Posts tonen met het label Herpen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Herpen. Alle posts tonen

maandag 28 september 2015

'Handboeksken' van een zwerver

Het 'handboeksken' van arme sloeber Willem van Genabeck
Zo op het eerste oog lijkt het een doodnormale man, die Willem van Genabeck. Bruin haar, blauwe ogen, een gewone neus... Maar achter dit unieke 'handboeksken' gaat een tragisch verhaal schuil. Talloze keren pakt Willem zijn biezen en verkast, op zoek naar een beter leven. Reis mee door Nederland, België én Duitsland met deze arme sloeber uit Grave!

Duitse stempeltjes
Tegenwoordig moet je je overal kunnen legitimeren en op vliegvelden wordt je paspoort zorgvuldig gecontroleerd. Maar ook in de vroege 19e eeuw werd je als reiziger nauwkeurig in de gaten gehouden. Onze Willem uit Grave maakte in de jaren twintig meerdere reizen in de omgeving van Düsseldorf en Enschede. Onderstaande 'Eingangs-pass' had hij hard nodig om de verschillende grenzen te passeren. 

Met deze 'Eingangs-pass' kon de zwerver vrij door Pruisen reizen
Het document bevat een korte beschrijving van de uiterlijke kenmerken van Willem van Genabeck. Rond 1827 lijkt zijn armoede nog enigszins mee te vallen. Hij voert veelvuldige transporten uit in de Duits-Nederlandse grensregio. Ook lezen we dat zijn gezichtskleur toentertijd nog 'Gesünd' was; kennelijk kon hij hier zijn boterham dus nog aardig verdienen.

Kun jij alle steden ontdekken waar Willem met zijn kar te vinden was?

Als we deze pas voorzichtig (!) openslaan, zien we vele aantekeningen van Duitse en Nederlandse beambten, die Willem toestemming verlenen om te transporteren in hun gebied. De precaire toestand van het papier verraadt dat Willem het vaak uit zijn zak heeft moeten halen om een stempeltje te krijgen...

'Handboeksken'
In 1829 was de koek in Duitsland kennelijk op en zoekt Willem van Genabeck zijn geluk in België en Nederland. De Duitse pas was niet meer geldig, dus tijd voor een nieuw paspoort! Begin 19e eeuw sprak men natuurlijk nog niet over ID-kaarten of paspoorten, maar simpelweg over een 'Handboeksken.'

Ook in dit boekje vinden we de uiterlijke kenmerken van Willem met zijn platte voorhoofd en zijn ovale 'aenzigt.' Zijn eerste werkgever was een hoedenmaker uit het Limburgse Blitterswijk, bij wie Willem zich drie maanden 'trou en eerlijk' in het zweet heeft gewerkt.
Onze Willem heeft overal 'trou en eerlijk' gewerkt, maar werd toch overal uit gekickt!
Elke baas geeft de arme Willem slechts enkele weken of maanden werk en zet hem vervolgens weer doodleuk op straat. Uit het 'Handboeksken' blijkt dat hij nergens stennis heeft geschopt of in aanraking is gekomen met de politie. Toch moet hij telkens weer verkassen: van Blitterswijk naar Antwerpen, van Antwerpen via Mechelen en Brussel naar Grave en vervolgens trekt hij langs meerdere Brabantse steden.

Straatarme stakker
Hoe is het afgelopen met deze berooide zwerver, die altijd maar weer naarstig op zoek was naar werk en een dak boven zijn hoofd? Helaas geen mooi sprookjeseinde voor Willem. De harde werker is nooit getrouwd en belandde uiteindelijk in de armenzorg. Op 21 februari 1845 stierf hij in Herpen, waar hij op dat moment in de kost was van het armbestuur.

Willem sterft ook in armoede, niet op 75 jarige leeftijd, zoals we in de memorie lezen, maar toen hij slechts 55 jaar oud was
In de memorie van successie lezen we dat Willem van Genabeck geen roerende of onroerende goederen heeft achtergelaten en dat zijn erfgenamen, die overigens zelf ook 'onvermogend' waren, niets aan zijn overlijden hebben overgehouden. Er viel bij deze straatarme stakker, die tijdens zijn leven nooit enig bezit heeft gehad, natuurlijk ook niets te halen...


Geschreven door:
Lisette Kuijper  

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
Echte armoede!
In en in triest...

De beste verhalen via e-mail ontvangen?
 

woensdag 18 september 2013

Herpen uit de brand!

...uit de Telegraaf, 27 april 1934...

Stichting Herpen in woord en beeld heeft de voormalige brandweerkazerne opgeknapt en omgetoverd tot heemkamer. Bij de opening hiervan - op zaterdag 14 september 2013 - hield regiohistoricus Henk Buijks de geschiedenis van de Herpse brandweer tegen het licht. Een samenvatting hiervan in dit blog.

Al in de middeleeuwen moet er in Herpen zoiets als een brandweer hebben bestaan. Denk dan niet aan een geoliede organisatie met mannen in uniform, voorzien van ‘n helm en een grote brandspuit maar meer aan dorpelingen die elkaar hielpen met blussen met emmers water. Het oudste (door Henk Buijks gevonden) schriftelijk bewijs dat er in Herpen een brandweerorganisatie bestond, dateert uit het jaar 1710. Anthonius van Acker brengt dan bij het dorpsbestuur 6 gulden en 10 stuivers in rekening voor brandhaken en kettingen. Daarmee kun je restanten van afgebrande gebouwen neerhalen.  

In de 18e eeuw heeft Herpen in elk geval 1 brandkuil, een reservoir voor bluswater. In 1730 worden daar doornstruiken omheen geplant. Verder komt er een omheining van houten staken. Is dat om te voorkomen dat de brandkuil voor andere doeleinden wordt gebruikt? Of voor de veiligheid? Er is niemand die het ons nog kan vertellen. In de 19e eeuw komen er initiatieven van bovenaf. De provincie zorgt  in 1837 voor een Reglement ter voorkoming en blussen van brand in de plattelandsgemeenten. Herpenaar Derk Brands, van beroep kuiper, wordt benoemd tot brandmeester, en er worden ook 3 onderbrandmeesters aangesteld: schoenmaker Andries van der Sandt en de timmerlieden Philippus Jacobus van Zuijlen en Peter Brükx.
 
...uit Algemeen Handelsblad, 13-9-1933...
Tot een eind in de 20e eeuw verandert er weinig. In 1926 bestaat het brandweerkorps van Herpen uit 1 opperbrandmeester en 6 brandmeesters. Die hebben de beschikking over 1 brandspuit en 10 brandblusapparaten. Twee jaar later is er een brandspuitwagen, die door paarden wordt getrokken. In 1930 sluit de gemeente voor het eerst een verzekering af voor het brandweerkorps. En wordt een nieuwe brandspuit met een grotere capaciteit (350 liter/minuut) aangeschaft, en langere slangen. En voert het gemeentebestuur in 1932 overleg met de buurgemeenten over de oprichting van een regionale brandweerkring Oss.

In de periode 1930-1940 haalt een grote aantal branden in en om Herpen ook de landelijke pers (zie illustraties) omdat niet alles van een leien dakje gaat... 
...uit Algemeen Handelsblad, 3 juni 1933...
Vanaf 1 april 1941 maakt Herpen deel uit van de gemeente Ravenstein, maar behoudt het dorp zijn eigen brandweerkorps, met na de oorlog ook een eigen brandweerauto. Nu de eigen brandweerkazerne nog. Die komt er in 1955, dit gebouw dus. Twee decennia later, in 1974, komen de klussende vrijwilligers in actie en pakken de kazerne aan. In de jaren tachtig groeit de brandweer uit zijn jasje. Er is geen geld maar in 1988 pakken de vrijwilligers het zelf aan en de brandweerkazerne kan weer ’n aantal jaren mee!

Binnen tien jaar (in 1995) wordt besloten tot samenvoeging van de korpsen van Ravenstein en Herpen.  Dat betekent dus: sluiting van de kazerne in Herpen! Op zaterdag 6 januari 1996 rijdt de 19 jaar oude Mercedes 1113 met loeiende sirene en de zwaailichten aan langzaam de Rogstraat op. Begeleid door de Ravensteinse brandweerauto koerst het Herpense voertuig richting Schaafdries. Het toegestroomde publiek beluistert zwijgend de donkere tonen van een Dodenmars, gespeeld door de Bönlander Hofkapel.
  
Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Brand!

zaterdag 6 februari 2010

Brand!


Wie hoort ze eigenlijk niet? De (bijna) dagelijks terugkerende, loeiende sirenes van brandweerauto's die zich met volle vaart door de straten spoeden, op weg naar een uitslaande brand. Vreemd genoeg realiseert bijna niemand zich op dat moment ten volle welk drama zich achter zo'n spoedklus van de brandweer kan afspelen. Misschien maar goed ook, Want hoe verpletterend was het nieuws over de gasexplosie in het centrum van Luik waar we vorige week woensdagochtend mee werden gewekt?

Dat uitslaande branden, groot of klein, van alle tijden zijn, toont deze foto uit Herpen. Het is 22 december 1964 en Herpen is in afwachting van de kerst. Plotseling loeit de sirene: brand! De plaatselijke 'spuitgasten' haasten zich naar de kazerne om daarna uit te rukken. Bijzonder was dat dit Ravensteinse kerkdorp na de gemeentelijke herindeling van 1942 zijn eigen brandweer had behouden. Het brandende huis was fors bemeten en zo te zien een boerderij. Welke familie er woonde en welk drama zich hier heeft afgespeeld zullen we misschien wel nooit te weten komen...

Foto: plaatselijke brandweermannen in Herpen aan het werk, 1964