Posts tonen met het label Water. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Water. Alle posts tonen

woensdag 20 januari 2016

Gevecht met het water

...een kaart van het Hoog Hemaal uit 1680 toont het gebied dat tot dit waterschap behoorde, met de stad 'Osch''...
We maken een sprong van meer dan 690 jaar terug in de tijd, naar de middeleeuwen. Naar 1325 om precies te zijn. We blijven wel dichtbij huis, in de Brabantse Maaskant. Daar is hard gewerkt aan de beteugeling van de Maas: van Dordrecht tot voorbij Megen liggen er in 1325 dijken langs de Maas.

Er is ook een afwateringssysteem gecreëerd. Een netwerk van sloten en de pas gegraven Hertogswetering brengen het teveel aan regenwater naar Gewande, waar het via een sluis uitstroomt in de Maas. Behalve wanneer het rivierpeil te hoog is, want dan worden de sluisdeuren gesloten en kan het water er dus niet uit. Windmolens en gemalen zijn helaas nog toekomstmuziek.

Het gevecht met en tegen het water gaat niet vanzelf. Dijken en sluizen moeten worden onderhouden en sloten op diepte gehouden. Daar horen bindende afspraken bij, niet alleen voor het eigen dorp, maar ook met een hele regio. De grondeigenaren moeten de klussen opknappen. Wie dat niet doet, wordt gestraft! In Orthen, Rosmalen en Nuland zijn ze al zo ver. Daar bestaat sinds 1309 de Polder van der Eigen, bestuurd door zeven heemraden, afkomstig uit de drie dorpen. Het polderbestuur is ingesteld door hertog Jan II van Brabant, die alle afspraken heeft laten vastleggen in een perkamenten oorkonde of charter.

Ook In Lith en Lithoijen, en in het laaggelegen noorden van Geffen en Oss wordt de noodzaak gevoeld van een regionale aanpak van het waterprobleem. Inmiddels zijn de dorpsbestuurders zeker gaan buurten in de Polder van der Eigen en willen zij ook zo’n charter.  Op 27 november 1325 krijgen zij dat van hertog Jan III van Brabant. Ook hier worden zeven heemraden aangesteld: twee uit Lith, Lithoijen en Oss, en een uit Geffen. De polder krijgt pas later een naam: het Hoog Hemaal. Een hemaal is een omheinde plek waar recht wordt gesproken en bestuurd, en tevens het gebied dat onder dat bestuur valt. En waarom ‘hoog’? Vanaf 1349 vormen de Maasdorpen Alem, Maren en Kessel ook een regiopolder, het Laag Hemaal; ‘laag’, omdat deze polder benedenstrooms van het andere hemaal ligt, dat dus net iets hoger ligt en Hoog Hemaal wordt genoemd.

Het Hoog Hemaal heeft bestaan tot ver in de twintigste eeuw. Al die tijd hebben de polderbestuurders uit Geffen, Lith, Lithoijen en Oss niet kunnen bevroeden dat zij ooit deel zouden uitmaken van de ene grote gemeente Oss!

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Komt de Beerse Maas terug?
- De Hertogswetering

De beste verhalen via e-mail ontvangen?




woensdag 1 april 2015

Feest in Den Bosch in 1744 valt letterlijk in het water

...illustratie uit de Europische Mercurius... 
Alles is in kannen en kruiken. De huwelijksreis van aartshertogin Maria Anne en haar gemaal Prins Karel van Lotharingen in 1744 – beiden gouvernante en gouverneur der Nederlanden – zou gaan via Praag, Dresden en Leipzig en uiteindelijk - via het land van Kleef - ook Noord-Brabant aan doen. Ook ’s-Hertogenbosch staat op de route en daar begint men al snel aan de voorbereiding.

Want in het kielzog van het kersverse echtpaar komt een stoet van 27 zadelpaarden, 178 transport- of trekpaarden met karren voor de bagage en 25 à 30 losse paarden (voor het geval dat er paarden zouden uitvallen wegens ziekte of overmatige vermoeidheid). Dat zijn 230 viervoeters in totaal! De voorbereiding van dit hele gezelschap heeft dan ook de nodige voeten in aarde.

Want let wel: de reis vindt plaats halverwege de 18de eeuw dus te paard (al dan niet in rijtuig), deels over kasseiwegen of zandbanen of per schip. De vorstin kiest voor het eerste alternatief. De boden van de Staten Generaal krijgen het druk want alle gouverneurs, commandanten en commanderende officieren van diverse garnizoenssteden worden aangeschreven. Er moeten brieven met beschrijvingen bezorgd worden bij de heren Staten van Gelderland, de ambtman van Grave, de hoogschout van stad en meierij van ’s-Hertogenbosch, de drosten van Loon op Zand en Breda en zij op hun beurt dienen andere belanghebbenden in hun district van de juiste informatie te voorzien.

Een kostbare operatie: de Staten van Brabant in Brussel – die hun goedkeuring aan die reis hebben gegeven – verleent een subsidie van maar liefst 1.200.000 florijnen waarvan  500.000 als huwelijksgift voor het majesteitelijk echtpaar.
 
...illustratie uit de Europische Mercurius... 
In de resoluties van de Raad van State staat het relaas over deze reis vermeld. In de brief van de gezant staat dat het prinselijk paar op 16 maart in Grave zou arriveren, om de volgende dag naar ’s-Hertogenbosch te gaan en op de 18de van ’s-Hertogenbosch via Loon op Zand (waar de paarden werden gewisseld) naar Breda te trekken. Volgens het voorlopige routeschema zou de dag daarna koers gezet worden richting Brussel.

Maar dan stijgt het water van de Maas, en wel tot zó’n hoogte dat stadhouder Juin laat weten dat de route van Grave naar ’s-Hertogenbosch te gevaarlijk is. Terwijl de Bosschenaren nog eens langs alle voorbereidingen lopen – kanonschoten afvuren, klokken luiden, vreugdevuren, inwoners in twee rijen langs de straten en grootse ontvangst in het stadhuis –  wordt besloten verder te reizen via Nistelrode, Vorstenbosch, Veghel, Schijndel naar Boxtel, om van daaruit via Tilburg garnizoensstad Breda te kunnen bereiken. Indrukwekkend voor de inwoners van deze dorpen en een grote domper voor ’s-Hertogenbosch. Een feest dat letterlijk in het water valt.

bronvermelding:
BHIC toegang 178 inv.nr.341 Resoluties van de Raad van State dienstjaar 1744 1e kwartaal – folio 310 dd. 6 maart 1744 en folio 383 verso dd. 13 maart 1744
Mr. Johan Hendrik van Heurn Historie der Stad en Meyerye van ’s-Hertogenbosch vierde deel [1729-1766] Utrecht 1778 – heruitgave Adr. Heinen [1974] pagina 72 e.v.
Nederlandsch Gedenkboek of Europische Mercurius 1744 1e deel [University of Michigan – General Library

Deze gastblog is van de hand van Henk Beijers. Ben jij ook op een mooi verhaal gestuit tijdens je genealogische of historische onderzoek? En wil je dat verhaal delen? Stuur het in! Niet te lang (rond de 250 à 350woorden), illustratie erbij en we plaatsen het op ons weblog. Wie durft? :-) 


Vind je dit interessant? Lees dan ook: 


woensdag 30 december 2009

Oud en nieuw valt in het water


Niks geen vuurwerk of oliebollen in Oeffelt, tijdens de jaarwisseling van 1925-1926. Inwoners hadden wel iets belangrijkers aan het hoofd: hoe konden zij het wassende water keren?

Op donderdagmorgen 31 december breekt de dijk bij Nederasselt en ontstaat er een gat van 150 meter. Het water dat binnenstroomt, zet een groot deel van het Land van Cuijk blank. 's Avonds begeeft de dijk bij Oeffelt het op twee plaatsen.

"Het water stortte met geweld en met een oorverdovend gehuil door de allengs groter wordende dijkopeningen bij Den Urling en bij de Reetjes. Het stroomde de huizen en de stallen in en zette alle straten blank. De mensen vluchtten naar de zolders. Het vee, dat tot aan de borst in het water stond, werd aan zijn lot overgelaten", schrijft de krant De Echo.

Het wassende water slaat hard toe. Op honderd meter van de Molenstraat na is Oeffelt de eerste dagen van het nieuwe jaar helemaal ondergelopen. Er komen geen inwoners om; wel verdrinken er ongeveer 500 kippen, 15 varkens, een koe en een schaap.

Op 10 januari, als het water al sterk zakt, komt de gemeenteraad bijeen. Zij bespreekt de toestand van het dorp én de schuldvraag. Wie had kunnen voorkomen dat de dijken zouden doorbreken?

Lees meer over de hoge waterstand en over het antwoord op de schuldvraag op onze website.

Foto: Oeffelt, het Looi bij hoog water, 1926