Posts tonen met het label 200RM. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 200RM. Alle posts tonen

maandag 21 november 2011

Het ware verhaal van Barend Costima

Nog maar even geleden stonden we in dit blog stil bij Barend Costima die was veroordeeld omdat hij rondzwierf zonder middelen van bestaan. We vroegen ons af wat het verhaal achter deze meneer was. En zie hier, we krijgen het antwoord van Suzanne Knibbeler-Costima die alles weet over de levenswandel van de broer van haar overgrootvader.

Suzanne reageerde op ons weblog en doet het ware verhaal uit de doeken. "Barend Aäron Costima werd op 31 mei 1843 als vijfde kind uit een gezin van dertien kinderen in Amsterdam geboren. Hij behoorde tot de Portugees Israëlische gemeenschap. Op 22 mei 1892 zit de politie in Leiden achter hem aan. Barend Costima vlucht. Omdat hij al zo vaak heeft vast gezeten (vanaf zijn 16e jaar, in 1859 te Hoorn), wilde hij graag uit handen blijven van het gerecht. Na zijn vonnis in Breda heeft hij nog vier keer vast gezeten in de gevangenis te Rotterdam. Op 19 september 1914 verlaat hij voor de laatste keer op 71-jarige leeftijd de gevangenis. Ook in dit beroep ga je een keer met pensioen. Op 7 augustus 1929 is hij op 86-jarige leeftijd in Rotterdam overleden."


Uit het onderzoek van Suzanne in het stadsarchief Amsterdam bleek dat Barend geen lieverdje was. In 1862-1863 wordt hij afgekeurd bij de Nederlandse militie omdat hij te klein is. Dan is hij sigarenmaker. Er volgt een waslijst aan strafbare feiten: diefstal, oplichting en verduistering, stelen van juwelen. Zijn levenswijze brengt hem op verschillende plekken. Van Hoorn naar Den Haag, van Amsterdam naar Antwerpen. Hij trouwt in 1883 met Martha Vogel, een weduwe met twee jonge kinderen. Hoe lang het huwelijk precies duurt, is niet bekend; wel dat het geen stand houdt.

Bedankt Suzanne, dankzij jouw informatie heeft Barend een gezicht en kennen we zijn verhaal!

maandag 31 oktober 2011

Napoleon verlaat Nederland via Grave

...Napoleon in Nederland...
De reis van Napoleon door Nederland begon in 1811 op 24 september in Zeeland en eindigde op 31 oktober - dus vandaag precies 200 jaar geleden - in Grave. Napoleon deed dit niet zomaar; hij wilde laten zien wie de baas in de Nederlandse gewesten was. Grave nam daarin geen belangrijke positie; het was vooral een doorgangsplaats, op weg van Nijmegen naar het Duitse Wesel.


...aanhef van de akte...

Omdat dit laatste blog is in het kader van 200 jaar rechterlijke macht - uiteraard ingevoerd door Napoleon - staan we stil bij het volgende stuk. Het komt uit de rechtbank van eerste aanleg, arrondissement Nijmegen (1811).

...Franse zegel op akte...
"Napoleon par la grace de dieu", begint deze akte  voorzien van mooie Franse zegels. Het gaat om de benoeming van een toeziend voogd. Mathieu Rietveld Brand, in garnizoen te Maagdenburg, veldheer in dienst van Zijne Majesteit de Keizer en Koning, zoo van Adriaan Brand uit het eerste huwelijk, wordt toeziend voogd over zijn halfzus Anetta.

Voogd wordt haar eigen moeder, de weduwe Brand-van Motz. De akte moet worden opgemaakt na het overlijden van Adrien Brand, oud-commies, op 7 oktober 1811 te... Grave

vrijdag 28 oktober 2011

Prijsvraag! Wie weet de juiste straf?

Na een maand vol blogs over 200 jaar rechterlijke macht heb jij - als lezer - wel enig inzicht hoe het er in deze afgelopen twee eeuwen qua straffen aan toe is gegaan. Maar hoe goed is je inzicht op dit gebied? Doe mee aan deze prijsvraag en win een kopie van een vonnis (aanwezig bij BHIC) naar keuze!

Meedoen is heel eenvoudig. We leggen twee zaken aan je voor en aan jou de taak om - aan de hand van multiple choice-vragen - de juiste straf erbij te kiezen. Het gaat om de volgende zaken:

Kwestie 1:
Henricus van der Sluis, sigarenmaker, 17 jaar, geboren en wonende in 's-Hertogenbosch heeft op 1 april 1900 een kwartje afhandig gemaakt van Jacobus Wilhelmus Hommes. In de sigarenwinkel van Vrouw Stevenaar wilde Jacobus Hommes sigaren afrekenen, en legde daartoe een kwartje op de toonbank. Henricus van der Sluis heeft dit toen snel opgepakt en is de winkel uitgerend.

Henricus kreeg hiervoor als straf:
A. een geldboete van een gulden, plus terugbetalen van het kwartje
B. een gevangenisstraf van 3 dagen
C. een gevangenisstraf van 6 weken  

Kwestie 2:
Franciscus Cornelis Bouchée, 22 jaar, (leiendekker), Jacobus Cornelus Wirken, 20 jaar (arbeider) en Adrianus van de Ven, 35 jaar (arbeider) hebben op 15 januari 1900 in Woensel met zijn drieën Willem van der Geer mishandeld door te slaan en te verwonden. Willem van der Geer woont in een woonwagen, welke de drie verdachten wilden omgooien. Daarop kwam Willem naar buiten en hebben de verdachten hem met een stuk ijzer (ter terechtzitting aanwezig) geslagen, zodat de tanden uit zijn mond vielen en zijn arm gekneusd.

De drie kregen hiervoor een straf van:
A. een geldboete van honderd gulden
B. een gevangenisstraf van zes maanden tot een jaar
C. een gevangenisstraf van drie jaar
 
Stuur je oplossing naar info@bhic.nl onder vermelding van prijsvraag en maak kans op de kopie van een vonnis dat je altijd al wilde hebben!

woensdag 26 oktober 2011

Wat je niet zag in de film over Osse Bende...


In het kader van 200 jaar rechterlijke macht is het maar een kleine stap naar de Osse bende die in de jaren dertig van de vorige eeuw Oss onveilig maakte. De film De Bende van Oss trekt deze dagen volle zalen; de eerste honderdduizend bezoekers hebben deze historische misdaaddrama inmiddels bekeken.

Maar wat krijg je niet te zien in de film? Nou, dit filmpje hieronder bijvoorbeeld ;-) Dat maakte onze streekhistoricus Henk Buijks tijdens de opnames van de film in Ravenstein. Aan het einde kun je mooi zien hoe mensen kijken naar dit taferaal, geleund tegen hun moderne auto die uiteraard niet in beeld is gekomen... Hoewel het niet de honderdduizend kijkers van de film benadert, zijn er al meer dan 3200 mensen die het filmpje hebben bezocht. En dat is voor een archief wel weer heel veel.

Hoe sterk de Osse bende nog steeds leeft, blijkt wel uit het feit dat er regelmatig wordt gereageerd op ons forum. Ook krijgen we soms mooi materiaal ingestuurd. Wat te denken van deze foto hierboven van Jan van der Pas, de vermoorde cafe-eigenaar. Ingestuurd door H. van Gestel:
"Janske is mijn oma en is hertrouwd met Wilhelmus van Gestel. Zij had samen met Jan van der Pas een zoon, Marinus, geboren 16 april 1931. Toen zij getrouwd is met Wilhelmus heeft ze Marinus naar Udenhout gehaald. Marinus woonde vanaf januari 1933 tot 24 april 1934 bij de ouders van Janske. Janske is in 1933 vertrokken naar Tilburg en is in maart 1933 in Udenhout terecht gekomen. Janske is gestorven op 44-jarige leeftijd op 20 december 1949. Ze heeft nog tien kinderen meer gekregen."

maandag 24 oktober 2011

Tarwebloem als smokkelwaar


Bij smokkel denk je niet direct aan tarwebloem. Althans, niet in 2011. Maar in 1916 ligt dat toch weer net iets anders. Een kijkje in de stukken van de rechtbank in Breda.

Ze zijn met z'n drieen. Cornelis de Backer, Petrus Sluijts en Petrus Dons zijn alledrie arbeider en wonen aan de Bosschestraat in Woensdrecht. Niet zo ver van de Belgische grens waar de Eerste Wereldoorlog in alle hevigheid woedt. Omdat de "werkzaamheden slap waren" - zo verklaren zij later - komen zij op het snode plan om zakken tarwebloem naar Belgie te smokkelen om zo hun inkomsten op te krikken.

Een flinke klus want ieder draagt een zak van 15 kilogram tarwebloem. Gebukt onder deze flinke last proberen zij "buiten openbare wegen en voetpaden om, door een perceel dennenbosch" de Belse grens te bereiken. Maar 2 kilometer daar vandaan worden ze in hun kraag gevat door de rijkswachter en zijn hulp ("onbezoldigd rijkswachter").

Dat betekent het einde van hun missie. Ze worden schuldig verklaard aan: poging tot uitvoer van een product afkomstig van tarwe. Geen geldboete maar twee weken brommen voor de drie mannen.

vrijdag 21 oktober 2011

Rondzwerven zonder middelen van bestaan

...uit het vonnis Barend Costima...
Mensen lastig gevallen? Gebedeld in het openbaar? Nee, niets van dit al. Barend Costima heeft "rondgezworven zonder middelen van bestaan." En voor deze landloperij luidt het vonnis zeven dagen gevangenis en drie jaren Rijkswerkinrichting.

Costima moet ooit betere dagen hebben gekend. Als beroep staat kleermaker genoteerd. Geboren en laatst wonende in Amsterdam maar nu op 49-jarige leeftijd al enige tijd rondzwervend in Zevenbergen. Wat zou Costima daar hebben gezocht? Het is inmiddels eind oktober als hij in 1892 ruim honderd kilometer verderop wordt aangetroffen. Over het hoe en waarom geen woord in het vonnis.

De zeven dagen hechtenis zal hij wel doorstaan maar drie jaar rijkswerkinrichting lijkt een vrij pittige eis. Het is niet duidelijk of Costima de drie jaar ook heeft volgemaakt. Duidelijk is wel dat zijn naam maar een keer in het archief opduikt dus we mogen wel aannemen dat hij daarna niet meer heeft rondgezworven maar uitsluitend via het rechte pad zijn leven heeft voortgezet.

woensdag 19 oktober 2011

Geen brave Hendrik!


Vonnis Hendrikus van Paasschen
Wat bracht de 21-jarige Hendrikus Marinus van Paasschen uit Willemstad zo van zijn stuk? Waarom vertoonde deze soldaat die gelegerd was bij de Motordienst van de 3e Compagnie in het Garnizoen van Delft dit wangedrag? Kwam het door liefdesverdriet of heimwee en gaf hij er daarom de brui aan? Of waren het de spanningen in Europa die bij deze jonge knaap opspeelden?

Het blijft gissen naar de ware oorzaak van zijn gedrag. Maar dat het die vijfde april 1919 rond 19.00 uur behoorlijk uit de hand loopt, is een feit. De jonge Hendrikus, zoon van Pieter Cornelis van Paasschen en Christina de Hon uit Willemstad, rijdt in zijn vierwielig motorrijtuig met het kenteken H 9723 op de openbare rijweg Oosterhout-Breda. Zijn roekeloze gedrag en rijsnelheid blijken een gevaar voor hemzelf en zijn omgeving. Ook de overweg van de spoorweg Breda-Tilburg is voor deze brokkenpiloot niet veilig. Stoppen voor een afsluitboom vanwege een naderende trein? Hoh maar, daar heeft deze knul nog nooit van gehoord!

Met volle vaart knalt hij tegen de afsluitboom, die daardoor compleet wordt verbrijzeld. De op dat moment naderende trein met het treinnummer 4143 van Breda naar Tilburg moet acuut tot stilstand worden gebracht. Iedereen is in rep en roer. “Het was een behoorlijke klap”, zal de spoorwachter later getuigen.
Hendrikus komt die dag met de schrik vrij, maar zal het later duur bekopen “met een geldboete van vijftig gulden, bij gebreke van betaling te vervangen door vijftig dagen hechtenis.”

Ongetwijfeld is zijn regelmatig terugkerende wangedrag meegerekend bij het vaststellen van deze straf. Zelfs het Hoog Militair Gerechtshof in Utrecht buigt zich nog over de zaak. Want, dit recalcitrante heerschap had wel meer op zijn kerfstok! De straflijst van deze op 3 januari 1918 in dienst getreden soldaat laat meteen al op 10 mei 1918 zien, dat hij weinig zorg heeft voor zijn wapen. Zo verschijnt hij die dag bij de oefening met een karabijn, waarop nog zand zit van een oefening van twee dagen eerder. Voor straf wordt hij hiervoor vier dagen vastgezet in de politiekamer.

Terwijl hij hier zit, maakt hij misbruik van een per ongeluk aan hem uitgereikte verlofpas. Gniffelend verlaat hij de politiekamer om te gaan genieten van zijn "verlof"… Ook daarvoor krijgt hij weer straf: twaalf dagen politiekamer. En zo gaat dit nog even door. Maandelijks wordt het ‘ongewenste gedrag’ van de heer Van Paasschen bijgewerkt op een straflijst die langzaam overvol raakt en niet één maar meerdere A-4'tjes telt…
Een bladzijde van de straflijst van Hendrikus van Paasschen

maandag 17 oktober 2011

De naam van Marietje Kessels leeft voort

Het kersverse boek De moord op Marietje Kessels doet de nodige stof opwaaien. Hierin stelt het nichtje Godelieve Kessels dat de Tilburgse pastoor George van Zinnicq Bergmann in 1900 de geruchtmakende moord op het 11-jarige meisje Marietje heeft gepleegd.

Een van onze vaste BHIC-bezoekers Henk Ruijs stuurde ons enkele dagen geleden het bidprentje van Marietje op. Hij schrijft erbij: "Vanmorgen stond er weer een ingezonden brief in het Brabants Dagblad over de zaak Marietje Kessels. Iemand die het opnam voor de pastoor. Hoewel het natuurlijk een zeer trieste gebeurtenis was, destijds, heeft het wel een zeer hoog Agatha Christie-gehalte.

Wie heeft het gedaan? Alle ingredienten zijn aanwezig: een onschuldig vermoord meisje, de pastoor, de koster, de schilder (die vanwege zijn "geringe komaf" natuurlijk bij voorbaat al verdacht is), de rijke, godvruchtige fabrikant, socialistische kringen in welke de pastoor bij voorbaat al verdacht is, de geheime gezanten uit Rome, etc. Agatha had het niet kunnen verzinnen.


Fascinerend en daarmee ook zeer begrijpelijk dat deze kwestie tot op de dag van vandaag de gemoederen bezig houdt. Hoe spijtig ook dat toen een jaar geleden het testament van Van Zinnicq - Bergmann na 100 jaar geopend mocht worden, er geen schuldbekentenis in zat.

Velen hadden daar op gehoopt en ook ik was zeer benieuwd. Maar daarmee zou de zaak eindelijk opgelost zijn en ergens, ergens zou dat toch ook wel weer jammer zijn. Want zo blijft de fascinatie in stand. Maar goed, het blijft natuurlijk om een verkracht en vermoord klein meisje gaan, laten we dat vooral niet vergeten."

Het Regionaal Archief Tilburg heeft een mooi Youtube-filmpje gemaakt over Marietje Kessels. En wist je trouwens dat er in het onderwijs weerbaarheidsprojecten worden gegeven onder de naam van Marietje Kessels? Ookal heeft het meisje er zelf niets aangehad, haar naam leeft voort.

vrijdag 14 oktober 2011

Crime passionel in Wanroij?

Een onvervalste crime passionel? Duidelijk is dat de moordenaar in Wanroij in 1931 niets aan het toeval overlaat: het slachtoffer Lieuwe van der Vleugel wordt niet alleen met een ijzeren staaf op het hoofd geslagen maar daarna met petroleum overgoten en in brand gestoken. Hoewel zij zelf nergens van wordt verdacht,  komt de naam van zijn vrouw nogal eens ter sprake. 

Lieuwe van der Vleugel is bijna twintig jaar directeur van de cooperatieve stoomzuivelfabriek Sint Cornelius in Wanroij. Als hij in april 1931 terugkeert van een reis, wordt hij ontvangen door zijn 22-jarige neef en het wordt een gezellige avond. Om half negen wil Lieuwe even naar zijn kippen kijken en zijn neef loopt mee.
Wat dan gebeurt, blijft raadselachtig. Volgens de neef schrikt hij van een fel licht in het kippenhok en weet hij verder niets meer. Feit is wel dat Lieuwe zwaargewond achterblijft. Lieuwe overleeft de aanslag aanvankelijk en ontvangt zijn neef aan zijn bed. Hij aait hem over zijn gezicht en zegt: "Wat ben je lang weggebleven." Oom en neef zijn beiden vrienden, meldt het Boxmeers Weekblad op 8 oktober 1932.

De veldwachter doet een opmerkelijke getuigenis. Volgens hem komt de neef op de bewuste avond naar hem toe en zegt hij dat hij zijn oom met een ijzer heeft geslagen. Bovendien zegt hij: "Ik heb het gedaan, ik zeg het toch zelf Breng me gauw naar het cachot want daar moet ik nu toch heen." De veldwachter gaat eerst naar het slachtoffer kijken en vindt inderdaad de zwaargewonde Lieuwe thuis; half verbrand en met een deels verbrijzelde schedel. Zijn echtgenote informeert echter naar haar neef en vraagt waar hij blijft. Zij gaat vervolgens naar hem op zoek, haar gewonde man achterlatend.
Dit, plus het feit dat de neef tien foto's met daarop de echtgenote op zak heeft, leidt ertoe dat er heel wat geruchten op gang komen. Hoewel niemand de zachtaardige neef tot zoiets gruwelijks in staat ziet en iedereen vindt dat de directeur en zijn vrouw een goed huwelijk hadden, gaat het praatje snel rond: zou het een crime passionel zijn geweest?

De toegetakelde directeur lijdt - volgens het Boxmeers Weekblad - drie dagen "ondraaglijkste pijnen, in vreeselijk verminkten toestand, doch was niettemin bij volle kennis". Hij overlijdt uiteindelijk aan de gevolgen van zijn brandwonden. Over de echte moordenaar wordt ook jaren later nog volop gespeculeerd. Kijk maar eens bij de reacties op onze site.

woensdag 12 oktober 2011

Beurs gevonden? Gauw een kalf kopen!


Achter de kille letters van de rechtbank gaat vaak een persoonlijk drama schuil. Ookal is het strafbare feit niet zo heel erg groot. Maar hoelang droomt Dina Kerkhof al van een eigen kalf? En hoe ver is zij bereid daarvoor te gaan?

In het vonnis van de Arrondissementsrechtbank in Den Bosch lezen we wat er op die mooie lentedag 7 mei 1900 in Den Dungen precies gebeurt. De negenjarige Leentje vindt een portemonnee met flinke inhoud. Tien guldens, vier rijksdaalders, twee guldens, twee kwartjes, een dubbeltje en vijf centen. Om precies te zijn 22 gulden 65. Leentje brengt de beurs naar haar moeder Dina die viavia al over de vondst van haar dochter heeft horen praten.

Dina handelt snel en doordacht. Zij neemt de beurs van haar dochtertje en geeft haar een zakje met steentjes waarmee Leentje buiten moet gaan spelen. Liefst in de buurt van diegenen die hebben kunnen zien dat Leentje iets heeft gevonden. De portemonnee zelf verbergt Dina snel in een kast. Een paar dagen later geeft Dina haar man 21 gulden om een kalf te kopen. De rest van het geld bergt ze weer op in de kast.

Maar de rechtmatige eigenaar, Petrus Raaijmakers, heeft ook horen praten van de vondst van Leentje en vindt het wel erg toevallig dat dat gebeurde op het moment dat hij zijn portemonnee verloor. Hij gaat verhaal halen bij Dina, in bijzijn van brigadier der Marechaussee Boogerd. Die vindt de beurs met het overgebleven geld. En Dina moet mee.

De officier van justitie eist zes weken gevangenisstraf maar de rechter beslist dat Dina veertien dagen achter slot en grendel moet. "Rechtdoende in Naam der Koningin verklaart beklaagde schuldig aan diefstal", zo staat te lezen.

vrijdag 7 oktober 2011

Strafblad voor grazen van schapen

Het zal je maar gebeuren. Ben je een 15-jarige schaapsherder, moet je de bak in omdat je je schapen hebt laten grazen op de grond van een ander. Het overkwam Robertus Poppeliers uit Riethoven in 1872.

We hebben een aardig beeld van de jongeman in kwestie: een gezonde knul van 15 jaar, nog maar 1.35 meter hoog, blauwe ogen en blond haar. Ovaalvormig gezicht, rond voorhoofd, spitse neus en ronde kin. Een baard was nog niet te bekennen.

Zijn wieg stond in Riethoven, waar hij op 14 augustus 1858 geboren is. Zijn ouders  Willibrordus (soms ook Wilhelmus genoemd) Poppeliers en Elisabeth Smolders hadden een keuterboerderijtje aan de Hobbel, dat voor een deel eigendom was van de Armen van Riethoven. Robertus  scharrelde zijn kostje bij elkaar als schaapherder. Laten we hem hier Bertus noemen.


Bertus werd beschuldigd van twee "misdrijven". Op 5 en 7 augustus 1873 had hij opzettelijk zijn kudde schapen laten grazen in de hakbossen ofwel kreupelhout van Christiaan van Lieshout en Petrus van de Waarden. De straf van twee geldboeten van elk drie gulden, konden blijkbaar Bertus noch zijn ouders betalen. Bertus moest daarom de cel in. Van 11 tot 13 maart 1873 zat hij zijn straf uit in het Huis van Bewaring in Eindhoven.

Hoe liep het af met Bertus? Bertus (Norbertus bij zijn huwelijk) trouwde als 30-jarige man op 25-1-1889 met Maria Catharina Vermeulen uit Hoogeloon en bleef daar ook de rest van zijn leven wonen. Schaapherder was hij al lang niet meer. Hij verdiende de kost als metselaar en bleef dat tot aan zijn dood. Kinderen kreeg het echtpaar niet, maar zij namen doorlopend kostgangers in hun huis op. Op 20 april 1917 is Robertus in Hoogeloon op 58-jarige leeftijd overleden.  

woensdag 5 oktober 2011

De Daltons met bolhoed

...De Daltons uit het zuiden...
De Daltons danken hun bekendheid vooral uit de strips van Lucky Luke. Maar deze beruchte boeven zetten rond 1890 ook in werkelijkheid heel wat bank- en treinovervallen in de Verenigde Staten op hun naam. Een vergelijkbare club is in 1905 ook in Breda actief. Een soort Daltons maar dan met bolhoed en een zachte g.


Het gaat om vier mannen, twee uit Nederland en twee uit België. De twee Nederlanders (Ooijens en Duquesnoy) leren elkaar kennen in Waalwijk waar zij allebei schoenmaker zijn. Duquesnoy heeft ook een herberg in Rotterdam en daar leert het duo meneer Domhoff uit Zundert kennen. Het idee om brandkasten te kraken, komt van hem. Hij kent ook wel een paar "mannetjes" die dat heel goed kunnen. Deze mannetjes zijn de Belgen, Van Gelder en Guilliams uit Antwerpen. Ooijens en Duquesnoy hoeven "slechts" de plaatsen aan te wijzen waar de brandkasten staan.

Hoewel de heren in het proces-verbaal de beschuldigende vinger naar elkaar steken, kun je er dit verhaal uit afleiden. Op zondag 20 november 1905 ontmoeten de vier elkaar in het huis van Duquesnoy. Daar spreken zij af om in te breken in de ijzergieterij van de Gebroeders Cosijn aan de Tramsingel in Breda. Maar op weg daar naar toe zien ze aan de Veemarkt dat meneer Zwang, handelaar in muziekinstrumenten, samen met zijn vrouw, de winkel afsluit om naar huis te gaan.

Ze besluiten om eerst in dit huis in te breken. Duquesnoy en Ooijens staan buiten op wacht. Na ruim een uur komen de Belgen weer naar buiten. Thuis wordt de buit bekeken: ongeveer vijftien gulden, een gouden horloge met een kettinkje en een gouden herenring. Hierna gaan ze alsnog naar de ijzergieterij. De Belgen breken weer in, terwijl de andere twee op wacht staan. Maar nadat de voordeur eenmaal open is, gaan ze alle vier naar binnen. 
...de gekraakte brandkast van meneer Zwang...
Na tien minuten horen zij rumoer op het terrein rondom de gieterij. De politie heeft lucht gekregen van hun klus en is gearriveerd. Ooijens en Duquesnoy worden eerst gearresteerd. De Belgen vluchten eerst nog naar boven, maar worden al gauw ook opgepakt. Ook Domhoff moet worden aangehouden voor medeplichtigheid, maar de geruchten gaan dat hij gevlucht is. Dit is mogelijk doordat de Commissaris van Politie te Breda moet wachten tot het telegraafkantoor op maandag 21 november (om 7.30 uur) open gaat om een telegram te sturen naar de Brigade Commandant van de Marechaussee te Zundert.

uit: Gerechtshof in ’s-Hertogenbosch, 1838-1930 (Toegangsnummer 22, inv.nr. 284)
Procesdossier rolnummer 5773, jaar 1905. J. van Geldere, J. Guilliams, Th. Duquesnoy en A. Ooijens, diefstal. 

maandag 3 oktober 2011

Dood door het zwaard

deel uit het vonnis tegen Heiligers


Voordat we in 200 jaar rechterlijke macht duiken, kijken we eerst naar de tijd ervoor. Hoe ging het er toen aan toe?

Voor de invoering van één uniforme rechterlijke organisatie in 1811 werd er door verschillende mensen en op verschillende manieren gestraft. Het was in feite een grote wir-war van kleine en grote gerechten, schepenbanken, drostambten en baljuwschappen die per regio en per plaats konden verschillen. Ook de vorm van straffen liep uiteen. Zo had je de schavotstraf. Als straf werd je op een verhoging tentoongesteld. Soms werd je alleen maar uitgescholden, maar als je iets ergers had gedaan werd je geslagen, gebrandmerkt of zelfs ter dood gebracht.

In een ander geval werd je naar een tuchthuis gestuurd (gevangenissen zoals wij ze kennen, waren er nog niet). Dat betekende niet alleen dat je vast zat, je moest ook de hele dag hard werken. Voor zware misdrijven kon iemand ter dood worden gebracht: onthoofding door het zwaard, verbranding op de brandstapel, verwurging aan de paal, ophanging of radbraken. Of er werd een lijfstraf opgelegd: geseling, brandmerken of het afsnijden van een oor. Straffen als boetes en verbanning uit de stad werden veel vaker opgelegd.

Voor een praktijkgeval gaan we terug naar Wanroij 1692. Heijliger Heijligers, inwoner van Wanroij en justitiedienaar in het Land van Cuijk, doodde op 30 december 1692 zijn dorpsgenoot Jan Jacob Smit met een schot uit zijn snaphaan (een soort geweer). De aanklager maakte de dagvaarding tegen Heijligers met klokkenluiden en aanplakbiljetten in Wanroij en Mill bekend, maar de dader is dan al het land uit gevlucht. Het proces wordt in zijn afwezigheid gevoerd. Het vonnis luidt: “Ingeval van arrestatie de dood door het zwaard. Confiscatie van goederen en betaling van kosten en lasten der justitie.”

vrijdag 30 september 2011

Onafhankelijke rechtspraak, dankzij Napoleon


Reden voor een feestje want de rechterlijke macht bestaat tweehonderd jaar. Napoleon voert de Franse wetgeving in 1811 in Nederland in. Hoe zeer tijden ook veranderen; conflicten zijn er altijd geweest. In die gevallen zoeken mensen naar iemand die recht kan spreken.

Hanneke
Nadat Napoleon Nederland heeft ingelijfd, wordt op 1 maart 1811 de Franse wetgeving ingevoerd. Een essentieel onderdeel daarvan is de scheiding der machten. De rechtspraak moet onafhankelijk en onpartijdig zijn. De wetgever, de bestuurder en de rechter hebben vanaf dat moment allemaal een aparte taak.

Annemarie
In oktober staan we op ons blog op verschillende manieren stil bij het jubileum van de rechterlijke macht. Het BHIC heeft namelijk dozen vol strafdossiers en faillissementen en allerlei andere zaken waarbij de rechterlijke macht een rol speelt.

Mariët
Onze collega's van de studiezaal - Annemarie, Hanneke en Mariët - laten deze stukken bijna dagelijks door hun handen gaan. Een selectie van de meest opvallende, leukste of opmerkelijkste gevallen komen in oktober aan bod in Brabant Bekijken. Van onschuldige schaapsherder tot koelbloedige moordenaar: drie keer in de week een ander intrigerend verhaal... Hou ons in de gaten!