Posts tonen met het label dansen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dansen. Alle posts tonen

woensdag 25 november 2015

Herrie in de herberg!

In één van deze mooie Graafse huisjes brak de hel los...
7 oktober 1793. Vier vrienden zitten middenin de patriottentijd heerlijk ontspannen een biertje te drinken in een Graafse herberg. Dit gezellig samenzijn werd plotseling ruw verstoord door twee soldaten. Flessen, vuisten en zelfs sabels werden door de heren niet geschuwd...

Cornelis Janssen was de trotse eigenaar van een herberg in Grave vlakbij de Sint Elisabethskerk. Het bordje 'Koning van Pruisen' hing uitnodigend aan de gevel. Peter de Ruyter, Jan van Geffen en Arnoldus Genabeek, drie vrienden van 'competenten ouderdom' konden de verleiding niet weerstaan en besloten samen wat te gaan drinken. Ook een zekere Hermanus Gerrits was van de partij.

Het witte vlakje geeft de waarschijnlijke plaats van de ruzie aan
Op dat moment bevonden zich ook twee 'canoniers' in de herberg, namelijk de heren La Hey en Dublesie. La Hey voegde zich bij het gezelschap aan tafel en Hermanus vroeg hem onder welke compagnie de canonier diende. Zijn antwoord was opmerkelijk: 'dat zaakt u niet.'

Scheldkanonnades
Daar nam Hermanus geen genoegen mee. 'Ik heb de naam van mijn kapiteijn altijd durven noemen,' roept hij stoer. Schoorvoetend mompelt La Hey dat hij onder het commando van de heer Booser viel. Hermanus gelooft zijn oren niet: 'Daar heb ik ook meede gediend!'

Heftige woordenwisselingen
De sfeer slaat om en er volgt een verhitte discussie. 'Dat liegt gij als een schelm!' (schurk) roept La Hey uit. Vervolgens draait hij zich om naar zijn makker Dublesie en zucht geërgerd: 'Het sijn hier allemaal patriotten als in Arnhem en Nijmegen!'
Op dat moment was er in Nederland een strijd gaande tussen de patriotten en de orangisten, die trouw bleven aan stadhouder Willem V van Oranje-Nassau. De twee canoniers moesten kennelijk niets hebben van die vrijgevochten patriotten.

Flessen en sabels
Die beschuldiging liet Jan van Geffen niet zomaar over zijn kant gaan: 'Gij hebt de verkeerde voor, ik heb den Prins gediend (...) Daar heb ik mijn eerlijke paspoort voor.' La Hey daagt Jan meteen uit om het te bewijzen: 'Gij sijt een schelm als gij ze niet gaat haalen.' Maar Van Geffen gehoorzaamt niet...

Woedend slaat La Hey hem vervolgens de pijp uit de mond en de hoed van 't hoofd. Maatje Dublesie staat hem terzijde en trekt zelfs zijn sabel uit zijn schede! 'Man, laat dat steecken, dat komt hier niet te pas!' roept Peter de Ruyter verschrikt uit. Aarzelend legt Dublesie zijn wapen weg. 'Het is mijn hetselfde off ik er een capot maak off dat sij mij capot maaken, ik gaa toch naar het veld toe,' licht de soldaat somber toe.

De mannen gaan met elkaar op de vuist!
De eerste die hier 'aktie' maakt, hoe dan ook, gaat hier de deur uit, laat herbergier Cornelis Janssen resoluut weten. Meteen daarna gaat het helemaal mis. Jan van Geffen staat op en wil vertrekken, maar La Hey verspert hem de weg. Jan geeft hem een stoot, waardoor hij achterover valt. De canonier krabbelt overeind en slaat Van Geffen met een fles in het gezicht, waar een 'bloedigen wonde' ontstond.

Dans- en zoenpartijen
Voordat de ruzie écht uit de hand loopt, verlaat La Hey de herberg en de rust keert weer terug. De drie vrienden zijn uiteraard geschrokken, maar bleven toch nog geruime tijd hangen. Er kwamen die avond 'geene andere onbetaamlijkheeden' voor, 'tensij men daarvoor wilde houden een vreedige en vriendelijke dansparthij en het opendelijk soenen van een zeker vrouwspersoon door den canonier Dublesie, die hetselve meede ter herberge gebragt had.'

Het werd toch nog gezellig in de herberg. Misschien wel iets té gezellig...

Natuurlijk weet ik niet wat de herbergier van deze 'dansparthij' heeft gevonden of dat Dublesie wellicht iets te ver is gegaan in zijn avances naar dat 'vrouwspersoon.' Toch zou ik een beetje romantiek en een paar liederlijke dansjes verkiezen boven foeterende mannen, die met elkaar op de vuist gaan...

Geschreven door:
Lisette Kuijper  

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
Schijt aan den Koning!
Cynisme, geldzucht en 'n hooivork in de borstkas

De beste verhalen via e-mail ontvangen?
 

maandag 28 april 2014

Opgepast: zedelijke verwording en verwildering!

Twee vrouwen in een 'verfoeide' danstent in Reek
Vorige week kon je al lezen over een bezorgde bisschop uit de negentiende eeuw, die ons waarschuwde voor de almaar oprukkende danswoede. Begin twintigste eeuw was deze 'rampspoed' nog steeds niet geweken, bleek uit een artikel van de Noordbrabantsche Christelijke Boerenbond. Deze week zien we hoe in 1933 verschillende christelijke belangengroepen de handen ineen sloegen in een uiterste poging om het onzedelijke dansende volk weer in het gareel te krijgen...
'Groote rampspoed!'
Noodkreet aan de gemeente Maashees over de 'danswoede'
In oktober 1933 viel bovenstaande brief bij alle gemeenten in het diocees Den Bosch op de deurmat. Verschillende christelijke verenigingen, zoals de NCB, de katholieke onderwijzersbond en meerdere verenigingen van de Bossche Diocesanen, roepen de gemeenten op om 'alle zeilen bij te zetten' in strijd tegen de 'groote rampspoed' die het Nederlandse volk te wachten stond.
Waaruit bestond dan deze grote rampspoed? De christenen spreken van 'zedelijke verwording en verwildering', die onder andere gekenmerkt worden door 'minder behoorlijke kleeding, aan groote vrijheid in manieren (...) en aan allerlei ongepaste vrijheden op den dansvloer.'
Nog erger zijn de gevolgen die deze ongepaste vrijheden met zich meebrengen, namelijk vrije huwelijken, echtscheidingen, misdragingen door gehuwden, 'hoogst ongewenschte vrijage's' en zelfs onwettige geboorten!

Deze brief bevat enkele nadere bepalingen voor dansgelegenheden, waarmee gemeenten een handvat wordt geboden om de danswoede te weren, de zedelijkheid van het volk te redden en bovengenoemde 'ernstige excessen' zoveel mogelijk te vermijden.

Zedelijke dansleiders
Ten eerste moesten de dansleiders grondig gekeurd worden. Zij moesten echter niet alleen danstechnisch geschikt te zijn, maar zij dienden vooral in het bezit te zijn van een bewijs van goed zedelijk en onbesproken gedrag! Dit bewijs kon door de burgemeester van zijn woonplaats worden afgegeven.
Lange lijst met strakke eisen aan dansleiders
Naast dit bewijs waren er nog meer bepalingen waar de dansleiders zich aan moesten houden. Zo konden zij zich tijdens de dansfeesten absoluut niet tegoed doen aan alcoholische versnaperingen. Bovendien moesten zij toezicht houden op de dansende menigte. Ook zij moesten zich onthouden van alcohol. Daarnaast mocht er niet gedanst worden op 'aanstootelijke wijzen', noch door 'persoonen in een kleederdracht, welke die der andere kunne nabij komt of aanduidingen of kenmerken dienaangaande vertoont.'

Geen gedoofde lichten...
Ook aan de danstenten zelf werden vele eisen gesteld. Zo mocht de verlichting tijdens de feesten in geen geval worden gedoofd. Zelfs de toiletgelegenheden moesten behoorlijk verlicht zijn en voldoende gecontroleerd worden om onzedelijke praktijken te voorkomen.

Van binnen moest dus alles zo zichtbaar mogelijk worden gemaakt, maar van buiten mocht juist niemand weten van wat zich daar afspeelde. De danspartij mocht namelijk niet zichtbaar zijn vanaf 'den openbaren weg.' Verder was de burgemeester bevoegd te verbieden dat aan de toegangen aanduidingen werden geplaatst, waardoor op de aanwezigheid van die gelegenheden tot dansen werd gewezen. Reclame maken was dus niet toegestaan.

De brief bevat nog veel meer opmerkelijke bepalingen, zoals het aantal vierkante meter dat per danspaar gerekend moest worden (anderhalve vierkante meter per paar). Met teveel mensen op een kluitje konden er immers meer {ongewenste) aanrakingen plaatsvinden.  Verder mocht er niet gedanst worden vóórdat alle godsdienstoefeningen beëindigd waren.


Vind je dit interessant? Lees dan ook:
 

maandag 21 april 2014

Stop de danswoede!

Dansende boerinnetjes in Schaijk; dit was uiteraard wél toegestaan!
Tegenwoordig is dansen niet meer weg te denken uit onze cultuur; in de zomer feesten we er op los tijdens verschillende festivals, in het weekend kunnen we uit ons dak gaan in allerlei cafés en discotheken en op tv-zenders als MTV zijn 24/7 clips van wereldwijde artiesten te zien.

Dit is niet altijd zo geweest. In de 19e en begin 20e eeuw was er veel verzet tegen deze nieuwe vorm van vermaak, vooral uit christelijke hoek. De bisschop van Den Bosch wilde in 1845 de danspartijen aan banden leggen en de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond (NCB) waarschuwde ons in 1928 voor de oprukkende danswoede onder Brabantse boerinnetjes...

Danspartijen aan banden
Een bezorgde bisschop uit zijn zorgen...
Het probleem van schaars geklede mensen en 'onzedelijk' gedrag tijdens het dansen is niet voorbehouden aan de 21e eeuw, zo blijkt uit een brief van een bezorgde bisschop uit Den Bosch. Hij schreef deze brief zo'n anderhalve eeuw geleden, in 1845, aan de pastoor van de parochie Reek.
Deze bisschop riep de Reekse pastoor op om paal en perk te stellen aan de uitspattingen tijdens danspartijen. Deze feesten moesten daarom ophouden met 'zonnenondergang'. Voor de Reekse mensen was er dus geen sprake van een 'party all night long', zoals nu vaak wel het geval is. 
Bovendien was er voor de vrouwen nog meer slecht nieuws; zij mochten na de danspartij niet in het gezelschap van de 'broeders' verblijven en het 'vrouwvolk, jong en oud', diende zich naar huis te begeven. Tot slot werden de pastoors erop attent gemaakt 'dat zij hunnen invloed en vermaningen bezigen, om die vergaderingen (...) zoveel mogelijk uit te roeijen.' Gezellig is anders...

'Ware pestholen' en paartjesbussen
De Noordbrabantse Christelijke Boerenbond deelde de zorgen van de bisschop. In het Weekblad van de NCB werd in 1928 een artikel gepubliceerd waarin de danstenten werden omschreven als 'ware pestholen.' Opvallend aan dit artikel is dat zij de 'vreemdelingen', die naar Brabant zijn gekomen voor de opkomende industrie, beschuldigden van de onzedelijke danspartijen en de 'moderne vrouwenkleeding.' De Brabantse boerinnetjes moesten hiertegen beschermd worden. Mogelijk zouden deze boerenmeiden de verderfelijke dans- en kledinggebruiken uit de stad overnemen. 'De mensch stamt wel niet af van de aap, - maar naäpen is een algemeene menschelijke kwaal!' aldus de NCB.
Ook de NCB vreest de danswoede en 'moderne vrouwenkleeding'

De bond spreekt schande van de 'tegenwoordige danswoede' en spreekt zijn afkeer uit van zogenaamde 'paartjesbussen'. Dat zijn autobussen die speciaal reden op tijden dat jongens en meisjes naar danslessen of naar zogenaamde 'dancings' in de stad vertrokken. Zelfs sommige boerenjongens en -meiden werden verleid plaats te nemen in zulke bussen!

Levensgevaarlijke 'Jasz-dans'
Er waren niet alleen morele bezwaren tegen de verregaande danspraktijken. Wetenschappelijk onderzoek in Amerika had immers uitgewezen dat er steeds meer Amerikaanse vrouwen overleden aan ademhalingsziekten als gevolg van onvoldoende kleding en het dansen, met name de 'jasz-dans' was de grote boosdoener. Bovendien was er sprake van een 'verminderde voedselopname', omdat die vrouwen er alles aan deden om slank te blijven. En dat al in 1928!
Boerinnetjes: houd vast aan de oude boerenmode en de voorvaderlijke gebruiken!
Om deze redenen gaf de NCB bovenstaand advies voor de boerinnetjes om vast te houden aan hun oude boerenmode en -gebruiken. Volgende week zullen we zien dat hieraan lang niet overal gehoor is gegeven en dat er ook in 1933 nog genoeg te 'zeuren' viel over het onzedelijke dansvermaak...

Vind je dit interessant? Lees dan ook: