Posts tonen met het label zeden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zeden. Alle posts tonen

maandag 15 december 2014

Katholieke Kijkwijzer


Is het erop of eronder voor de controversiële film 'De Huwelijksmars'?
Tegenwoordig waarschuwt Kijkwijzer ons met de bekende symbooltjes voor films en series met grof taalgebruik, seks of geweld. Maar hoe werden onschuldige kinderogen halverwege de twintigste eeuw beschermd tegen al die 'zedelijke gevaren?' De Brabantse katholieken sprongen voor hen in de bres door bijvoorbeeld het invoeren van leeftijd-legitimatiekaarten of het afkeuren van allerlei 'oversexte films' die de bioscopen dreigden te veroveren...

Legitimatie, alstublieft!
In Cuijk kwam er vanuit de Katholieke Arbeiders Jeugd in 1949 een vindingrijk voorstel, namelijk de invoer van zogenaamde leeftijds-legitimatiekaarten voor de Cuijkse jongeren in de leeftijdsgroep van 18 t/m 23 jaar. Alleen wanneer een jongere een dergelijke kaart kon laten zien, mocht de bioscoopzaal worden betreden. Degenen die niet in het bezit waren van een kaart werden beboet, maar ook de exploitant van de bioscoop zou een fiks bedrag moeten betalen! Mochten de jongeren zo slinks zijn om de kaart uit te lenen aan een jonger broertje of zusje, dan werd de kaart ingenomen.
 
Zelfs de politie kwam in actie in de Cuijkse bioscoop!
Een prachtig voorstel, maar de gemeente Cuijk zag er geen heil in en heeft het afgekeurd. De controles op de Cuijkse bioscoop werden weliswaar aangescherpt, maar dit zette geen zoden aan de dijk, zo blijkt uit bovenstaand politierapport van 1951. Er bleken maar liefst 10 personen onder de 18 jaar in de bioscoopzaal te zitten bij 'Guadalcanal', een film vanaf 18 jaar. Bovendien waren er nog verschillende jongeren rond de bioscoop aangetroffen, die zeker naar binnen zouden zijn gesneakt als de controle niet had plaatsgevonden...

Katholieke huisvaders
De K.A.J. riep de 'katholieke huisvaders' in het gemeentebestuur van Cuijk op om hun verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen opgroeiende kroost. De leeftijdskaarten zijn er weliswaar niet gekomen, maar er bleven wel controles plaatsvinden en de Katholieke Film-Centrale, opgericht in 1929, bleef tot diep in de 20e eeuw films afkeuren. Hieronder volgen enkele van hun opmerkelijke recensies, van films die in 1966 geweerd moesten worden uit de bioscopen of in elk geval de katholieke jeugd niet mochten bereiken.

Sensuele films en morele verwarring
De Katholieke Film-Centrale waarschuwt in dit rapport voor 'ongeremde sexuele contacten, aanstootgevende détails en morele verwarring.' Opmerkelijk is echter dat zij de films zelfs wél heel goed hebben bekeken. Zo worden ook heel specifieke scènes vermeld, bijvoorbeeld het voorkomen van een 'nachtelijke orgie' in de film 'Callgirls van Kopenhagen' of een striptease en lustmoorden in 'Slaaf van zijn driften.'
Enkele 'ontoelaatbare' films

Naast alle seksistische scènes wordt er ook gewaarschuwd voor 'sadistische wreedheden en breed uitgewerkte afslachtingen van mens en dier' in de film 'De naakte prooi.' Bovendien blijkt de Zwarte Pieten-discussie niet nieuw te zijn. Ook in 1966 besteedde men aandacht aan het 'rassenvraagstuk' en 'De naakte prooi' viel ook om deze reden niet in de smaak bij de Film-Centrale. Hieronder kun je nog meer spannende details lezen van de verboden films...

Voor de liefhebbers: nog meer controversiële films uit 1966

Lisette Kuijper

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Opgepast: zedelijke verwording en verwildering! 
- Stop de danswoede!
 

maandag 28 april 2014

Opgepast: zedelijke verwording en verwildering!

Twee vrouwen in een 'verfoeide' danstent in Reek
Vorige week kon je al lezen over een bezorgde bisschop uit de negentiende eeuw, die ons waarschuwde voor de almaar oprukkende danswoede. Begin twintigste eeuw was deze 'rampspoed' nog steeds niet geweken, bleek uit een artikel van de Noordbrabantsche Christelijke Boerenbond. Deze week zien we hoe in 1933 verschillende christelijke belangengroepen de handen ineen sloegen in een uiterste poging om het onzedelijke dansende volk weer in het gareel te krijgen...
'Groote rampspoed!'
Noodkreet aan de gemeente Maashees over de 'danswoede'
In oktober 1933 viel bovenstaande brief bij alle gemeenten in het diocees Den Bosch op de deurmat. Verschillende christelijke verenigingen, zoals de NCB, de katholieke onderwijzersbond en meerdere verenigingen van de Bossche Diocesanen, roepen de gemeenten op om 'alle zeilen bij te zetten' in strijd tegen de 'groote rampspoed' die het Nederlandse volk te wachten stond.
Waaruit bestond dan deze grote rampspoed? De christenen spreken van 'zedelijke verwording en verwildering', die onder andere gekenmerkt worden door 'minder behoorlijke kleeding, aan groote vrijheid in manieren (...) en aan allerlei ongepaste vrijheden op den dansvloer.'
Nog erger zijn de gevolgen die deze ongepaste vrijheden met zich meebrengen, namelijk vrije huwelijken, echtscheidingen, misdragingen door gehuwden, 'hoogst ongewenschte vrijage's' en zelfs onwettige geboorten!

Deze brief bevat enkele nadere bepalingen voor dansgelegenheden, waarmee gemeenten een handvat wordt geboden om de danswoede te weren, de zedelijkheid van het volk te redden en bovengenoemde 'ernstige excessen' zoveel mogelijk te vermijden.

Zedelijke dansleiders
Ten eerste moesten de dansleiders grondig gekeurd worden. Zij moesten echter niet alleen danstechnisch geschikt te zijn, maar zij dienden vooral in het bezit te zijn van een bewijs van goed zedelijk en onbesproken gedrag! Dit bewijs kon door de burgemeester van zijn woonplaats worden afgegeven.
Lange lijst met strakke eisen aan dansleiders
Naast dit bewijs waren er nog meer bepalingen waar de dansleiders zich aan moesten houden. Zo konden zij zich tijdens de dansfeesten absoluut niet tegoed doen aan alcoholische versnaperingen. Bovendien moesten zij toezicht houden op de dansende menigte. Ook zij moesten zich onthouden van alcohol. Daarnaast mocht er niet gedanst worden op 'aanstootelijke wijzen', noch door 'persoonen in een kleederdracht, welke die der andere kunne nabij komt of aanduidingen of kenmerken dienaangaande vertoont.'

Geen gedoofde lichten...
Ook aan de danstenten zelf werden vele eisen gesteld. Zo mocht de verlichting tijdens de feesten in geen geval worden gedoofd. Zelfs de toiletgelegenheden moesten behoorlijk verlicht zijn en voldoende gecontroleerd worden om onzedelijke praktijken te voorkomen.

Van binnen moest dus alles zo zichtbaar mogelijk worden gemaakt, maar van buiten mocht juist niemand weten van wat zich daar afspeelde. De danspartij mocht namelijk niet zichtbaar zijn vanaf 'den openbaren weg.' Verder was de burgemeester bevoegd te verbieden dat aan de toegangen aanduidingen werden geplaatst, waardoor op de aanwezigheid van die gelegenheden tot dansen werd gewezen. Reclame maken was dus niet toegestaan.

De brief bevat nog veel meer opmerkelijke bepalingen, zoals het aantal vierkante meter dat per danspaar gerekend moest worden (anderhalve vierkante meter per paar). Met teveel mensen op een kluitje konden er immers meer {ongewenste) aanrakingen plaatsvinden.  Verder mocht er niet gedanst worden vóórdat alle godsdienstoefeningen beëindigd waren.


Vind je dit interessant? Lees dan ook:
 

maandag 21 april 2014

Stop de danswoede!

Dansende boerinnetjes in Schaijk; dit was uiteraard wél toegestaan!
Tegenwoordig is dansen niet meer weg te denken uit onze cultuur; in de zomer feesten we er op los tijdens verschillende festivals, in het weekend kunnen we uit ons dak gaan in allerlei cafés en discotheken en op tv-zenders als MTV zijn 24/7 clips van wereldwijde artiesten te zien.

Dit is niet altijd zo geweest. In de 19e en begin 20e eeuw was er veel verzet tegen deze nieuwe vorm van vermaak, vooral uit christelijke hoek. De bisschop van Den Bosch wilde in 1845 de danspartijen aan banden leggen en de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond (NCB) waarschuwde ons in 1928 voor de oprukkende danswoede onder Brabantse boerinnetjes...

Danspartijen aan banden
Een bezorgde bisschop uit zijn zorgen...
Het probleem van schaars geklede mensen en 'onzedelijk' gedrag tijdens het dansen is niet voorbehouden aan de 21e eeuw, zo blijkt uit een brief van een bezorgde bisschop uit Den Bosch. Hij schreef deze brief zo'n anderhalve eeuw geleden, in 1845, aan de pastoor van de parochie Reek.
Deze bisschop riep de Reekse pastoor op om paal en perk te stellen aan de uitspattingen tijdens danspartijen. Deze feesten moesten daarom ophouden met 'zonnenondergang'. Voor de Reekse mensen was er dus geen sprake van een 'party all night long', zoals nu vaak wel het geval is. 
Bovendien was er voor de vrouwen nog meer slecht nieuws; zij mochten na de danspartij niet in het gezelschap van de 'broeders' verblijven en het 'vrouwvolk, jong en oud', diende zich naar huis te begeven. Tot slot werden de pastoors erop attent gemaakt 'dat zij hunnen invloed en vermaningen bezigen, om die vergaderingen (...) zoveel mogelijk uit te roeijen.' Gezellig is anders...

'Ware pestholen' en paartjesbussen
De Noordbrabantse Christelijke Boerenbond deelde de zorgen van de bisschop. In het Weekblad van de NCB werd in 1928 een artikel gepubliceerd waarin de danstenten werden omschreven als 'ware pestholen.' Opvallend aan dit artikel is dat zij de 'vreemdelingen', die naar Brabant zijn gekomen voor de opkomende industrie, beschuldigden van de onzedelijke danspartijen en de 'moderne vrouwenkleeding.' De Brabantse boerinnetjes moesten hiertegen beschermd worden. Mogelijk zouden deze boerenmeiden de verderfelijke dans- en kledinggebruiken uit de stad overnemen. 'De mensch stamt wel niet af van de aap, - maar naäpen is een algemeene menschelijke kwaal!' aldus de NCB.
Ook de NCB vreest de danswoede en 'moderne vrouwenkleeding'

De bond spreekt schande van de 'tegenwoordige danswoede' en spreekt zijn afkeer uit van zogenaamde 'paartjesbussen'. Dat zijn autobussen die speciaal reden op tijden dat jongens en meisjes naar danslessen of naar zogenaamde 'dancings' in de stad vertrokken. Zelfs sommige boerenjongens en -meiden werden verleid plaats te nemen in zulke bussen!

Levensgevaarlijke 'Jasz-dans'
Er waren niet alleen morele bezwaren tegen de verregaande danspraktijken. Wetenschappelijk onderzoek in Amerika had immers uitgewezen dat er steeds meer Amerikaanse vrouwen overleden aan ademhalingsziekten als gevolg van onvoldoende kleding en het dansen, met name de 'jasz-dans' was de grote boosdoener. Bovendien was er sprake van een 'verminderde voedselopname', omdat die vrouwen er alles aan deden om slank te blijven. En dat al in 1928!
Boerinnetjes: houd vast aan de oude boerenmode en de voorvaderlijke gebruiken!
Om deze redenen gaf de NCB bovenstaand advies voor de boerinnetjes om vast te houden aan hun oude boerenmode en -gebruiken. Volgende week zullen we zien dat hieraan lang niet overal gehoor is gegeven en dat er ook in 1933 nog genoeg te 'zeuren' viel over het onzedelijke dansvermaak...

Vind je dit interessant? Lees dan ook: