Posts tonen met het label 1916. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 1916. Alle posts tonen

vrijdag 27 mei 2016

Wandel door 'n eeuw geschiedenis van huize Bergen in Vught

...gezinszorgsters aan het vlechten (?)...
Het ene moment is er een internationaal gidsencongres, de andere keer zijn gezinsverzorgsters op cursus. Of je neemt opeens een kijkje in de speciale cactuskas of ziet er op toe hoe er in grote groepen wordt gevolksdanst. Eén ding is zeker: achter landgoed huize Bergen gaan talloze verhalen schuil. Schrijver Ton de Jong heeft een eeuw Huize Bergen samengebracht in honderd verhalen.

De voorbeelden van het gidsencongres tot de cactuskas komen uit onze eigen fotocollectie maar er zijn nog veel meer vertellingen over dit landgoed. Verhalen over Willem en Charlotte van Beuningen bijvoorbeeld en hun grote betekenis voor de Vughtse gemeenschap, verhalen over de tijd dat Landgoed Huize Bergen hét vormingsinstituut van Noord-Brabant was en over de laatste periode waarin het zich ontwikkelde tot hotel. Ook opmerkelijk: de villa en het park hebben hun rustieke karakter behouden.


Deze week werd het eerste exemplaar van het boek uitgebreikt door burgemeester Van de Mortel aan voormalig directrice Loes van Eenennaam en voormalig directeur Klaas van Leengoed. Van Eenennaam en Van Leengoed verantwoordelijk voor een halve eeuw directoraat van Landgoed Huize Bergen. De verhalen werden  door de jaren heen verzameld door Ton de Jong. Veel beeld wordt afgewisseld met korte verhalen. Bijzonder is dat het jubileumboek is voorzien van speciale techniek (augmented reality) waardoor er digitaal extra beeld, audio en verhalen beschikbaar zijn.

Wie de geschiedenis zelf van dichtbij wil herleven kan de interactieve wandelroute ‘Herleef Huize Bergen’ lopen via de app Knooppunt Vught. De app Knooppunt Vught laat je de mooiste Vughtse plekken op een nieuwe manier beleven. Zo is er, naast Herleef Huize Bergen, een rondleiding over het Fort Isabella en neemt soldaat Jacob Pynacker je mee langs de belangrijkste punten in Vught ten tijde van het beleg van ’s-Hertogenbosch.
Een preview van de wandeling ‘Herleef Huize Bergen’ is beschikbaar via www.herleefhuizebergen.nl. 

De jubileumuitgave wordt te koop worden aangeboden via Landgoed Huize Bergen, opbrengsten van de verkoop komen ten goede aan de Wensboom.

Geschreven door:
Marilou Nillesen

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
Beziet U Selve!
Burgemeester van de Citadellaan

De beste verhalen via e-mail ontvangen?

maandag 4 augustus 2014

Hamsteren tijdens de Eerste Wereldoorlog

Bakker Ketelaars wordt per brief door de burgemeester van Veghel op de hoogte gebracht van zijn straf…
In Veghel krijgt bakker Ketelaars een maand lang géén nieuwe grondstoffen van de Centrale Broodcommissie vanwege het achterhouden van broodkaarten, bedoeld voor zijn klanten. Deze pittige straf komt voort uit de eis van de overheid om in elke gemeente een zogenaamd Levensmiddelenbedrijf te installeren om levensmiddelen zo eerlijk mogelijk te verdelen tijdens de oorlog. 

Door de komst van Belgische vluchtelingen, de beperkte handelsmogelijkheden en de permanente mobilisatie langs de grensstreken lopen de voedseltekorten snel op. Er wordt massaal ‘gehamsterd’ door de Nederlandse bevolking. Kelders en kasten worden volgepropt om de schaarste in het land voor te zijn. De overheid grijpt haastig in om de orde te blijven handhaven. Dit leidt onder meer tot de Onteigeningswet van 1914. De burgemeester is daarmee gemachtigd levensmiddelen, huishoudelijke artikelen en brandstoffen te ‘annexeren’ en in te grijpen bij onredelijke opdrijving van prijzen. Daarnaast komt er ook een uitvoerverbod. Omdat de import sterk bemoeilijkt wordt door de oorlog is het zaak de gehele productie uit eigen land beschikbaar te houden voor de eigen bevolking.

Nieuw broodrecept 
Al voor de officiële aanstelling van het levensmiddelenbedrijf Veghel op 1 november 1916 neemt burgemeester Völker de nodige maatregelen. Om inbeslagname van roggebrood te voorkomen eist hij van de bakkerijen zuinig om te gaan met de voorraden rogge. Namens de minister van Landbouw, Nijverheid en Handel komt hij met de mededeling dat vanaf heden (27 januari 1915) de samenstelling van het mengsel van roggebrood voortaan voor de helft uit rogge en de helft uit tarwe moet bestaan. Hierdoor wordt de geringe voorraad rogge zo spaarzaam mogelijk gebruikt.

...de burgemeester informeert alle bakkers uit Veghel over het besluit tot wijziging van de samenstelling van roggebrood...
Behalve het roggebrood is het Levensmiddelenbedrijf ook verantwoordelijk voor de verdeling van kaarsen en schemerlichten, zeep, eierkolen, zuivel, kleding en schoeisel. Uit een bestellijst blijkt dat met name de veehouders een streepje voor hadden. Zij krijgen veruit de meeste kaarsen – vijfhonderd pakken in totaal - om ook in het donker te kunnen werken met hun vee.

In de laatste twee jaren van de oorlog is de schaarste het grootst en draait het Levensmiddelenbedrijf op volle toeren. Vanaf 1920 geraken de meeste levensmiddelen weer terug in de vrije handel. Pas op 30 oktober 1923 wordt het levensmiddelenbedrijf Veghel opgeheven.

Deze weken verschijnt er elke maandag een blog over de Eerste Wereldoorlog in Brabant. Houd de weblog in de gaten en maak kennis met Brabantse zaken tijdens de Eerste Wereldoorlog!

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Brabantse zaken tijdens de Eerste Wereldoorlog
- Klompen voor 30 punten


vrijdag 3 januari 2014

Dagboek gaat nú voor je open!

Niet alle archieven die in onze depots zijn ondergebracht, zijn meteen openbaar. Voor een kleine vijf procent geldt - omwille van de privacy van nog levende personen, onevenredige benadeling of andere belangen - een beperking op de openbaarheid. Maar die beperking geldt altijd maar voor een bepaalde periode; zodra die is afgelopen, zijn die stukken in te zien. Ieder jaar komen er op die manier nieuwe archieven "bij". Een aantal van deze stukken brengen we deze maand voor het voetlicht.

Ieder jaar worden er nieuwe archiefstukken openbaar. Dat gaat doorgaans geruisloos, maar er zitten vaak boeiende of leuke stukken bij. Het BHIC vervult binnen Noord-Brabant een belangrijke rol in de openbaarheid van de overheid. Onderzoekers, journalisten en andere geïnteresseerden kunnen met eigen ogen zien wat de overheid aan stukken heeft geproduceerd. Maar ook archieven van particulieren komen op de openbaarheidslijst voor. Om meer aandacht aan deze stukken te schenken, staat deze weblog in de maand januari iedere maandag in het teken van een archief dat openbaar is geworden.

...illustratie van Regionaal Historisch Centrum Eindhoven...
Als eerste lezen we in een dagboekje over de geschiedenis van het landgoed Baest in Oostelbeers in 1915-1916  uit het archief van de familie Van de Mortel-De La Court.
‘op dinsdag 7 en woensdag 8 maart [1916] viel er veel sneeuw. Er waren 2 vossen gespeurd in Hilvarenbeek, die naar de Baast waren gaan jagen, zonder dat zij echter een haasje konden verschalken. Verscheidene oppassers .. en vele arbeiders als drijvers joegen hen op in de Vrouwenreijt. Het wijfje werd niet gezien, het ‘mannetje’ geschoten door Van Gorp, oppasser van Tiedema te Hilvarenbeek, grenzende aan de Vrouwenreijt. Was 12 pond zwaar.’

En iets verder lezen we na de eendenjacht in juli en vlak vóór of tijdens de patrijzenjacht die begin september 1916  de slechtste was sinds mensenheugenis (13 stuks):

...fragment uit het dagboekje...
 ‘op 9 en 10 september hebben wij voortdurend ’t allerzwaarst kanongebulder gehoord. Enkele vreeselijke slagen. Later lazen wij dat toen Lichtervelde door Engelsche vliegers was gebombardeerd. De geheele week van 3-10 september zweeg het kanon niet.’

Lichtervelde ligt in West-Vlaanderen in België op ruim 200 kilometer van het landgoed Baest. Nu zouden we er met de auto twee uur op rijden. Als het kanongeweld op zo’n afstand op het landgoed Baest te horen was, moet het wel oorverdovend zijn geweest. De grote bombardementen in Lichtervelde vonden plaats op maandag 6 september plaats. Hier kun je er meer overlezen. De beelden spreken voor zich zelf.
Zo zie je maar weer dat er in een particulier dagboek soms bijzondere gebeurtenissen tussen de regels door worden genoteerd. En dat de dagboekschrijver er een paar dagen naast zat, zij hem vergeven. Ach, een landheer kan zich ook vergissen.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:



maandag 24 oktober 2011

Tarwebloem als smokkelwaar


Bij smokkel denk je niet direct aan tarwebloem. Althans, niet in 2011. Maar in 1916 ligt dat toch weer net iets anders. Een kijkje in de stukken van de rechtbank in Breda.

Ze zijn met z'n drieen. Cornelis de Backer, Petrus Sluijts en Petrus Dons zijn alledrie arbeider en wonen aan de Bosschestraat in Woensdrecht. Niet zo ver van de Belgische grens waar de Eerste Wereldoorlog in alle hevigheid woedt. Omdat de "werkzaamheden slap waren" - zo verklaren zij later - komen zij op het snode plan om zakken tarwebloem naar Belgie te smokkelen om zo hun inkomsten op te krikken.

Een flinke klus want ieder draagt een zak van 15 kilogram tarwebloem. Gebukt onder deze flinke last proberen zij "buiten openbare wegen en voetpaden om, door een perceel dennenbosch" de Belse grens te bereiken. Maar 2 kilometer daar vandaan worden ze in hun kraag gevat door de rijkswachter en zijn hulp ("onbezoldigd rijkswachter").

Dat betekent het einde van hun missie. Ze worden schuldig verklaard aan: poging tot uitvoer van een product afkomstig van tarwe. Geen geldboete maar twee weken brommen voor de drie mannen.

donderdag 27 mei 2010

Kleren, schoenen en ondergoed


Op 2 november 1916 stuurt A. Berkhouwer een ansichtkaart vanuit Baarle-Nassau naar zijn ouders en broer in Zuid-Scharwoude (N-H). Het is er een in een lange rij. Ze worden, in een prachtig versierd album, bewaard in het BHIC. Op het eerste gezicht zijn het gewone dorpsgezichten en landschappen, maar als je beter kijkt, of als Berkhouwer een handje helpt met bijschriften, dan is er opeens een elektriciteitsdraad, een grenswacht of een ander blijk van grensbewaking te zien. A. Berkhouwer is gemobiliseerd in Noord-Brabant en gebruikt zijn vrije tijd om wat van de omgeving te zien en daarvan de thuisblijvers deelgenoot te maken.

Of zijn broer in de tussentijd zijn kleren en schoenen afdroeg, weten we niet, maar dat dat in die jaren veel voorkwam, kunnen we lezen in een rapport dat de secretaris van het Provinciaal Comité voor Noord-Brabant der Nationale Vereniging tot Steun aan Miliciens op 7 juni 1916 schrijft aan het hoofdbestuur van de vereniging. Dit rapport bevindt zich in het archief van het Provinciaal Comité dat te vinden is in het BHIC. Daarin bevindt zich ook een overzicht van de daadwerkelijke hulp door lokale afdelingen waaruit eveneens de grote behoefte blijkt aan kleren, schoenen en zelfs ondergoed.

Om hulp van het comité te krijgen moest je als gedemobiliseerd militair beschikken over een groene kaart. Maar een groene kaart kreeg je niet zomaar en als je hem had, kon je hem ook zo weer kwijtraken. Ongeveer vier maanden voor je demobilisatie of klein verlof vulde je een rode kaart in met een verzoek om steun bij thuiskomst. Die kaart leverde je in bij je compagniescommandant. Was die tevreden over je dan ging er een witte kaart naar het nationale comité, dat tenslotte de gewenste groene kaart afgaf.
Maar o wee als je je in de tussentijd ‘berispelijk’ gedroeg, dan moest meteen ‘een nieuwe witte kaart met afgeknipte rechterbovenhoek ingestuurd worden en de uitgereikte c.q. opgelegde groene kaart worden vernietigd.’ Zo staat het tenminste te lezen in een circulaire uit 1918.

De meesten zullen er wel voor gezorgd hebben die kaart niet kwijt te raken, want het comité had het druk. ‘Ik zit tot over de ooren in de correspondentie, ben van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat bezig’, schrijft de secretaris van het hoofdbestuur op 18 februari 1916 aan de secretaris van de Noord-Brabantse afdeling. En hij vervolgt: ‘Nu staat op ’t oogenblik mijn bureau vol met menschen v/d lichting 1911, over de honderd, ik heb er politietoezicht bij voor de orde, die lui moet ik een voor een te woord staan, dat duurt zoo minstens 14 dagen, de andere dagen komen er niet zoo veel te gelijk, maar toch den geheelen dag door.’

Ze hebben het niet alleen druk, de comités, er gaat ook heel wat geld om. Zo stuurt het hoofdbureau in november 1916 duizend gulden aan het provinciale comité. Gewoon, in een envelop. Kenmerk van het biljet: AA047733.

Foto: een mooie ansichtkaart mét bijschrift van A. Berkhouwer uit het archief van het Provinciaal Comité voor Noord-Brabant der Nationale Vereniging tot steun aan miliciens, 1916

woensdag 2 december 2009

Een sigaar voor Sinterklaas


Voor het eerst sinds jaren doet Sinterklaas het wat zuiniger aan. De economische crisis is niet aan de goedheiligman voorbij gegaan, stellen de ondernemers. Wie naar de kassa van de speelgoedwinkels kijkt, zou dat overigens niet zeggen. In lange rijen staan ouders met grote dozen te wachten.

In 1916 was dat anders. Toen waren sigaren en sigaretten nog luxe artikelen die je graag cadeau kreeg. Een echte 'Carte Blanche' was tenslotte niet te versmaden. En enge boodschappen op de pakjes waren nog lang niet aan de orde...