Posts tonen met het label molen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label molen. Alle posts tonen

woensdag 18 mei 2016

Wilhelmus van Erp: vader aller Geffenaren!


De auteurs: Arnout van Erp (stagiaire archief assistent bij het BHIC) en zijn vader Willie van Erp (toegevoegd-kandidaat-gerechtsdeurwaarder bij Van Lith Gerechtsdeurwaarders te Eindhoven) 
Wilhelmus van Erp wordt in 1833 benoemd tot burgemeester. Hij wordt de tweede en langst zittende burgemeester van de gemeente Geffen. Tijdens zijn 25-jarige ambtsjubileum wordt hij toegezongen door het Geffense volk met de slotwoorden “ hij was en is de Vader aller Geffenaren” .

In zijn regeerperiode is er overal armoede. De ontwikkeling van de mensen is gering. Het onderwijs is nog slecht en wordt zeer onregelmatig door de kinderen gevolgd. Burgemeester, pastoor, notaris, dokter en enkele andere notabelen, waren de enige ontwikkelde mensen. Het is een tijd van traditie en stilstand, of een heel langzame vooruitgang in sommige sectoren. In 1862 beëindigt Wilhelmus van Erp zijn burgemeesterschap.

Hij koopt in 1864 molen De Vlijt, een molen die de grote reis van Boxtel naar Geffen doorstaan heeft. Het hele verhaal van deze molen met al zijn eigenaren wordt in het boek beschreven. In 1883 overlijdt Wilhelmus van Erp in Geffen op 80-jarige leeftijd. Hij is niet meer ‘bij zijn verstand’. Tijdens het leven van Wilhelmus heeft Geffen een ander gezicht gekregen. Het centrum van het dorp is vanaf “De Heuvel” naar de Molenstraat verplaatst met de in 1840 gebouwde burgemeesterswoning en het in 1856 opgerichte gemeentehuis en plein, genaamd ’t Dorp. In 1876 verplaatst Wilhelmus van Erp molen De Vlijt vanaf de Papendijk naar een perceel naast zijn burgemeestershuis. Samen met molen De Zeldenrust, eveneens gesitueerd aan de Molenstraat, vormt dit het nieuwe beeld van Geffen.

In 1881 wordt de spoorlijn tussen ’s-Hertogenbosch en Nijmegen geopend. Een nieuwe tijd staat voor de deur. Geffen verandert in een snel tempo. Heden is van het beeld van Geffen van de negentiende eeuw weinig over. Een van de gebouwen die nog herinnert aan die tijd, is molen De Vlijt.

De boekpresentatie, in samenwerking met Heemkundewerkgroep Vladerack, zal plaatsvinden op zaterdag 21 mei van 14.00 tot 16.00 uur bij molen De Vlijt, met muzikale ondersteuning van blaaskapel De Pompzwengels. Bij voorinschrijving kost het boek 13 euro 50, bij inschrijving 15 euro 50.

Geschreven door:
Arnout van Erp

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
De beste verhalen via e-mail ontvangen?




woensdag 11 mei 2016

Boete voor de molenaar!

...Een eigengereide Kilsdonkse molenaar bezorgt grondeigenaren stroomopwaarts natte voeten. Bij gebrek aan wind, gaat het peil in de Aa omhoog voor stuwkracht van de watermolen...
De Kilsdonkse molen is wijd en zijd bekend. De zeldzame combinatie van een water- en windmolen maakt het bouwwerk tot een waardevol erfgoed. De gerestaureerde molen heeft geen invloed meer op de waterstanden in de Aa. De loop is veranderd. Dat was ooit anders. Op 4 maart 1856 bericht de Noord-Brabanter over de toestanden die "zeker molenaar uit de gemeente Dinther" veroorzaakt. 

Molenaar Cornelis van Aart houdt zich niet aan de eeuwenoude afspraak met Veghel dat de molen alleen in de winter mag malen. Van Aart maalt ook 's zomers. Als compensatie voor de niet altijd werkende windmolen. Hij heeft allerlei voorzieningen getroffen die de stroomopwaartse hooilanden in een drassige soep veranderen. Het regent klachten uit Veghel. Dinther komt in actie, constateert dat Van Aart zich niet aan de regels houdt en daagt hem voor het kantongerecht.

Molenaar Van Aart krijgt een boete van 100,- guldens aan zijn broek. Aangezien hij in hoger beroep gaat, wordt de zaak in Den Bosch voortgezet. In de Bossche archieven wordt een akte uit 1492 opgeduikeld waaruit blijkt dat Kilsdonk een wintermolen is. De rechtbank acht Van Aart strafbaar. Wie denkt dat daarmee de kous af is, heeft het mis. Van Aart heeft er maling aan. Ondertussen bemoeit de provincie zich met de kwestie, komen er stapels onderzoeken over te hoge waterstanden op tafel en wordt Van Aart meerdere malen beboet. Het leidt niet tot oplossingen.

Hoewel de provincie zich mild opstelt, vergist Van Aart zich in de standvastige houding van de gemeente Veghel die alles in het werk wil stellen om de waterafvoer in de Aa te verbeteren. Veghel trekt aan het langste eind. Na de dood van molenaar Van Aart blijven de erfgenamen met een onverkoopbare molen achter. Bij gebrek aan interesse wenden ze zich in 1880 tot Jonkheer Victor de Kuijper, burgemeester van Veghel en Erp.

Die grijpt zijn kans. Als eigenaar van Huize Zwanenburg in Dinther heeft hij wateroverlast aan den lijve ondervonden. Namens Veghel en Erp koopt hij de Kilsdonkse molen. Het verwijderen van sluizen, raderen en maalwerk luidt het definitieve einde in. Maar juist de door Veghel gemaakte tekeningen van het molenwerk worden later gebruikt bij de reconstructie van de watermolen. Die draait nu weer als vanouds. Zonder dat iemand natte voeten krijgt.

Dit verhaal stond eerder in Brabants Dagblad

Geschreven door:
Rolf Vonk

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
De beste verhalen via e-mail ontvangen?