Posts tonen met het label 1822. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 1822. Alle posts tonen

vrijdag 13 juli 2012

Samen sterk tegen Rome!

Wervingsfolder Christelijk Hulpbetoon te vinden in de archieven van Christelijk Hulpbetoon 1844-1972 in het BHIC

Ontwikkelingshulp en zendingswerk in eigen land. Zo is in het kort de taak samen te vatten van de protestantse organisaties Maatschappij van Welstand en Christelijk Hulpbetoon.

Beide instellingen zijn ontstaan in een tijd waarin de protestanten in Brabant hun dominerende positie begonnen te verliezen. Functies die eerst alleen door protestanten werden vervuld, kwamen in handen van de katholieken. Ds. J. van Heusden (1757 – 1841) trachtte dit tij te keren door in 1822 te Breda De Protestantsche Maatschappij ter bevordering van Welstand, door ondersteuning en voorlichting op te richten. Van Heusden was een voorstander van een vreedzaam samenleven van protestanten en katholieken.

De Maatschappij kocht land en boerderijen in Noord-Brabant ten behoeve van armlastige protestanten en verstrekte hen geldleningen opdat zij konden investeren. De leden van de Maatschappij, die in het hele land woonden, brachten met een jaarlijkse contributie het kapitaal bijeen. De Maatschappij hing haar activiteiten trouwens niet aan de grote klok om de tegenstelling katholiek-protestant niet te vergroten.

Een andere vergelijkbare instelling ontstond toen een groep protestanten in Noord-Brabant de ‘strijd tegen de macht van Rome’ nog wat steviger wilde aanzetten. Ook wilden ze het werkgebied niet beperken tot Noord-Brabant. Daarom werd op 1 juli 1844, op initiatief van ds. C.W. Pape (1788-1872), te ’s-Hertogenbosch de Protestantsche vereeniging onder zinspreuk ‘Christelijk Hulpbetoon’ opgericht. 
Het belangrijkste doel was in het hele land “voor het Protestantisme te waken en werkzaam te zijn door Protestanten, in het bijzonder behoeftigen, tegen de invloed der Roomsche propaganda te beveiligen en te behoeden tegen afval van hun belijdenis”. In de eerste jaren van haar bestaan besteedde Christelijk Hulpbetoon veel geld aan de verspreiding van godsdienstige lectuur, het stimuleren van christelijk onderwijs en de organisatie van bijbellezingen. Later kwam de nadruk meer te liggen op de financiële ondersteuning van kleine zelfstandigen in plaatsen met een duidelijke protestantse minderheid en van protestantse instellingen in het zuiden des lands.

Voor de meesten is dit natuurlijk geen dagelijkse kost. Maar, stel, je bent geïnteresseerd in het protestantse deel van de Noordbrabantse bevolking, dan kunnen de archieven ‘Maatschappij tot Bevordering van Welstand’ en ‘Christelijk Hulpbetoon’ je een goed inzicht geven in de ondersteuning van dit bevolkingsdeel. Oh ja, beide archieven zijn te vinden in het BHIC.



maandag 30 april 2012

Familiedrama in Boxmeer


En het vonnis luidt…



Ter gelegenheid van het online gaan van 6500 vonnissen en akten afkomstig van de vredegerechten Boxmeer en Ravenstein, schotelen we je hier een maand lang élke maandag een bijzondere zaak voor!


Familiedrama in Boxmeer

Neuzend in de stukken van het vredegerecht van Boxmeer kom je vonnissen tegen die je nieuwsgierigheid wekken. Zoals de overlijdensakte van Simon Johan van Steeland. Bij het gloren van de ochtend op 27 april 1822 wordt de 65-jarige Simon dood gevonden door zijn buurmannen, de 39-jarige Gerardus van Pietersom en de 47-jarige timmerman Willem Ambrosius, allen wonend te Boxmeer.

Rond tienen ’s ochtends staan de heren opgewonden op de stoep van het stadhuis om het vreselijke nieuws te vertellen en om aan te geven dat hun buurman op onverklaarbare wijze is overleden. Omdat er natuurlijk onzekerheid bestaat over de doodoorzaak wordt meteen schouwarts J.G. Koch gealarmeerd. Deze haast zich naar het huis van Simon Johan om het stoffelijk overschot te onderzoeken. Het lichaam wordt ter plekke opengesneden. Dan wordt vastgesteld dat Simon Johan van Steeland waarschijnlijk zelfmoord heeft gepleegd.

Saillant detail is trouwens dat de schouwarts op zijn declaratie als schouwdatum 26 april 1822 heeft opgetekend, terwijl in de overlijdensakte toch echt gesproken wordt van 27 april 1822. Aangenomen wordt dat de arts zich bij het declareren dus een dag vergist heeft óf dat ze een dag later aangifte deden.

Declaratie van schouwarts J.G. Koch te Boxmeer aan het vredegerecht Boxmeer wegens o.a. schouwen lijk J. Steenland en operatie van het lijk op 26 april 1822

Maar wie was Simon Johan van Steeland eigenlijk? Als oudste kind komt hij op 18 juni in 1757 in Den Haag ter wereld als zoon van Johan Frederik van Steeland en Johanna Albertina Schopman.

Pa van Steeland was niet de minste en had zijn sporen reeds verdiend als fiscaal advocaat en Procureur Generaal van Brabant. Uit alle familiestukken blijkt dat zijn zoon, Simon Johan dus, in de voetsporen van zijn vader loopt en ook kiest voor een juridische functie. Hij trouwt met Cecilia Geertrui Mackenzie en krijgt met haar een zoon die - wat in die tijd gebruikelijk is - ook de naam Johannes draagt en ook advocaat wordt. Verder blijkt dat hij al jaren renteniert en er dus zogezegd warmpjes bij zit.

Overlijdensakte van Simon Johan Steeland van 27 april 1822 van de gemeente Boxmeer

Alle ingrediënten lijken bij Simon aanwezig om samen met zijn Cecilia gelukkig oud te worden, zou je denken. Het blijft dan ook gissen naar de reden waarom hij zelfmoord heeft gepleegd. Miste hij zijn Cecilia? Uit de overlijdensakte blijkt namelijk dat hij weduwnaar was…
Aannemelijk is dat het te maken heeft met een andere verdrietige gebeurtenis die zich onlangs heeft voorgedaan in zijn leven. Op 5 april 1822, slechts drie weken vóór de zelfmoord van opa Simon Johan, overlijdt zijn dierbare kleinzoon en naamgenoot Johan Simon Frederik. Het kindje is dan pas acht maanden oud.

Het wapen van de familie Van Steeland. Wapen: in rood een zilveren dwarsbalk, beladen met vier, horizontaal afgesneden, blauwe schuinkruisjes. Wapenvoerder: Johan Frederik van Steeland, fiscaal advocaat en Procureur Generaal van Brabant, benoemd in 1770