Posts tonen met het label 1744. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 1744. Alle posts tonen

woensdag 1 april 2015

Feest in Den Bosch in 1744 valt letterlijk in het water

...illustratie uit de Europische Mercurius... 
Alles is in kannen en kruiken. De huwelijksreis van aartshertogin Maria Anne en haar gemaal Prins Karel van Lotharingen in 1744 – beiden gouvernante en gouverneur der Nederlanden – zou gaan via Praag, Dresden en Leipzig en uiteindelijk - via het land van Kleef - ook Noord-Brabant aan doen. Ook ’s-Hertogenbosch staat op de route en daar begint men al snel aan de voorbereiding.

Want in het kielzog van het kersverse echtpaar komt een stoet van 27 zadelpaarden, 178 transport- of trekpaarden met karren voor de bagage en 25 à 30 losse paarden (voor het geval dat er paarden zouden uitvallen wegens ziekte of overmatige vermoeidheid). Dat zijn 230 viervoeters in totaal! De voorbereiding van dit hele gezelschap heeft dan ook de nodige voeten in aarde.

Want let wel: de reis vindt plaats halverwege de 18de eeuw dus te paard (al dan niet in rijtuig), deels over kasseiwegen of zandbanen of per schip. De vorstin kiest voor het eerste alternatief. De boden van de Staten Generaal krijgen het druk want alle gouverneurs, commandanten en commanderende officieren van diverse garnizoenssteden worden aangeschreven. Er moeten brieven met beschrijvingen bezorgd worden bij de heren Staten van Gelderland, de ambtman van Grave, de hoogschout van stad en meierij van ’s-Hertogenbosch, de drosten van Loon op Zand en Breda en zij op hun beurt dienen andere belanghebbenden in hun district van de juiste informatie te voorzien.

Een kostbare operatie: de Staten van Brabant in Brussel – die hun goedkeuring aan die reis hebben gegeven – verleent een subsidie van maar liefst 1.200.000 florijnen waarvan  500.000 als huwelijksgift voor het majesteitelijk echtpaar.
 
...illustratie uit de Europische Mercurius... 
In de resoluties van de Raad van State staat het relaas over deze reis vermeld. In de brief van de gezant staat dat het prinselijk paar op 16 maart in Grave zou arriveren, om de volgende dag naar ’s-Hertogenbosch te gaan en op de 18de van ’s-Hertogenbosch via Loon op Zand (waar de paarden werden gewisseld) naar Breda te trekken. Volgens het voorlopige routeschema zou de dag daarna koers gezet worden richting Brussel.

Maar dan stijgt het water van de Maas, en wel tot zó’n hoogte dat stadhouder Juin laat weten dat de route van Grave naar ’s-Hertogenbosch te gevaarlijk is. Terwijl de Bosschenaren nog eens langs alle voorbereidingen lopen – kanonschoten afvuren, klokken luiden, vreugdevuren, inwoners in twee rijen langs de straten en grootse ontvangst in het stadhuis –  wordt besloten verder te reizen via Nistelrode, Vorstenbosch, Veghel, Schijndel naar Boxtel, om van daaruit via Tilburg garnizoensstad Breda te kunnen bereiken. Indrukwekkend voor de inwoners van deze dorpen en een grote domper voor ’s-Hertogenbosch. Een feest dat letterlijk in het water valt.

bronvermelding:
BHIC toegang 178 inv.nr.341 Resoluties van de Raad van State dienstjaar 1744 1e kwartaal – folio 310 dd. 6 maart 1744 en folio 383 verso dd. 13 maart 1744
Mr. Johan Hendrik van Heurn Historie der Stad en Meyerye van ’s-Hertogenbosch vierde deel [1729-1766] Utrecht 1778 – heruitgave Adr. Heinen [1974] pagina 72 e.v.
Nederlandsch Gedenkboek of Europische Mercurius 1744 1e deel [University of Michigan – General Library

Deze gastblog is van de hand van Henk Beijers. Ben jij ook op een mooi verhaal gestuit tijdens je genealogische of historische onderzoek? En wil je dat verhaal delen? Stuur het in! Niet te lang (rond de 250 à 350woorden), illustratie erbij en we plaatsen het op ons weblog. Wie durft? :-) 


Vind je dit interessant? Lees dan ook: 


vrijdag 21 december 2012

Het einde van de huisvrouw

"Omdat het huishoudbedrijf een vak is dat geleerd moet worden en dat beter of minder goed kan worden uitgeoefend." Oprichtster Anna Polak was heel duidelijk waarom op 17 december 1912 de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen werd opgericht. 

In 1926 volgde het eigen keurmerk "Goedgekeurd door de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen". Maar honderd jaar later staat de vlag er heel anders bij. Wie nu om zich heenkijkt, ziet een heel andere wereld. Tweederde van de vrouwen heeft een betaalde baan en beschouwt zichzelf niet meer als huisvrouw. Ook vrouwen die bewust afzien van een betaalde baan, noemt zich liever geen huisvrouw. En nu is ook deze naam niet meer terug te vinden in die van de vereniging. Die gaat voortaan door het leven als NVVH Vrouwennetwerk.

In het archief komen verschillende foto's van huisvrouwen voor. Maar één illustratie valt daarbij op. Het gaat om het bidprentje uit 1774 van Maria Pennings. "Huisvrouw van Martinus Pennings, geboren te Heeswijk den 11 april 1774, en aldaar op den 27 december 1824 wreed vermoord in haar huis". Een heel wrang einde van een huisvrouw.