Posts tonen met het label concentratiekamp. Alle posts tonen
Posts tonen met het label concentratiekamp. Alle posts tonen

maandag 30 november 2015

Titus Brandsma ereburger van Oss

...Titus - in het midden - in Boxmeer...
Titus Brandsma is uitgeroepen tot ereburger van Oss. Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans reikte hiertoe in november 2015 een oorkonde uit aan de prior provinciaal van de Karmelieten in Nederland. Want Brandsma is van groot belang geweest voor Oss, en voor heel veel mensen ver daarbuiten.

Anno Sjoerd Brandsma wordt geboren te Oegeklooster bij Bolsward op 23 februari 1881. Hij studeert van 1892 tot 1898 aan het gymnasium van het Minderbroederklooster St. Antonius van Padua in Megen). Als hij op 17 september 1898 intreedt bij de karmelieten neemt hij de kloosternaam Titus aan. Een jaar later legt hij zijn kloostergeloften af en in 1905 wordt hij tot priester gewijd. In Rome promoveert de jonge Titus daarna tot doctor in de wijsbegeerte.

Terug in Nederland doceert Brandsma filosofie, sociologie en kerkgeschiedenis aan het studiehuis (Filosoficum) van de karmelieten in Oss. Hij zet zich op een breed vlak in voor de stad: hij wordt hoofdredacteur van het nieuwsblad voor Oss en omgeving "De Stad Oss", sticht een katholieke HBS, het huidige Titus Brandsmalyceum en
leeszaal. Ook bij de karmelieten speelt hij een belangrijke rol doordat hij zich in zet voor de vernieuwingsbeweging. In zijn hoedanigheid van geestelijk adviseur van de Nederlandsche Rooms-Katholieke Journalistenvereeniging heeft hij ook een groot aandeel in de modernisering van de katholieke dagbladpers in Nederland en in betere arbeidsvoorzieningen voor katholieke journalisten.

...Titus Brandsma (rechtsonder) tijdens
installatie burgemeester De Bourbon (1941)...
Brandsma ontwikkelt zich tot een groot kenner van de Karmelitaanse mystiek en de Moderne Devotie. Hij is betrokken bij de oprichting van het belangrijke spirituele tijdschrift 'Ons Geestelijk Erf'. Zijn unieke verzameling kopieën van middeleeuwse mystieke handschriften heeft aan de basis gestaan van het huidige Titus Brandsma Instituut te Nijmegen. Kern van zijn opvatting omtrent mystiek: God is verborgen aanwezig, in iedere mens én in de gehele schepping. Alles is in God en God is in alles. Behalve mysticus is Titus een vrome, behulpzame, opgewekte en integere persoonlijkheid.

Al in een vroeg stadium waarschuwt Brandsma voor de gevaren van het nazisme, rassenhaat en ophitsing. Hij veroordeelt de anti-joodse maatregelen van het naziregime. Zo is hij medio 1936 enige tijd lid van het door Nederlandse geleerden en kunstenaars opgerichte Comité van Waakzaamheid tegen het nationaal-socialisme. In 1941 verzet hij zich tegen het verwijderen van joodse leerlingen en bekeerlingen van katholieke middelbare scholen en is hij de architect van het verbod dat de Utrechtse aartsbisschop Jan de Jong uitvaardigde tegen het opnemen van NSB-advertenties in de r.-k. dagbladen.

...uit Boxmeers Weekblad, 8-8-1942...
Begin januari 1942 wordt hij gearresteerd door de Duitsers. Via een tocht langs de gevangenis van Scheveningen, kamp Amersfoort en de strafgevangenis van Kleef komt hij ten slotte in het concentratiekamp Dachau terecht.

Hij blijkt een grote morele, spirituele en daadwerkelijke steun voor zijn medegevangenen. Na enkele weken vol ontberingen en mishandelingen wordt hij uitgeput en doodziek in het kamphospitaal opgenomen. Daar raakt hij buiten bewustzijn en op 26 juli 1942 om twee uur 's middags komt een eind aan het leven van Titus Brandsma.

Het postume ereburgerschap van Oss markeert de dertigste verjaardag van Titus’ zaligverklaring door paus Johannes Paulus II, inmiddels zelf heiligverklaard. En dat zou ook met Titus moeten gebeuren, zo pleitte de Leeuwarder Courant.

Geschreven door:
Marilou Nillesen

Vind je dit leuk? Lees dan ook:

De beste verhalen via e-mail ontvangen?



vrijdag 7 februari 2014

Achter het prikkeldraad, schijnt de zon...

...kamp Vught...
“Starend kijk ik door het gigantische grote raam voor mij. Ik voel dat een rilling tergend langzaam vanuit mijn onderrug naar mijn nek kruipt waardoor mijn nekharen recht overeind gaan staan. Het geluid uit het museum verstomt om mij heen, als het tot mij doordringt wat mijn ogen zien. Het glas is op dit moment het enige wat mij en de tijd scheidt op deze koude, regenachtige dag."

Verscholen achter jonge bomen, een gevangenismuur en een glazen wand in het museum, ligt een verhaal waarvan vele Nederlanders niet van het bestaan af weten. De plek, omringd door twee rijen prikkeldraad, gescheiden door een brede sloot, is een nachtmerrie voor velen geweest. Kamp Vught, een plek waar de Duitse invloeden heden nog steeds zichtbaar zijn. 

Zwijgend stap ik naar buiten. Het beschermende gevoel van het glas is weg en brengt mij in contact met de bitter smakende realiteit van een concentratiekamp. Over het knisperende grindpad lopen we langs het prikkeldraad waar de hoogspanning al jaren van uitstaat. Achter het prikkeldraad lijkt de natuur zich niet bewust van het leed dat zich op deze plek heeft afgespeeld. De bomen kijken stilletjes toe en omringen een deel van het kampterrein.

Midden op het terrein staat een gebouw waarmee men zich van het bewijs probeerde te ontdoen, het crematorium. Een hoge, bakstenen schoorsteen bezorgt mij een misselijkmakend gevoel als ik nadenk over de slachtoffers die hier om het leven kwamen. Meer dan 700 mensen overleefden kamp Vught niet. Martelingen, moord, executies, verhongering en ziektes. De omstandigheden verschilden niet veel van grote concentratiekampen en dit allemaal binnen de Nederlandse grenzen. 

Veel mensen die in Vught gevangen hebben gezeten, zijn op transport gezet naar het Oosten met een vaak maar één doel. Zo ook 1269 kinderen, die naar een speciaal ‘kinderkamp’ zouden worden gebracht. De kinderen en hun begeleiders zijn daar nooit aangekomen omdat de uiteindelijke bestemming de gaskamers van Sobibor was.

Kamp Vught is een plek waar veel Nederlanders het bestaan niet van af weten. Een plek waar vele mensen voor het leven getekend zijn. Ook deze plek maakt deel uit van de Nederlandse geschiedenis tijdens de tweede wereldoorlog.
...Elisa de Vries...

Deze tekst is van de hand van gastblogger Elisa de Vries. Je vindt haar eigen weblog hier. Ben jij ook op een mooi verhaal gestuit tijdens je genealogische of historische onderzoek? En wil je dat verhaal delen? Stuur het in! Niet te lang (rond de 250 à 350woorden), illustratie erbij en we plaatsen het op ons weblog. Wie durft? :-)

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Kamp Vught
- Leven naast het kamp

maandag 2 september 2013

Leven naast het kamp


...het boek Leven naast het kamp...
Wat doet een dorp als het plotseling wordt geconfronteerd met een nabijgelegen concentratiekamp? De inwoners van het Brabantse Vught moesten leven met Konzentrationslager Herzogenbusch, beter bekend als Kamp Vught. Boyd van Dijk deed onderzoek (onder meer bij het BHIC) en schreef een indrukwekkend boek: Leven naast het kamp.

Ze waren kind aan huis: Vughtenaren bevoorraadden het crematorium met brandstof, pleegden misdaden, maar leverden óók vele hulppakketjes af. Anderen hielden juist grote afstand tot het kamp. Hun levens, getekend door het meest dodelijke kamp van de Lage Landen, staan centraal in deze biografie van een kampdorp. Als je hier klikt, kun je een fragment uit het boek lezen.

...impressie van Vught in de jaren veertig...
Boyd van Dijk (Breda, 1987) studeerde politicologie en geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Een halfjaar lang was hij een uitwisselingsstudent aan Sabançi University in Istanbul, Turkije. In 2010 rondde hij een master af aan zijn alma mater en vertrok daarna voor anderhalf jaar naar New York om Europese geschiedenis te gaan studeren aan Columbia University.

Volgende week, op maandag 9 september, wordt in het Bilderberg Garden Hotel in Amsterdam het boek Leven naast het kamp om 18 uur gepresenteerd. Paul Schnabel zal spreken, en Prins Pieter-Christiaan neemt het eerste exemplaar in ontvangst. Meer info over de boekpresentatie vind je hier.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Kamp Vught
- Vliegen over Vught in jaren veertig