Posts tonen met het label 1919. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 1919. Alle posts tonen

vrijdag 22 april 2016

35.000 Dagen plezier met mooi raadhuis

...het voormalig raadhuisje in Heesch...
Op 21 maart 1941 vindt de officiële opening plaats van het raadhuis van Heesch. Alle sprekers zijn vol lof over het karakteristieke gebouw, ook de Bossche burgemeester Van Lanschot: “Eens in de 100 jaar bouwt men een raadhuis. Is het lelijk, dan heeft men 35.000 dagen ergernis - is het mooi, dan 35.000 dagen plezier ervan. Heesch kan waarlijk verheugd zijn, want het heeft een mooi raadhuis gekregen.”

Inderdaad is het een eeuw geleden dat Heesch een raadhuis bouwde. Dat dateert van 1840, en in 1919 meldt het provinciaal verslag dat het gebouwtje volgepropt is met allerlei documenten en boeken. Er is niets van te maken, en de gemeente beschikt over onvoldoende middelen voor een radicale verbetering, aldus het verslag. Jarenlang gebeurt er niets, maar vanaf het aantreden van burgemeester Offermans in 1931 staat het gemeentehuis regelmatig op de raadsagenda. Struikelblok is dan vooral de economische crisis. Caféhouder Willem van den Berg, eigenaar van het kermisterrein naast zijn zaak, kan het niet langer aanzien. In augustus 1933 gaat hij bij de kermisexploitanten met de pet rond voor een nieuw gemeentehuis. De gemeenteraad is blij met de opbrengst: 867 gulden 50!

En alweer gaan er vier jaren voorbij. Op Oudejaarsdag 1937 besluit de raad de knoop door te hakken. Het gemeentehuisje, “een varkensstal” volgens raadslid Van Zutphen, blijkt nu ook een broeinest te zijn “van vliegen, die zomer en winter in groten getale op de secretarie zitten, in de kasten, op en achter de boeken en voor de ramen.” Via steun van het landelijke Werkfonds wil men, net als in Uden en Nuland, eindelijk een nieuw gemeentehuis bouwen. Twee jaar later hebben de architecten A.J. Kropholler (Wassenaar) en P.G. Elemans (Ravenstein) de plannen rond. Aannemer Quirinus de Veer uit Geffen krijgt de klus, voor ƒ 20.400,-. Vanaf 1 april 1940 vindt de secretarie tijdelijk onderdak aan de overkant van de Rijksweg, bij Smederij Van Erp.

Het project duurt langer dan begroot. Oorzaak is de Duitse inval in mei 1940, waardoor de aanvoer van bouwmaterialen tijdelijk stil ligt. En wellicht zorgt de zware storm van november ook voor enige vertraging, want de directiekeet stort in. Maar in maart 1941 kan in Heesch de vlag uit. Niet bij de architecten overigens, want die moeten nog enkele jaren geduld hebben, voordat al hun declaraties zijn betaald….

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Komt de Beerse Maas terug?
- De Hertogswetering

De beste verhalen via e-mail ontvangen?








maandag 20 augustus 2012

Saaie carnavalsfeesten in het Roomse Zuiden...

...Veel tieners gaan met carnaval gekleed als hun idool Lady Gaga ...
"Wat wordt het dit jaar met carnaval? Hoe ga ik verkleed, als Egyptische prinses of Romein misschien?" Het lijkt misschien nog ver weg maar vele Nederlanders van 'onder de rivieren' zijn het hele jaar bezig met de voorbereiding van carnaval. Deze traditie is al eeuwenoud, maar toch hebben de katholieken zich niet elk jaar van onze geschiedenis feestelijk kunnen uitdossen.

In het jaar 1919 werd door het Militair Gezag bekendgemaakt dat het op 2,3,4,9 en 30 maart verboden was "zich gemaskerd, vermomd of verkleed op den openbaren weg te vertoonen".
Dit verbod gold alleen voor de provincies Limburg, Noord-Brabant en Gelderland ‘ten zuiden van den Boven-Rijn.' Alleen voor het Roomse Zuiden dus. Dit ging ongetwijfeld over carnaval!


Het verbod van het Militair Gezag op maskers en verkleedpartijtjes tijdens carnavalsfeesten in 1919

In 1919 waren de Europese grootmachten nog steeds verwikkeld in de Eerste Wereldoorlog, ondanks de wapenstilstand die in november 1918 gesloten was. Nederland was ingesloten tussen verschillende landen die met elkaar in oorlog waren. De definitieve vrede werd pas op 28 juni 1919 in Versailles getekend.

Bovenstaand verbod moet in de context van deze oorlog gezien worden. De genoemde dagen in maart komen precies overeen met het carnavalsfeest van dat jaar. Op 30 maart vond overigens het ‘halfvasten’ plaats, dat vroeger ook uitbundig gevierd werd met bijvoorbeeld balfeesten. Tijdens de carnavalsfeesten gingen vele katholieken verkleed en vaak ook gemaskerd de straat op. Maar in oorlogstijd kan dit tot zeer gevaarlijke situaties leiden, bedacht het Militair Gezag. Met al die feestelijke maskers, kostuums en hoedjes waren mensen immers onherkenbaar en wie weet wat er onder al die vrolijke rokjes en tenues schuilging!
In 1916, toen de Eerste Wereldoorlog nog volop aan de gang was, werden er pas echt draconische maatregelen door het Militair Gezag genomen. Niet alleen mocht je geen maskers of kostuums dragen, maar je mocht ook geen toneelstukken opvoeren en zelfs het maken van muziek was uit den boze. Bovendien moesten alle "lokalen bestemd tot gezellig verkeer" om 12 uur ’s nachts hun deuren sluiten!

Gedeelte van de strenge maatregelen van het Militair Gezag in 1916
Ook vandaag de dag zien we voorbeelden van dit soort veiligheidsmaatregelen. Zo verklaarde George W. Bush in 2001 de oorlog aan het terrorisme. Tijdens een oorlog is het namelijk gemakkelijker om bepaalde zaken te verbieden. Steeds vaker hoor je in verschillende landen stemmen opgaan voor een boerkaverbod. Daarbij speelt zeker mee dat je dragers van een boerka moeilijk kunt herkennen en in deze tijden van dreigend terrorisme zou dat volgens sommigen gevaarlijk kunnen zijn.

Bovenstaande bekendmakingen van het Militair Gezag moeten dus als een veiligheidsmaatregel worden gezien ten tijde van oorlog. Al met al zullen het tussen 1914 en 1919 bijzonder saaie carnavalsfeesten zijn geweest, zo zonder muziek en al die verklede piraten, ridders en prinsessen!

 

woensdag 19 oktober 2011

Geen brave Hendrik!


Vonnis Hendrikus van Paasschen
Wat bracht de 21-jarige Hendrikus Marinus van Paasschen uit Willemstad zo van zijn stuk? Waarom vertoonde deze soldaat die gelegerd was bij de Motordienst van de 3e Compagnie in het Garnizoen van Delft dit wangedrag? Kwam het door liefdesverdriet of heimwee en gaf hij er daarom de brui aan? Of waren het de spanningen in Europa die bij deze jonge knaap opspeelden?

Het blijft gissen naar de ware oorzaak van zijn gedrag. Maar dat het die vijfde april 1919 rond 19.00 uur behoorlijk uit de hand loopt, is een feit. De jonge Hendrikus, zoon van Pieter Cornelis van Paasschen en Christina de Hon uit Willemstad, rijdt in zijn vierwielig motorrijtuig met het kenteken H 9723 op de openbare rijweg Oosterhout-Breda. Zijn roekeloze gedrag en rijsnelheid blijken een gevaar voor hemzelf en zijn omgeving. Ook de overweg van de spoorweg Breda-Tilburg is voor deze brokkenpiloot niet veilig. Stoppen voor een afsluitboom vanwege een naderende trein? Hoh maar, daar heeft deze knul nog nooit van gehoord!

Met volle vaart knalt hij tegen de afsluitboom, die daardoor compleet wordt verbrijzeld. De op dat moment naderende trein met het treinnummer 4143 van Breda naar Tilburg moet acuut tot stilstand worden gebracht. Iedereen is in rep en roer. “Het was een behoorlijke klap”, zal de spoorwachter later getuigen.
Hendrikus komt die dag met de schrik vrij, maar zal het later duur bekopen “met een geldboete van vijftig gulden, bij gebreke van betaling te vervangen door vijftig dagen hechtenis.”

Ongetwijfeld is zijn regelmatig terugkerende wangedrag meegerekend bij het vaststellen van deze straf. Zelfs het Hoog Militair Gerechtshof in Utrecht buigt zich nog over de zaak. Want, dit recalcitrante heerschap had wel meer op zijn kerfstok! De straflijst van deze op 3 januari 1918 in dienst getreden soldaat laat meteen al op 10 mei 1918 zien, dat hij weinig zorg heeft voor zijn wapen. Zo verschijnt hij die dag bij de oefening met een karabijn, waarop nog zand zit van een oefening van twee dagen eerder. Voor straf wordt hij hiervoor vier dagen vastgezet in de politiekamer.

Terwijl hij hier zit, maakt hij misbruik van een per ongeluk aan hem uitgereikte verlofpas. Gniffelend verlaat hij de politiekamer om te gaan genieten van zijn "verlof"… Ook daarvoor krijgt hij weer straf: twaalf dagen politiekamer. En zo gaat dit nog even door. Maandelijks wordt het ‘ongewenste gedrag’ van de heer Van Paasschen bijgewerkt op een straflijst die langzaam overvol raakt en niet één maar meerdere A-4'tjes telt…
Een bladzijde van de straflijst van Hendrikus van Paasschen