woensdag 30 juli 2014

Hanneke kiest: Heksenproef #stukvanhetjaar2014


...Een vermeende heks onderworpen aan de waterproef...

In vroeger eeuwen hadden allerlei vormen van bijgeloof vele mensen in hun greep. Zo geloofden mensen in tovenaars, spoken, geesten en heksen. Volgens de kerk was tovenarij een daad van de duivel. Wanneer een oogst mislukte, door ziekte vele dorpelingen stierven of andere tegenslagen plaatsvonden, werd dit gezien als een straf van God. En de mensen zochten dan een zondebok. Dit leidde tot beschuldigingen van hekserij.

Vanaf de 14e eeuw zijn tijdens de heksenvervolgingen in Europa tienduizenden slachtoffers gevallen. De Kerk brandmerkte ieder wier zienswijze niet overeenkwam met die van de Kerk als ketters. Ook hekserij werd als ketterij gezien, want de heksen zouden de duivel aanbidden, in plaats van God. Hekserij was echter geen gewone misdaad, maar werd gezien als de gruwelijkste van allemaal. In de periode van 1580 tot 1650 vonden de meeste heksenjachten plaats, en begonnen de massaprocessen. In West-Europa vonden naar schatting 200.000 mensen, meest vrouwen de dood tijdens deze heksenjachten.

Heksenhamer
Het in 1485 geschreven boek Malleus Maleficarum, 'Heksenhamer', werd het standaardwerk voor de heksenjacht. Niet alleen stond er een overzicht van bestaande literatuur over demonen en hekserij, ook gaf het boek aanwijzingen aan de heksenvervolgers. Zo stond erin beschreven hoe een heks ondervraagd moest worden en wat de meest effectieve manier was om een heks te doden.

Martelingen en heksenproeven
De slachtoffers, meestal arme alleenstaande oudere vrouwen, stonden totaal machteloos. Want met hun magische krachten konden heksen de oogst laten mislukken, zichzelf in een dier veranderen, iemand ziek maken en slecht weer veroorzaken. Om te bewijzen dat iemand een heks was, werd de heks onderworpen aan martelingen en heksenproeven.

Van heksen werd aangenomen dat ze op bezemstelen of op geitenbokken door de lucht vlogen. Om te kunnen vliegen, moesten heksen licht van gewicht zijn en werden verschillende proeven bedacht om te bewijzen dat iemand een heks was.
Bij de vuurproef moest de verdachte met blote voeten over hete kooltjes lopen. Als ze daar brandblaren van kreeg, was ze onschuldig, want een heks zou zich namelijk beschermen tegen het vuur. Daarnaast was er de weegproef, waarbij de verdachte op een weegschaal werd gewogen. Woog ze, gezien haar postuur, te weinig dan was het doodsvonnis getekend en kwam ze op de brandstapel.
Een andere proef was het prikken in het lichaam van de heks, een poging om het duivelsmerkteken te vinden. Op de plaats waar het geen pijn deed, had de duivel zijn pact gesloten. 

'Swimming the witch'
De meest gebruikte proef was de waterproef, 'Swimming the witch', waarbij de verdachte met handen en voeten aan elkaar gebonden in het water werd gegooid. Als ze bleef drijven, was ze te licht en dus een heks en volgde veroordeling. Wanneer ze zonk was ze onschuldig, maar dan was de zogenaamde heks vaak al verdronken.

In de 17e eeuw kreeg de mens een rationelere kijk op het leven. Mensen werden sceptisch en wilden eerst zien alvorens ze geloofden. De vervolging en veroordeling van heksen werden minder en hekserij werd niet langer gezien als misdaad. In Brabant was de waterproef sinds 1595 afgeschaft. Het geloof in magie en hekserij was hiermee niet verdwenen, nog steeds gaven vele mensen de heksen de schuld van tegenslagen en problemen. Maar de mensen die verdacht werden, konden niet meer worden vervolgd of vermoord.

Stuk van het jaar
Voor mij is de afbeelding van de heksenproef het stuk van het jaar. Tegen de achtergrond van een idyllisch landschap ondergaat een jonge aan handen en voeten gebonden vrouw de waterproef in het koude water. Naast haar de nog net boven water zichtbare handen en voeten van een andere van hekserij beschuldigde vrouw. De uitslag staat bij voorbaat vast. 






Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Hugo kiest: Moffenspiegel
- Margot kiest: het gezicht van de oorlog

Geen opmerkingen: