Posts tonen met het label klooster. Alle posts tonen
Posts tonen met het label klooster. Alle posts tonen

vrijdag 1 januari 2016

Boze moeder overste wil geld op nieuwsjaardag

...moeder overste dreigt met verdere stappen...
Lang niet iedereen kijkt – om uiteenlopende redenen - vol verwachting uit naar het nieuwe jaar. Dat was vroeger bepaald niet anders. Als we door de schepenprotocollen en notariële protocollen van de 16de, 17de en 18de eeuw bladeren, merken we dat 1 januari voor velen een niet benijdenswaardige dag is. Want nieuwsjaardag, dat betekent vooral flink dokken.

Zoals voor Jan Henrixsone van den Bogaert, Eymbert Lambert Eymbertss en Henric Diric Gilis. Samen zijn ze Henric Jan Deckerss. en Sebert Janss. nog vijftig gulden schuldig. Te betalen op nieuwjaarsdag, zo tekenen de schepenen Bogart en Berkel in Schijndel in 1558 op.

Voor Willem soone Balthazar Peeters is het niet veel beter. Hij is priester Handrick Janssen van Dommelen nog 400 carolus gulden schuldig en dat mag hij in twee delen betalen: op 1 januari 1638 (224 gulden) en op 1 januari 1639 (212 carolus gulden). En zo komen we nog een hele rij vol schuldbekentenissen tegen, met allemaal die duidelijke deadline: betalen op 1 januari.

Nemen we één ‘minnelijke overeenkomst’ nader onder de loep. En wel die van de kinderen van Adriaen Jacops. Want Jacop zoon Adriaen Jacops dacht een mooie slag te slaan toen hij een stuk akkerland – net onder Esch – verkocht aan de secretaris van de stad Den Bosch, Dirck van Kessel.  Maar Mariken, dochter van Adrian Jacops, was inmiddels ingetreden in het klooster van de “arme Clarissen”, zo staat omschreven in de akte, in Boxtel. Ze had haar erfdeel uit het bezit van haar vader ingebracht.

Maar daarbij was geen rekening gehouden met de opbrengst van het stukje akkerland onder Esch. Moeder overste, abdis van het klooster, neemt rigoureuze maatregelen: er moet geld van de verkoop van de opbrengst van het land naar het klooster. Zo niet, dan gaat het klooster verder procederen en dan kunnen de kinderen ook niet tot deling van het bezit komen.

Er wordt dus maar snel een afspraak gemaakt met deze moeder overste. Het klooster laat aantekenen dat het transport van het stuk land moet worden gewijzigd en wel op die manier dat Dirck van Kessel zal afzien van verdere afspraken. De kinderen van Adriaen Jacops zullen de som van 350 gulden betalen. Op 1 januari 1635 wel te verstaan. Gelukkig nieuwjaar…


Geschreven door:
Marilou Nillesen

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
De beste verhalen via e-mail ontvangen?



woensdag 2 september 2015

Zeventiende-eeuwse hartenkreten

Non Mariana kwijnt weg terwijl haar geliefde Chamilly haar verlaat...
Deze liefdesgeschiedenis is even mooi als hartverscheurend. Vijf brieven van een wanhopige Portugese non spreken al eeuwenlang tot de verbeelding. Ze smeekt haar geliefde officier Chamilly haar niet te verlaten, maar deze vertrekt noodgedwongen en ontpopt zich als een uitstekend veldheer...in Grave!

Portugese non
In 1669 verschijnen op een mysterieuze wijze vijf zogeheten minnebrieven van een onbekende Portugese non. Enkele jaren later worden er meerdere edities en vertalingen uitgegeven en duikt voor het eerst de naam van de Franse officier Chamilly op.

Raam van het klooster in Beja, van waaruit Mariana Chamilly begluurde
Pas in 1810 wordt duidelijk wie de heimelijke brievenschrijfster is: Soror Mariana Alcoforado. Als 12-jarig meisje werd zij opgenomen in het klooster in Beja. Vanuit haar raam viel haar oog op de toen 28-jarige Noël Bouton de Chamilly. De Fransman vocht samen met de Portugezen tegen aartsvijand Spanje.

Geen Clooney!
Vanuit haar kloosterraam had Mariana goed zicht op de stoere cavalerist. Contacten tussen religieuzen en militairen waren niet ongewoon, zo lezen we in de literatuur. Het is dus goed mogelijk dat Chamilly en Mariana een verhouding hebben gehad.
Noël Bouton de Chamilly
Eén element in deze liefdesgeschiedenis is echter niet cliché. Je zou denken dat het nonnetje Mariana verblind was door het uiterlijk van Chamilly, maar hij was alles behalve een Brad Pitt of een George Clooney. Hij wordt in de negentiende eeuw als volgt omschreven: 'Een groot, breed man, de beste dapperste en meest eervolle mensch die men zich denken kan, doch zóó dom en zóó plomp dat men zich bijna niet verbeelden kon, dat hij eenig talent voor de krijgskunde bezat.'  

Heldendaden in Grave
Maar die talenten bezat Chamilly wel degelijk. Helaas voor Mariana, maar de plicht roept! De officier moet zijn biezen pakken en in 1669 kiest hij het ruime sop, op weg naar Kreta. Op zijn weg naar dat eiland zou hij de brieven van Mariana hebben ontvangen. Zijn matrozen zouden de hartenkreten van Mariana achteloos in het water hebben gegooid, ware het niet dat zij werden tegengehouden door Chamilly. Hij drukte de matrozen snel wat geld in de hand en zo redde hij de prachtige brieven.

'De Stercke Stadt Grave' met vooraan de uittocht van Chamilly
Jammer genoeg is hij nooit teruggekeerd naar Beja, voor zover wij weten. Na zijn avontuur in Kreta werd hij namelijk uitgezonden naar Grave in 1674. Daar werd hij beroemd vanwege de heldhaftige verdediging van Grave tegen de troepen van de Prins van Oranje.

Legercommandant Rabenhaupt richtte een totale verwoesting in Grave aan; de kerk stortte in, het kasteel verdween van de aardbodem en huizen brandden af. Chamilly probeerde de vrouwen en kinderen van hun ondergang te redden, maar tevergeefs. Rabenhaupt kende geen genade. Maar liefst 93 dagen hielden de Fransen stand tegen de Staatse legers, maar op 28 oktober 1674 moest de Fransman zich toch overgeven.
Het beleg van Grave in 1674
Uiteindelijk trouwde Chamilly in 1677 met Madame Du Bouchet, maar dit huwelijk bleef kinderloos. In 1715 stierf hij op 79-jarige leeftijd. Wie weet hoe vaak hij nog troost heeft geput uit de brieven van Mariana?

Dramaqueen
Historici zijn het niet eens over de herkomst van de brieven. Sommigen menen dat zij later door een Franse graaf en politicus zijn geschreven. Hoe dan ook, de minnebrieven hebben voor een omwenteling in de literatuur gezorgd en hebben zelfs een rol gespeeld in de vorming van een nieuw genre, namelijk het genre épistolaire. En wij kunnen in verschillende talen genieten van de 'dramaqueen' Mariana. Lees maar mee:

Mariana Alcoforado
'Je sors le moins qu'il m'est possible de ma chambre, ou vous ȇtes venu tant de fois et je regarde sans cesse votre portrait, qui m'est mille fois plus cher que ma vie, il me donné quelque plaisir mais il me donné aussi bien de la douleur, lorsque je pense que je ne vous reverrai, peut-ȇtre, jamais...'

 'Ik ga zo min mogelijk weg uit mijn kamer, waar u zovele malen bent gezien en ik bekijk zonder ophouden uw portret, dat mij veel dierbaarder is dan mijn eigen leven. Het geeft me iets van plezier, maar bezorgt me minstens zoveel pijn, omdat ik denk dat ik u misschien nooit meer terug zal zien...'


Geschreven door: Lisette Kuijper  

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
 - Ik moet u melden dat ik niet gelukkig ben
 - 'Ick sal U noijt verlaaten'  

De beste verhalen via e-mail ontvangen?
 

vrijdag 11 oktober 2013

Tomtommend door archieven: bestemming Rendonk

...op zoek naar Rendonk...
Onze rijksarchivaris Jan Sanders schreef het boek Kartuizers in het land van de Dommel, over het Klooster Sint-Sophia van Constantinopel bij’s-Hertogenbosch, 1466-1641. Lees mee met zijn speurtocht naar een boerderij in Groot Linden. Detail in het boek maar een mooi verhaal!

In dit blog zoomen we in op de kartuizerhoeve die het verst van het klooster in Vught verwijderd lag, namelijk ten zuiden van Groot Linden, tussen Grave en Cuijk. Hoeve de Rendonk was al vanaf ongeveer 1480 in het bezit van het klooster. Waarom zo ver weg? Mogelijk is er een verband met de toenmalige heren van dat gebied. Grave en het Land van Cuijk was in de vijftiende eeuw Gelders. Een van de vroegste begunstigers van de kartuizers was hertog Arnold van Gelder, een groot bewonderaar van Dionysius de Kartuizer, stichter van het klooster. Arnold had zijn laatste machtbasis in dit gebied, toen zijn vrouw en hun zoon Adolf de macht in de rest van het hertogdom Gelre van hem hadden afgenomen. Het huis Egmond, waartoe de Gelderse hertogen behoorden, bleef de volgende jaren belangrijk in de heerlijkheid Grave en het Land van Cuijk. De Vughtse kartuizers genoten er bescherming en konden er de hoeve die ze in Groot Linden gekocht hadden, veilig exploiteren. Totdat daar in 1559 een andere wind ging waaien.

In dat jaar werd Grave en het Land van Cuijk in pand gegeven aan Willem van Oranje. Hij ging er meteen zijn domeingoederen reorganiseren. De kartuizerhoeve was vroeger door hertog Arnold in pand gegeven en nu, in 1560, meer dan 100 jaar later, wilde Willem de boerderij in volle eigendom bezitten. Hij loste het pand in waardoor de kartuizers de boerderij moesten afstaan. Ze kregen er weliswaar een hoop geld voor terug, maar verloren hun hoeve De Rendonk. Het betekende ook het begin van de afbouw van hun goederencomplex. Het zoeken naar de huidige ligging van deze hoeve, De Rendonk, viel niet mee. Informatie uit de streek bracht me telkens bij Sendonk of Zendonk in Beers. Dat was wel bekend en lag ook in de richting. Maar Rendonk? Nooit van gehoord. Dat moest wel een verschrijving zijn, een vergissing, een menselijke fout… Maar die werd dan toch wel erg vaak en consequent gemaakt. Nee dus, ik moest verder zoeken.

Een spoor vond ik in de rekeningen van de rentmeester van de heer van Grave en het Land van Cuijk. Dat was de familie Van Oranje, jawel, die van ons koningshuis. En daar kwam ik de Rendonk weer tegen, zo rond 1680. Het heette toen wel Rijndonk maar het was zeker ‘mijn’ Rendonk, afkomstig van de kartuizers. Hoera, maar helaas… geen hoeve meer. Alle gebouwen waren afgebroken en de stukken grond werden los verpacht. Tot overmaat van ramp verloor ik, ergens in de Franse tijd toen alles op zijn kop werd gezet, de Rendonk weer uit het oog.

..."bestemming bereikt"...
Via het onvolprezen Google en Rijndonk kwam ik de afgebroken hoeve weer op het spoor. Koning Willem I had in 1822 delen van zijn oude domeingoederen teruggekregen van de Staat der Nederlanden. Waaronder de Rijndonk. Ze waren bij de Kroondomeinen gevoegd. Dankzij die administratie kon ik eindelijk een link leggen naar het kadaster en de percelen op de kadastrale kaart aanwijzen, zuidelijk van het dorpje Groot Linden. Daar lag dus de Rendonk. Benieuwd naar hoe het er nu uitzag!

Heemkundige uit Sint-Oedenrode Harry van Kuijk legde met onnavolgbare precisie de oude kadasterkaart over Google Maps heen en toen zag ik de Renndonk in zijn volle glorie pronken! Helemaal verzopen en ten prooi gevallen aan grind- en zandwinning, gevolgd door recreatie. Diep onder de waterspiegel. Alleen hevige klimaatverandering met als gevolg extreme droogte zal de Rendonk/Rijndonk met de erbijhorende percelen weer boven water kunnen halen. Even geduld dus nog.

Vind je dit interessant? Lees dan ook: