Beijers voor de tip en het spitwerk in 80 jaar resoluties van de Raad van State, nu online.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Toren met geschiedenis
Besluiten van een dorpsbestuur

maandag 12 december 2011

Boteroorlog in de Kempen

We kennen de boterberg maar de boteroorlog? Dat begrip zal bij weinigen een lampje doen branden. Het boek Boter uit de Kempen 1890-1920 van Bas Bierkens beschrijft deze periode op een levendige manier. Dat is overigens maar éen aspect uit het mooie en rijkelijk geillustreerde boek van bijna driehonderd pagina's.

Zondag 11 december zag het boek van oud-journalist Bierkens het levenslicht in de streekmuseum De Acht Zaligheden in Eersel. Bierkens vertelde onder meer over het ontstaan van de boteroorlog. In 1904 is Brabant "het tooneel van een fellen strijd dien men de boteroorlog pleegt te noemen. Men kan hem beschouwen als de laatste, krachtige episode uit den langen strijd voor de emancipatie van den boerenstand."

De oorlog speelt zich af tussen de cooperatieve boterfabrieken en de boterhandelaren. Inzet is het Rijksmerk voor boter. Dankzij de botercontrolestations in Maastricht en Eindhoven kan vanaf 1904 overtuigend worden aangetoond of boter vervalst is (oftewel aangelengd met andere vetten en water). De regering steunt met het oog op de export deze benadering en geeft er een officieel cachet aan door het Rijksmerk in te voeren. De bedoeling is dat iedereen nog slechts boter vraagt met dat keurmerk waardoor de knoeiers de wind uit de zeilen maar die stellen zich krachtig te weer. Na een lange strijd winnen uiteindelijk de zuivelcooperaties.

Niet zonder gevolgen. "Allereerst bleek er weer uit de groote kracht der organisaties die met glans den strijd tegen zulke rijke en machtige handelaars wonnen. Voortaan stonden de landbouwers sterk en was de tijd van algemeene achteruitstelling voorbij", werd geconcludeerd. Maar verder was het ook van betekenis voor de boterproductie want men deed nu veel beter zijn best om goede kwaliteit boter te leveren.

Foto boven: geen foto uit de Kempen maar wel een mooie uit Veghel. Drie Veghelse schonen met "tenen manden" met boter die naar de botermijn gebracht zullen worden. De twee jongste vrouwen dragen zwarte mutsen, zij zijn nog niet 'mundig'. Pas met 21 jaar mocht men de witte poffer dragen. Op de achtergrond de Sint Lambertuskerk. Datering ca. 1920