...Nicolaas Cann, geboren in Leeuwarden en toch een Brabander...
Deurwaarder aangevallen? Overspel gepleegd? Of iemand vermoord? In die gevallen kwam je tussen 1591 en 1795 voor de Raad van Brabant te staan. De Raad bestond uit zeven raadsheren. Uit echte Brabanders, wel te verstaan.
In de Raad zaten onder andere griffiers, openbaar aanklagers en deurwaarders. Eén ding hadden de heren allemaal gemeen: het waren échte Brabanders. Tenminste, dat moesten zij volgens de voorwaarden van Blijde Inkomste - een soort verre voorloper van de Grondwet - wél zijn. Waren zij het niet, dan konden ze toch worden benoemd want dan werden ze tot Brabander genaturaliseerd. Zoals bijvoorbeeld Nicolaas Cann, geboren in Leeuwarden maar dankzij zijn naturalisatie tot Brabander benoemd tot raadsheer in 1663.
...naturalisatie van B. Halfwassenaer...
Ook Bernardus J.J. Halfwassenaer wordt - ruim een eeuw later - genaturaliseerd. En hoewel de term inburgeringscursus nog een aantal eeuwen op zich laat weten, wordt er wel geëxamineerd, blijkt uit zijn Akte van naturalisatie uit 1780:
"Mitsgaders daarop het schriftelijk advis van den Advocaat Fiscaal om verscheidene reeden en consideratien ons daartoe moveerende". Er is dus - om moverende redenen - een advies gevraagd van de advocaat-fiscaal, zeg maar de openbaar aanklager van de Raad. Dat moet positief zijn geweest want er wordt ingestemd met de naturalisatie; Halfwassenaer mag zich vanaf dan een echte Brabander noemen.
Een erg strenge examinatie was het kennelijk niet en bovendien moet Halfwassenaer niet de meest omstreden kandidaat zijn geweest. Hij komt namelijk nog veel vaker voor in ons archief: eenmaal als hij poortersrechten krijgt (1778), verder als hij een wapenvergunning krijgt als opper-jagermeester van de Kroon (1806) én tot benoeming tot Ridder in de Koninklijke Orde der Unie (1809). Een Brabander om trots op te zijn ;-)
...van Brabander tot Ridder (uit archief Familie van de Mortel - De La Court, T 305, invnr 870)...
Onderzoek doen in het archief van de Raad en Leenhof van Brabant, een van de belangrijkste archieven bij historisch onderzoek in Brabant tot 1811, is nu nog eenvoudiger geworden. Dat komt omdat het BHIC in ’s-Hertogenbosch nieuwe online zoekingangen heeft gemaakt. Daarnaast zijn grote delen van het archief gescand. Het betekent een schat aan personen, plaatsen en gebeurtenissen. In een serie blogs lees je enkele van deze pareltjes uit dit archief.
Alweer zo’n geval zoals in Liempde onlangs? Het leek erop, al ging het niet om de weigering van een kerkelijke uitvaart vanwege euthanasie. Ditmaal betrof het een ernstig zieke vrouw die haar einde voelde naderen. Maar de pastoor weigerde haar de laatste sacramenten der stervenden, omdat zij volgens hem “de vrouw was van een duivelsaanbidder”. Wacht even, leven we niet anno 2011? Jawel, maar Openluchttheater De Kersouwe in Heeswijk staat deze zomer in het teken van de Bokkenrijders, geplaatst in de tijd rond 1780.
Vrijdagavond 26 augustus maakte ik samen met mijn dochter en nog 1498 andere mensen een tijdreis naar het einde van de 18e eeuw. Voor ons lag een dorp, compleet met bewoners, paarden, ganzen, kerk (met orgel en koor!), kroeg, molen en beek. Een egocentrische barones zwaaide er de scepter en leefde uitbundig van de zuurverdiende belastingcentjes van de straatarme dorpsbewoners. Zij werd daarin gesteund door de schout, diens rakkers en de pastoor. De verhoudingen kwamen op scherp te staan door de overvallen van de bokkenrijders. Hun hoofdman beleed met de mond zijn afkeer van de adellijke en kerkelijke elite, maar in de praktijk werden vooral de dorpelingen de dupe. Zij kwamen klem te zitten tussen de bokkenrijders en het wereldlijk en kerkelijk gezag. De pastoor plaatste de bokkenrijders buiten de samenleving door hen te beschuldigen van duivelsaanbidding. In zijn visie waren de meeste dorpelingen geen haar beter, zodat ook tegen hen bruut mocht worden opgetreden. Ook hier dus een dienaar van de kerk die niet de kant koos van zijn parochianen!
Geen wonder dat ik moest denken aan “Liempde”. En ik niet alleen, want op het moment dat de pastoor zijn weigering motiveerde, ging er een soort ‘wave’ door het publiek. En na afloop hoorde ik her en der de plaatsnaam Liempde noemen. Zelf zag ik tijdens dit schitterende openluchtspel nog een andere relatie met de actualiteit: de Talibaan in Afghanistan. De wijze waarop de schout en zijn rakkers huishielden in het dorp, deed sterk denken aan het optreden van Amerikaanse troepen in Afghaanse dorpen.
Zomaar wat mijmeringen naar aanleiding van een toch wel mooie avond in De Kersouwe….
Henk Buijks
Regiohistoricus van het BHIC
p.s.: Interesse? Er zijn nog twee voorstellingen van 'Bokkenrijders de nacht in' in het Openluchttheater De Kersouwe in Heeswijk: Op vrijdag 2 september een avondvoorstelling (20.30 - ca 23.00 uur) en op zondag 4 september een middagvoorstelling (14.30 - ca 17.00 uur).
Foto: Het publiek beleefde spannende en angstige momenten in de voorstelling 'Bokkenrijders de nacht in'. (Henk Buijks, BHIC).