Posts tonen met het label aanslag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label aanslag. Alle posts tonen

maandag 21 maart 2016

Aanslag in Ravenstein!

...compressorstation in Ravenstein...
In een uithoek van Bedrijventerrein De Bulk bij Ravenstein staat het Compressorstation van de Gasunie. Het is een onmisbare schakel in het transportnet van het aardgas richting Zuid-Nederland en over onze grenzen. Een kwetsbaar object ook, vandaar dus de hekken en verbodsborden rondom het terrein. Vast staat wel dat de installaties ten tijde van de oplevering, in 1970, nauwelijks beveiligd waren. Maar ja, het was een andere wereld toen…

Het is zaterdag 5 februari  1972, 10 uur ‘s avonds. Joop van den Berg, commandant van de Rijkspolitie in Ravenstein, heeft zijn dienst erop zitten. Op weg naar huis ziet hij in de polder een auto langs de weg staan. Visstropers? Nee, toch niet: een Frans nummerbord en in de auto twee mannen en een vrouw. Helaas schiet het Frans van de politieman tekort om een gesprek aan te knopen en hij vergeet het nummerbord te noteren. Maar deze avondlijke ontmoeting blijft hem bij.

Om 4 uur ’s nachts worden Overlangel en Ravenstein opgeschrikt door een tweetal zware explosies. De hemel kleurt roze en in de verte is een vuurbal te zien met een paddenstoelwolk erboven. Mevrouw Van Dijk uit Overlangel moet meteen aan de atoombom van Hiroshima denken. De brandweer rukt uit, richting Compressorstation, want daar is het te doen: een gat in een gasbuis waarlangs het aardgas naar buiten stroomt en opbrandt in een steekvlam van 70 meter hoog. De blusmiddelen schieten tekort, dus wordt de Gasunie opgetrommeld. Ondertussen laat burgemeester Bonnier het hele dorp Overlangel evacueren.

Zondagochtend 10 uur heeft de Gasunie de buis gedicht, zodat iedereen weer naar huis kan.
Ook in het Overijsselse Ommen worden ze die nacht rond 4 uur wakker van een ontploffing in het Gasstation. Dit kan geen toeval meer zijn. Spoedig wordt gedacht aan sabotage of een terroristische aanslag. Maar wie zit erachter? De Rode Jeugd in Eindhoven? Of de Palestijnse bevrijdingsbeweging Zwarte September?

Pas in november 1972 worden in Parijs twee van de daders opgepakt, vanwege een moordaanslag: de Algerijn Haboudiche en de Franse journaliste Thérèse Lefèbvre. Joop van den Berg identificeert hen als inzittenden van “de Franse luxewagen” bij Ravenstein. Achteraf is hij blij dat hij hen niet sommeerde de kofferbak te openen. Dat had hij vast niet overleefd!

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad


Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Komt de Beerse Maas terug?
- De Hertogswetering

De beste verhalen via e-mail ontvangen?





woensdag 10 februari 2010

Dreigen met hamer, bij gebrek aan bom


Een spannende dinsdagochtend, 9 februari 2010, voor treinreizigers in en rond Den Bosch. Het bericht dat iemand een aanslag op een trein wil plegen, zorgt vanzelfsprekend voor de nodige onrust. Achteraf blijkt het allemaal met een sisser af te lopen. Hoe treurig ook: aanslagen is niet typisch iets van deze tijd.
Uiteraard verschilt de manier waarop vijf eeuwen geleden een aanslag werd gepleegd totaal met nu. Niks dreigen met bommen in 1544 in Groeningen, maar "gewoon" zwaaien met zware hamer.

Dat blijkt uit de getuigenverklaringen over de aanslag op de Overloonse pastoor Floris van de Laer. Zodra hij samen met zijn broer eind november 1544 een café verlaat, komt Arnt Spaenrebock te paard aangereden. Spaenrebock noemt zich graaf en is "een voornaam heer uit Heijen", zoals getuigen hem omschrijven. Wellicht wel voornaam maar zeker niet aangenaam, weten mensen uit Heijen. Daar heeft Arnt de reputatie van een flinke ruziezoeker.

Kennelijk heeft ook de pastoor iets gedaan wat dit heerschap niet bevalt. Bij het zien van Floris roept Arnt: "Ghy verreerder hebbe ick U nu hyr!". Erg dapper is het niet want Arnt heeft minstens zes of zeven knechten bij zich. Floris en zijn broer zien de hamer van Arnt op zich afkomen en kruipen snel onder dichtbijstaande wilgenstruiken. Kennelijk is het donker want de pastoor verdwijnt hierdoor al snel uit beeld. "Waer is dess paep bleven?" wordt er geroepen door Arnt en zijn mannen maar ze vinden hem – noch zijn broer.

Floris moet snel zijn ontkomen want hij blijft nog enkele jaren pastoor van Overloon. Wat er precies speelde tussen hem en Arnt wordt tijdens het onderzoek naar de 'aanslag op de pastoor' in die jaren niet duidelijk. Er doet zich enkel het gerucht voor dat "die Greeff (Spaenrebock) ende here Floris aan het crige waren".

Foto: Een druk station, maar dan ten tijde van de mobilisatie 1914-1918, in Uden