Posts tonen met het label Oss. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Oss. Alle posts tonen

maandag 13 juni 2016

Geffense rotten contra de ossen

...van de Geffense groep De Bandola's...
1968 is een bijzonder jaar. De moordaanslagen op Martin Luther King en Robert Kennedy, en de studentenopstanden in Berlijn en Parijs zijn zelfs bijna een halve eeuw later niet uit ons collectieve geheugen verdwenen. Maar tijdens het laatste februariweekend van 1968 zijn die gebeurtenissen nog toekomstmuziek en viert Noordoost-Brabant carnaval. Niet helemaal onbezorgd overigens, want het annexatiespook waart rond. Dat heeft alles te maken met het feit dat industriestad Oss, dan qua oppervlakte een kleine gemeente, tegen zijn grenzen aanloopt.

In 1946 strandt het Osse plan tot annexatie van Berghem, Geffen, Heesch, Oijen en Teeffelen. Geffen vindt dat het, als agrarisch dorp, teveel verschilt van fabrieksstad Oss, die Geffen zeker als een uithoek zal behandelen. Ook de andere gemeenten zijn faliekant tegen. Twintig jaar later komt de provincie met een voorstel om zowel Den Bosch als Oss meer ruimte te geven. Geffen en Berghem zouden dan naar Oss gaan. Ook ditmaal laait het verzet op en het carnavalsfeest biedt daarvoor een geschikt podium.

In Rottenrijk Geffen staat Carnaval 1968 dus in het teken van de verdrijving van de Ossen. Gitaarclub De Bandola’s behaalt de tweede prijs in de optocht met een annexatie-os, die steeds in tweeën wordt gedeeld. En in het Café van Van Loon in Berghem wordt Vastenavond om 11 over 12 afgesloten met de verbranding van de Ossenkop, die trouwens de eerste prijs heeft gewonnen in de optocht. Desondanks is de dreigende annexatie niet het enige dat opvalt in het carnavalsgewoel van 1968, toch de tijd van “flower power”! Want de eerste prijs in de Geffense optocht is voor de creatie van de KVO-dames: twee poppen die lief zijn voor elkaar. Bijna profetisch, want sinds 1 januari 2015 maakt Geffen deel uit van de gemeente Oss!

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Komt de Beerse Maas terug?
- De Hertogswetering


Let op: we gaan verhuizen!

Hopelijk heb je deze blog met plezier gelezen. Maar let op: woensdag 15 juni verschijnt onze laatste bijdrage op deze blog. Daarna verschijnen er bijna dagelijks nieuwe verhalen op onze website; die verhalen vind je via www.bhic.nl/verhalen Volg je de blog via rss-feed? Meld je dan voor onze nieuwsbrief want daarin vind je onze beste verhalen overzichtelijk terug. Hopelijk zien we je daar weer! Bedankt alvast voor je aandacht!

De beste verhalen via e-mail ontvangen?






maandag 25 april 2016

Osse botergiganten vertrekken naar Rotterdam

...reclamemateriaal van Jurgens...
Op 20 maart 1929, ’s avonds om half tien, rijdt een vrachtwagen in volle vaart de veerpont bij Alblasserdam op. De chauffeur, die zijn voertuig niet meer in bedwang heeft, kan er nog net uitspringen voordat het gevaarte door de ketting aan de andere kant van het vaartuig heen breekt en in de rivier de Noord plonst. Door de schok zinkt ook de veerpont. Gelukkig kunnen de chauffeur en de veerman zich redden. 

In de gezonken vrachtwagen blijkt de hele inboedel te liggen van twee arbeidersgezinnen uit Oss. Die verhuizen naar Rotterdam vanwege de verplaatsing van de Osse margarinefabriek van Jurgens naar de havenstad. Het vertrek van Jurgens uit Oss komt niet uit de lucht vallen. In 1927 zijn de vroegere aardsconcurrenten Jurgens en Van den Bergh samengegaan in de Margarine Unie. Van den Bergh, ooit in Oss begonnen, besloot al in 1890 te verkassen naar Rotterdam, een veel betere uitgangspositie voor de export.

Vanaf het moment van oprichting van de Margarine Unie staat het vrijwel vast dat Jurgens zal volgen. Dat is dus de donderwolk die het hele jaar 1928 boven Oss hangt, want er werken 800 mannen en vrouwen bij het bedrijf. Daar komt bij dat het fabriekscomplex vrijwel in het stadscentrum ligt, tegenover de Grote Kerk. Leegstand is zeker dan rampzalig.

In januari 1928 komen de eerste onheilstijdingen: het hoofdkantoor van Jurgens in Nijmegen en delen van het bedrijf in Oss zullen worden verplaatst naar Rotterdam, waar een nieuwe fabriek wordt gebouwd. Enkele afdelingschefs moeten binnen drie maanden verhuizen, voor 40 medewerkers dreigt ontslag. Naarmate het jaar vordert, verschijnen er meer van zulke berichten. Dan breekt 1929 aan, het jaar van de beruchte Beurskrach in Wallstreet, New York. Die vindt plaats op donderdag 24 oktober, “Black Thursday”.

De Osse “Zwarte Zaterdag” is eerder: 30 maart! Dan sluit Jurgens de poorten voorgoed. 400 mensen worden werkloos. Wie ouder dan 45 is, met minimaal 25 dienstjaren, krijgt wel een pensioen, en er is een gratificatie voor mensen tot 45 met minimaal 10 dienstjaren, maar velen vallen buiten de boot. Dat geldt niet voor de collega’s die naar Rotterdam vertrekken. Voor hen is er nog toekomst bij Jurgens. Bedenk in dat verband dat de lichten van de gezonken verhuiswagen bij Alblasserdam nog brandden, toen het voertuig vier uur later werd opgetakeld uit het water!

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Toen een auto nog niet gewoon was
- De Hertogswetering
De beste verhalen via e-mail ontvangen?







maandag 14 maart 2016

Bliksembezoek per schietschouw

Een zogenaamde 'scietschouw' klaar om het ijs op te gaan
Begin 1814 trekt het Franse leger zich geleidelijk terug uit Nederland. En sinds 30 november van het jaar daarvoor staat, in de persoon van prins Willem Frederik, weer een Oranjevorst aan het roer. Diens zoon, erfprins Willem, 21 jaar oud, is opperbevelhebber van het Nederlandse leger. 

Gesteund door Pruisische troepen neemt hij na een wekenlang beleg op 26 januari de vesting 's-Hertogenbosch in. Noord-Brabant is nu grotendeels in Nederlandse handen.

Protestantse vorst
Erfprins Willem
Erfprins Willem heeft iets speciaals met Zuid-Nederland, en vooral met Tilburg. Dat zal zeker later duidelijk worden tijdens zijn koningschap (1840-1849), maar in februari 1814 blijkt al zijn interesse in het Brabantse.
Om te beginnen brengt hij vanuit 's-Hertogenbosch onverwachts een bezoek aan Tilburg. Daarna maakt ook de regio ten noordoosten van 's-Hertogenbosch kennis met Willem, die natuurlijk niet zomaar rondreist: hij heeft soldaten nodig, en zeker in de regio Oss wil men niet vechten in dienst van een protestantse vorst!

'IJsschuitje'
Op 21 februari arriveert de prins in winters Orthen, in een "cierlijk toegesteld ijsschuitje", dat getrokken wordt door enkele Bosschenaren op schaatsen. Daar stapt het gezelschap over in een koets, die over de dijken verder hobbelt richting Empel, Gewande en Alem, gevolgd door een aantal schaatsers.

Dorpssecretaris Dirk Luijcx van Breugel en de heer L.D. van Tengnagel de Raad vormen het ontvangstcomité. Ten huize van de secretaris maakt de prins 's avonds kennis met burgemeester Lucas Bokstart, de pastoor en de dominee. De kerkklokken luiden, de vlaggen zijn uitgestoken en het "huis der gemeente" is feestelijk verlicht.

De volgende ochtend reist het vorstelijk gezelschap per overdekte schietschouw of sleeschuit over het ijs van de bevroren Beerse Maas van Lithoijen naar Oss. Bij de weduwe van de vroegere schout Le Heu in huis spreekt Willem met deken Duchateau en andere geestelijken uit de regio. Daarmee verdwijnt de kou uit de lucht: het is feest in Oss en de schuttersgilden presenteren zich! Nadien vertrekt de schietschouw weer, richting Lithoijen en Oijen, met aan boord een tevreden prins.

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
Heesch op stoom!
Gevecht met het water

De beste verhalen via e-mail ontvangen?

woensdag 27 januari 2016

Heesch op stoom!

...met de stoomtram naar Oss...
Nee, dit verhaal gaat niet over een dramatisch verlopen demonstratie in Heesch, compleet met knallen, rookwolken en politiemensen die moeten voorkomen dat de meute het raadhuis bestormt. Er zijn hier in 1885 geen vluchtelingen, geen COA en geen relschoppers. Er is wel rook te zien, maar die komt van een stoomtuig dat een nieuwe tijd aankondigt.

Eigenlijk begint het allemaal met de ingebruikname van het spoortraject Tilburg - ’s-Hertogenbosch – Oss – Nijmegen in 1881. De stoomtrein zal Noordoost-Brabant ontsluiten, maar dan moeten de stations wel bereikbaar zijn. Ja, je kunt te voet of met paard en wagen van Heesch naar Oss, maar sinds kort kent Nederland ook de stoomtram. De eerste reed in 1879 van Den Haag naar Scheveningen. 

Sindsdien duiken overal bedrijfjes op die stoomtramlijnen willen aanleggen en exploiteren. In de Meierij is sprake van twee ambitieuze projecten: een lijn van Tilburg via Oisterwijk, Haaren en Den Dungen naar Oss en Lithoijen, en eentje van ’s-Hertogenbosch via Hintham, Heeswijk en Veghel naar Helmond. Burgemeester Festen van Heeswijk speelt een belangrijke rol in dit wereldje.

In het voorjaar van 1881 ontvangt de gemeenteraad van Heesch vanuit België een verzoek om toestemming voor een tramlijn tussen Oss en Veghel. Het voertuig zal hooguit 15 kilometer per uur rijden, verzekeren de aanvragers. Jammer genoeg laten de Belgen niets meer van zich horen. Dan adviseert de burgemeester de raad om in zee te gaan met zijn Heeswijkse collega, die toch weer handelt namens een Belgisch vervoerbedrijf. Festen bewerkt ook het provinciaal bestuur en de gemeenten Oss, Nistelrode en Veghel. Zo kan de belangrijke tramlijn ’s-Hertogenbosch-Veghel-Helmond vanuit Veghel een aansluiting krijgen op het spoorwegnet in Oss.

Al in 1882 gaat de Heesche raad akkoord met de aanleg van de tramlijn en ruim twee jaar later wordt er proefgereden. Het traject Oss-Veghel komt op 19 januari 1885 officieel in bedrijf. Vanaf dan kun je vanaf het gloednieuwe Stationsplein in Heesch in een kwartier naar Oss reizen en naar Veghel in een uur. Maar de invloed van de boeren blijft groot: de tram mag geen stoom afblazen tijdens het inhalen van een voertuig, bespannen met één of meer paarden! De dieren zouden kunnen schrikken…

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

AANVULLING: Via twitter werden wij gewezen op deze site:
zou de "locomotief " zijn gebouwd in machinefabriek Backer en Reub uit Breda?.

Geschreven door: 
Henk Buijks

Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Toen een auto nog niet gewoon was
- De Hertogswetering
De beste verhalen via e-mail ontvangen?



woensdag 23 december 2015

Een losgeslagen bende in Oss

...galg op de Vughter Hei, bron NCRD, Nationaal Gevangenismuseum...
De Bende van Oss klinkt menigeen bekend in de oren. Maar onderzoeker Henk Beijers treft in de resoluties van de Raad van State al in 1748 een bendeleider in Oss aan die aan het hoofd staat van een groep ‘vagebonderende hoogduitsche smousen’. Met een waslijst aan 'ontoelaatbare delicten' ging hij direct naar cachot.

De raad en rentmeester generaal der domeinen van Brabant geeft een reactie op een klacht van Reinhard Burchard Rutger Graaf van Rechteren als hoog- en laagschout van stad en Meierij van ’s-Hertogenbosch. Het is bekend dat rond 1748 het in de Meierij bepaald niet pluis was. Allerlei gespuis terroriseerde de regio maar de daders werden aardig op de hielen gezeten, totdat in Oss in kwartier Maasland een zekere Jonas Zacharias Pos alias Seuk, een Amsterdammer van geboorte, als bendeleider van een groep ‘vagebonderende hoogduitsche smousen’ in de kraag werd gegrepen, gearresteerd en terstond werd overgebracht naar het cachot.

Hij had al een serie ernstige delicten op zijn naam staan, was al diverse malen op water en brood gezet, maar was kennelijk hardleers. Ook zijn handlangers konden de dans niet ontspringen. Voor de Bossche schepenbank werd Jonas ‘scherpelijk geëxamineert’ naar aanleiding van huisinbraken, diefstal, afpersing en meer ontoelaatbare delicten. Hij moet tijdens dat pittig verhoor tot het besef zijn gekomen dat het de overheden nu menens was, er geen ontkomen aan was en ontdekt hebben dat de schepenen in ’s-Hertogenbosch tot in de kleinste details op de hoogte waren van zijn losbandig en schandelijk gedrag en gruwelijke praktijken.

Eenmaal terug in zijn ‘gevangeniscel’ heeft hij kennelijk diep zitten nadenken over de rigoureuze gevolgen van zijn veroordeling en de akte vermeldt dat hij ‘uit vreeze van geconvinceert te werden en om zijn welverdiende straffe te ontgaan’, uiteindelijk zijn ‘geweldige handen’ aan zichzelf heeft geslagen door zichzelf te verhangen. Zijn dode lichaam werd kort daarop op een kar gelegd en vervoerd tot buiten de stad om begraven te worden in de directe omgeving van de galg. In zijn kielzog trok hij van die ‘swervende bende hoogduitsche smousen’ ook nog een mans- en twee vrouwspersonen mee het ongeluk in. Het betrof een zekere Moses Jacob binnen de bende bekend als Moijses Smaalhaken, ook zijn bijzit genaamd Schoontje Marcus ging een veroordeling tegemoet alsmede Belie Simons, de huisvrouw van wijlen Philip Falk die  inmiddels de strop al had gekregen.

Moses werd veroordeeld en aan een ‘scherpe torture’ blootgesteld, maar die wist hij te doorstaan. Daarna kwamen de beide vrouwen aan de beurt, maar die bleven alles waarvan ze beticht werden hardnekkig ontkennen. Uiteindelijk werden deze drie voor eeuwig en altijd uit de Meierij verbannen. Of ze daarna hun kwalijke praktijken hebben voortgezet is verder niet bekend!

Bron: BHIC toegang 178 inv.nr.357 Resoluties van de Raad van State dienstjaar 1748 folio 884 verso dd. 13 april
     
Geschreven door: 
Henk Beijers

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
Neem een kijkje in een veldhospitaal in 1746
- Feest in Den Bosch in 1744 valt letterlijk in het water

De beste verhalen via e-mail ontvangen?

maandag 30 november 2015

Titus Brandsma ereburger van Oss

...Titus - in het midden - in Boxmeer...
Titus Brandsma is uitgeroepen tot ereburger van Oss. Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans reikte hiertoe in november 2015 een oorkonde uit aan de prior provinciaal van de Karmelieten in Nederland. Want Brandsma is van groot belang geweest voor Oss, en voor heel veel mensen ver daarbuiten.

Anno Sjoerd Brandsma wordt geboren te Oegeklooster bij Bolsward op 23 februari 1881. Hij studeert van 1892 tot 1898 aan het gymnasium van het Minderbroederklooster St. Antonius van Padua in Megen). Als hij op 17 september 1898 intreedt bij de karmelieten neemt hij de kloosternaam Titus aan. Een jaar later legt hij zijn kloostergeloften af en in 1905 wordt hij tot priester gewijd. In Rome promoveert de jonge Titus daarna tot doctor in de wijsbegeerte.

Terug in Nederland doceert Brandsma filosofie, sociologie en kerkgeschiedenis aan het studiehuis (Filosoficum) van de karmelieten in Oss. Hij zet zich op een breed vlak in voor de stad: hij wordt hoofdredacteur van het nieuwsblad voor Oss en omgeving "De Stad Oss", sticht een katholieke HBS, het huidige Titus Brandsmalyceum en
leeszaal. Ook bij de karmelieten speelt hij een belangrijke rol doordat hij zich in zet voor de vernieuwingsbeweging. In zijn hoedanigheid van geestelijk adviseur van de Nederlandsche Rooms-Katholieke Journalistenvereeniging heeft hij ook een groot aandeel in de modernisering van de katholieke dagbladpers in Nederland en in betere arbeidsvoorzieningen voor katholieke journalisten.

...Titus Brandsma (rechtsonder) tijdens
installatie burgemeester De Bourbon (1941)...
Brandsma ontwikkelt zich tot een groot kenner van de Karmelitaanse mystiek en de Moderne Devotie. Hij is betrokken bij de oprichting van het belangrijke spirituele tijdschrift 'Ons Geestelijk Erf'. Zijn unieke verzameling kopieën van middeleeuwse mystieke handschriften heeft aan de basis gestaan van het huidige Titus Brandsma Instituut te Nijmegen. Kern van zijn opvatting omtrent mystiek: God is verborgen aanwezig, in iedere mens én in de gehele schepping. Alles is in God en God is in alles. Behalve mysticus is Titus een vrome, behulpzame, opgewekte en integere persoonlijkheid.

Al in een vroeg stadium waarschuwt Brandsma voor de gevaren van het nazisme, rassenhaat en ophitsing. Hij veroordeelt de anti-joodse maatregelen van het naziregime. Zo is hij medio 1936 enige tijd lid van het door Nederlandse geleerden en kunstenaars opgerichte Comité van Waakzaamheid tegen het nationaal-socialisme. In 1941 verzet hij zich tegen het verwijderen van joodse leerlingen en bekeerlingen van katholieke middelbare scholen en is hij de architect van het verbod dat de Utrechtse aartsbisschop Jan de Jong uitvaardigde tegen het opnemen van NSB-advertenties in de r.-k. dagbladen.

...uit Boxmeers Weekblad, 8-8-1942...
Begin januari 1942 wordt hij gearresteerd door de Duitsers. Via een tocht langs de gevangenis van Scheveningen, kamp Amersfoort en de strafgevangenis van Kleef komt hij ten slotte in het concentratiekamp Dachau terecht.

Hij blijkt een grote morele, spirituele en daadwerkelijke steun voor zijn medegevangenen. Na enkele weken vol ontberingen en mishandelingen wordt hij uitgeput en doodziek in het kamphospitaal opgenomen. Daar raakt hij buiten bewustzijn en op 26 juli 1942 om twee uur 's middags komt een eind aan het leven van Titus Brandsma.

Het postume ereburgerschap van Oss markeert de dertigste verjaardag van Titus’ zaligverklaring door paus Johannes Paulus II, inmiddels zelf heiligverklaard. En dat zou ook met Titus moeten gebeuren, zo pleitte de Leeuwarder Courant.

Geschreven door:
Marilou Nillesen

Vind je dit leuk? Lees dan ook:

De beste verhalen via e-mail ontvangen?



woensdag 12 augustus 2015

Bendelid van Oss blijkt beminnelijke buurman

...inschrijving van Lambertus Vos, gevangenisregister Den Bosch 1918-1923...
Kerstnacht 1926: de 17-jarige Dina van der Doelen is alleen thuis met haar broertje als ze wordt overvallen door de Bende van Oss. Als Dina niet snel genoeg zegt waar geld verborgen is, zet Lambertus Vos (alias Bijs de Sijp) een pistool in haar mond en schiet door haar wang. Jaren later vindt het buurmeisje van Vos een brief van hem, verstopt in een schuur. Geschreven in 1951, vanuit de strafgevangenis in Groningen.

De Bende van Oss zorgt tussen 1888 en 1934 voor veel zware misdaden; met 29 moorden, tientallen roofovervallen, inbraken en honderden brandstichtingen. Op de lange lijst met veroordeelde bendeleden staat ook Lambertus Vos. Hij wordt veroordeeld voor roofovervallen en heling. Lambertus deinst – zo blijkt uit het voorval in 1926 – niet terug voor geweld.

...brief gericht aan Bijs de Sijp...
Dat is de ene kant van Vos. Aan de andere kant is hij ook gewoon een buurman die – decennia later – woont in een doodgewone straat. Daar is hij “wel een zonderling maar ook een ontzettend lieve buurman”, zo laat zijn toenmalig buurmeisje Brigitte van der Doelen-Ruijs weten.

“Bijs was een echte zonderling, kwam nooit zijn erf af. Mijn moeder zette wel eens koffie voor hem en dan zette zij een dienblad over de heg, hij dronk het op en zette het terug, vaak met een emmertje kersen of aardbeien erbij. Bij iemand binnenkomen deed hij nooit, zelfs niet aan de deur komen. Wel vertelde hij hele verhalen over allerlei soorten brandnetels en ander onkruid, tegen welke kwalen je die allemaal moest eten of thee van moest zetten. Dat groeide dan ook allemaal in zijn enorm grote "tuin".” Brigitte speelde als kind vaak in en om het huis van Vos en vond zo, na zijn overlijden, een brief.
...klik erop om de brief te vergroten...
In een goed leesbaar en regelmatig handschrift wendt Vos zich tot vermoedelijk zijn advocaat. “Ik verzoek U nogmaals beleefd om hier in Groningen bij den Rechtercommissaris een stil verhoor te beleggen en Mej. Van Lieverloo te laten dagvaarden om hier in stil verhoor te komen. Het doel hiervan is, om die kwestie, textiel te kort of te weinig, op te lossen.”

De reden dat Vos weer vastzit, lijkt te maken te hebben met diefstal of heling van textiel. “Wij mochten niet naar die dennen bosschen mochten gaan om het bewijs te leveren waar die textiel goederen verborgen hebben gelegen.” Zijn verleden lijkt hem hierbij wel parten te spelen want Vos krijgt als antwoord van zijn advocaat dat hij “bij de bestudering van Uw strafdossier niet bepaald lichtpunten heb kunnen ontdekken”.

Geschreven door:
Marilou Nillesen

Vind je dit leuk? Lees dan ook:
- Rafelrand van Oss wordt glad gestreken
- Postuum BN'er: Jan van de Pas

De beste verhalen via e-mail ontvangen?



woensdag 27 mei 2015

Puistjes perikelen

Geen Clearasil maar... kloosterbalsem?
Het Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) heeft de drie oudste regionale kranten uit het Land van Cuijk gedigitaliseerd. Ze zijn nu online doorzoekbaar via www.bhic.nl/kranten. Het gaat om de Graafsche Courant (1852-1945), de Echo (1881-1945) en het Boxmeers Weekblad (1868-1945). Met deze krantencollectie kun je thuis bladeren door bijna honderd jaar oude kranten. En dat levert massa's intrigerende verhalen op. Wist je bijvoorbeeld dat in de jaren dertig veel mensen stierven nadat ze een puistje hadden opengekrabd?

Hands off your face!
Wanneer je op onze website de Graafsche Courant, de Echo en het Boxmeers Weekblad uit de jaren dertig doorbladert, kom je tientallen berichten tegen van mensen die een onschuldig puistje hadden opengekrabd en als gevolg daar van waren overleden.

Het krabben van een puistje werd mejffrouw Van Niftrik fataal
Tegenwoordig is het niet meer voor te stellen, maar in de jaren dertig bezweken tientallen arme stakkers aan deze 'onvoorzichtigheid.' De slachtoffers stierven vaak in het ziekenhuis 'na de smartelijkste pijnen', zo ook mejuffrouw Van Niftrik-Swiers uit Oss, wier gezicht na het openkrabben van het bewuste puistje in 1934 helemaal opzette. Een bezoek aan het Sint Anna Ziekenhuis mocht niet baten; ze overleed diezelfde dag nog.

Brandnetelpannenkoeken en buskruit?
Was er dan helemaal niets te doen aan die puistjes perikelen? Jawel, je moest gewoon voorkomen dat die akelige rode bultjes op je gezicht verschenen! Kloosterbalsem zou één van de wondermiddelen zijn, maar er waren nog veel meer tips en trics, die niet altijd even prettig waren.
 
Wie krijgt er buskruit en vijf pond vijgen naar binnen?
Vijf pond vijgen!
Wat dacht je van gestampte eierdoppen en buskruit of pannenkoeken met gebakken brandnetels? Niet de meest lekkere medicijnen. Maar het wordt nog erger, want wie echt van zijn steenpuisten af wil, zou vijf pond vijgen achter elkaar op moeten eten! Dan heb ik toch maar liever een paar van die lelijke pukkeltjes op mijn gezicht...

Lisette Kuijper

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
De zeep der wijzen!
- Cynisme, geldzucht en 'n hooivork in de borstkas

 


woensdag 11 februari 2015

Ikke en ons Jentje; kinderrrijmpjes uit 1944

...de uitgave van het Stadsarchief Oss...
"Ten behoeve van de opbouw van het streekmuseum", schreef de burgemeester van Oss in het voorjaar van 1944 een brief aan alle schoolhoofden in het Maasland. Hij was op zoek naar "liederen, liedjes en rijmpjes" die de kinderen leerden, mogelijk als materiaal voor het streekmuseum.

Meester Gielen, hoofd van de jongensschool in Berghem, liet zich niet onbetuigd en stuurde 122 blaadjes met rijmpjes. Aftelrijmpjes, spotliederen over dorpsgenoten, de onderwijzer of de pater, liedjes die de kinderen bij hun ouders en oudere broers en zussen hebben gehoord en zonder het goed te begrijpen napraten. Het resultaat is hilarisch, komisch en soms heel plat. "Want kinderen vinden niets grappiger dan poep. Dat is nu zo en dat was toen niet anders", schrijven de samenstellers van het boekje; het Stadsarchief Oss.

Via omwegen is deze verzameling van meester Gielen namelijk terechtgekomen in het Stadsarchief en daar in boekvorm uitgegeven; inclusief alle schrijf- en spelfouten en sommige stukjes in dialect. Dit boekje "Ikke en ons Jentje" is voor 2 euro 50 te koop bij het Stadsarchief Oss aan de Peperstraat 12 in Oss, telefoon 0412-629101, mail: stadsarchief@oss.nl

Gedichtjes geven vaak een prachtig tijdsbeeld, zo zien we ook in ons eigen archief. Wat te denken van het album van Julia Halfwassenaer van Onsenoort (gedateerd van 1823 tot 1825)? Nog allemaal zonder poeziëplaatjes, maar zeg nou eerlijk; dat is met die mooie krulletters toch ook niet nodig?


Vind je dit interessant? Lees dan ook:
Maas waar kom je vandaan en waar ga je naar toe?
- Boze buren en geen rijdende rechter



maandag 5 januari 2015

Rafelrand van Oss wordt glad gestreken

..."met scheven ogen aangekeken"...
Oss mocht in de vorige eeuw al een niet al te beste reputatie hebben, het Schaijksveld deed daar in de jaren dertig nog een schepje bovenop. Bewoners van deze straat vragen in 1948 na dato dan ook om een andere naam.

Oss, dat is de broedplaats voor criminele messenstekers; dat stond zeker in het verleden in het collectief geheugen van Nederland gegrift. Vaak gepleegd door door groepjes Ossenaren afkomstig uit een klein aantal families, die leefden aan de rand van de samenleving. Letterlijk en figuurlijk. Waaronder het Schaijksveld, een verzameling sjofele huizen, krakkemikkige boerderijen en "ruw volk" als bewoners. Langzamerhand verhardde het bestaan, zeker in deze wijk van Oss. Wie er niets te zoeken had, ging er niet heen.
...in behandeling...
Het is het verhaal van de Bende van Oss in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw waarbij misdrijven aan de orde van de dag waren. En ook als na een aantal decennia de rust is teruggekeerd, blijft de naam Schaijksveld criminele associaties oproepen, zo meldden de bewoners in een brief aan de burgemeester in februari 1948. Enkel het noemen van de straat zorgt ervoor dat ze "met scheven ogen" worden aangekeken. Een andere naam zou hierin verandering in moeten brengen. De gemeente Oss buigt zich over de kwestie en al snel komt er een andere, bijzondere naam om deze rafelrand glad te strijken: Schadewijkstraat.

Marilou Nillesen

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Bende van Oss in de pers
- Een straatnaam en een zwembad (dat er niet kwam)


maandag 22 december 2014

Een geschiedenis van Nederlandse dienstmeisjes

Nog niet zo lang geleden hadden veel huishoudens in Nederland een dienstmeisje. De meisjes woonden in, en stonden dus dag en nacht paraat. Meestal bleef het niet bij huishoudelijke taken alleen: niet zelden nam `het dienstje ook de opvoeding van de kinderen voor haar rekening. 

...het pas veschenen boek Alstublieft, mevrouw!...
Journaliste Tialda Hoogeveen sprak met zeven voormalige dienstmeiden. Dames op leeftijd, van wie enkele ouder dan negentig jaar, vertrouwden haar hun verhaal toe: waaruit het werk bestond, tegen welke problemen ze aanliepen, hoe de verhoudingen lagen en hoe die gaandeweg begonnen te verschuiven. Van het verhaal van een jong meisje dat in de jaren twintig door haar ouders op pad werd gestuurd om de kost te verdienen, tot het verhaal van een vrouw die zelfs in de roerige jaren zestig nog als dienstmeid aan de kost moest komen. In Alstublieft, mevrouw! vertelt Tialda Hoogeveen de meeslepende geschiedenis van de Nederlandse dienstmeisjes.
Dienstmeisjes zijn ook veelvuldig - en in verschillende vormen - terug te vinden in ons archief.Kijk maar eens mee...

Catharina van den Dungen is met haar opmerkelijke relaas te vinden is in de schepenprotocollen Heesch. Op verzoek van Isaacq Vester verklaart zij dat ze twee jaar als dienstmeid bij Antonij van den Heuvel heeft gewoond. "Op de terugweg naar Heesch naar Vinkel op de heide Jan Rijnders van Venrooij is tegengekomen en onder belofte van trouw met hem is meegegaan."
  
...Uit het parochiearchief H. Antonius Abt te Reek blijkt dat je als dienstmeid soms ook nog wat kon erven...


Maar volgens de criminele vonnissen zouden sommige dienstmeisjes ook nog wel eens een greep in de kas doen. Erger is het wanneer een dienstmeid - Catharina Melchert in dit geval - verdacht van "dood door schuld." Tussen 1824 en 1834 staan in de archieven van rechtbank Den Bosch maar liefst vier dienstmeiden die worden verdacht van kindermoord.

...Anna Maria van der Aa...
We zijn natuurlijk ook benieuwd naar verhalen van dienstmeisjes uit deze omgeving. Daarvoor hoeven zij niets op hun kerfstok te hebben; ook verhalen van jarenlange trouwe dienst zijn meer dan welkom! Op onze website staat een mooie foto van Anna Maria van der Aa, dienstmeid in Brabant. Meer verhalen zijn altijd welkom... Wie helpt ons er aan?

Marilou Nillesen

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Mooi portret
- De vreeselijke brand te Den Dungen

maandag 10 november 2014

Van droom naar ontnuchterende ervaring: geschiedenis van gastarbeiders in Oss

...geschiedschrijving over gastarbeiders in Oss...
Een halve eeuw geleden kwamen ze in grote getale naar Oss om aan de slag te gaan bij fabrieken als Thomassen&Drijver, Bergoss, Unox en Zwanenberg. Historicus Mahmut Eciyas beschreef de geschiedenis van gastarbeiders in de jaren zestig en zeventig in Oss, onder de titel 'Ver van huis en haard'.

Vijftig jaar geleden kwamen de eerste Turkse en Spaanse arbeiders naar Oss. Bijna iedereen ging ervan uit dat zij tijdelijk in Nederland zouden blijven, vandaar de benaming gastarbeiders. Terwijl de meeste Spaanse arbeiders wel remigreerden naar hun geboorteland, bleven de meeste Turken in Oss en lieten hun gezinnen overkomen. Zowel de Turken als de Spanjaarden grepen de kans aan om geld te verdienen in het buitenland. Maar de praktijk bleek vaak weerbarstig en een aaneenschakeling van ontnuchterende ervaringen die door Eciyas uitgebreid worden besproken. Een voorbeeld hiervan zijn de verplichte medische keuringen, die ervoor moesten zorgen dat alleen de meest fitte en kansrijke mannen naar Nederland zouden komen. 

Eenmaal in Nederland volgde dan vaak de opvang in een overvol bedrijfspension waar regelmatig opstootjes uitbraken, of in particuliere pensions waar de levensomstandigheden volgens belangenverenigingen ‘onmenselijk’ waren. Een journalist trof een eengezinswoning met tochtige ramen, lekkende daken, slechte verlichting en gebrekkige verwarming waarin 18 mannen waren ondergebracht. Zij moesten daarvoor dan elke maand omgerekend zo’n 135 euro per persoon betalen. Dit was vaak een aanzienlijk deel van het salaris dat zij verdiende tijdens de vaak zesdaagse werkweken, waarin door de mannen soms wel 12 uur per dag zware fysieke arbeid werd verricht. 

Maar naast de ontnuchterende ervaringen, komen ook de positieve ervaringen aan bod. Zo is Ahmet zich ervan bewust dat hij als één van de eerste Turken in Nederland de ‘room van de melk heeft mogen nemen’. Een ervaring die andere geïnterviewden delen. Hij prijst de gastvrijheid van de lokale bevolking die altijd spontaan zwaaide als er Turken langsreden, en ook het feit dat hij hier legaal en verzekerd mocht werken tegen een vaststaand uurloon was voor hem een welkome verandering met zijn thuisland. Habibe, een Turkse vrouw die naar Nederland kwam om haar man te ondersteunen, herinnert zich haar eerste indrukken van Oss als een grote, schone en ontwikkelde stad. Vooral het feit dat er na een regenbui geen modder op straat achterbleef was voor haar een opmerkelijke ervaring.

Op basis van een uitgebreide opeenstapeling van soortgelijke belevingen en feiten wordt in de publicatie gezocht naar een samenhang tussen de vaak pragmatische, maar eveneens inzichtelijk gemaakte overwegingen van de Osse werkgevers en overheid en de daadwerkelijke gevolgen hiervan voor de mannen en vrouwen van vlees en bloed. Zo komt Erciyas tot een aangrijpende uiteenzetting van vele in elkaar overgaande, en elkaar steeds weer beïnvloedende feiten uit de Osse geschiedenis, die het leven van de vele jonge Turkse en Spaanse mannen en vrouwen als ook die van de Osse samenleving als geheel, diepgaand zouden veranderen.

'Ver van huis en haard. Een geschiedenis van de Turkse en Spaanse gastarbeiders in Oss in de jaren zestig en zeventig' verschijnt als nummer drie in een boekenreeks van het Stadsarchief Oss. Kosten bedragen 5 euro. 

Deze gastblog is van de hand van Sjoerd Bergmans, student Archiefwetenschap. Ben jij ook op een mooi verhaal gestuit tijdens je genealogische of historische onderzoek? En wil je dat verhaal delen? Stuur het in! Niet te lang (rond de 250 à 350woorden), illustratie erbij en we plaatsen het op ons weblog. Wie durft? :-)

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Watertoren Oss
Winkeltje van Heijmans

vrijdag 24 oktober 2014

Frank Lammers&Henk Buijks door Oss van vroeger

...fragment uit De Canon van Lammers...

Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet… Wat is er zo interessant dat oud- BHIC’er Henk Buijks en Frank Lammers vol bewondering over het hek gebogen staan? Midden in een weiland staan Frank en Henk voor het monument voor de verongelukte arbeiders van de Maaswerkzaamheden in 1935.

In zijn nieuwe tv-serie De Canon van Lammers gaat Frank namelijk op zoek naar de bijzondere geschiedenis van Nederlands en Belgisch Brabant. In tien afleveringen maakt hij een rondreis door het oude hertogdom. Aanstaande zondagavond 16 oktober komt in de vierde aflevering de regio Oss, Megen en Ravenstein aan de beurt met niemand minder dan onze oud-collega Henk Buijks.

Als regionaal historicus leidt Henk Frank langs de unieke geschiedenis van noordoost Brabant. In deze aflevering maakt Frank een tour door Oss en omstreken. In Boxtel en Den Bosch worden Franks vragen over de Brabantse hertogen en het stoere ridderleven beantwoord. Daarna reist hij zuidwaarts voor een indrukwekkend bezoek aan Nationaal Monument Kamp Vught. De oorlog blijft het onderwerp wanneer hij in Ravenstein het verhaal van verzetsstrijder Willie Andriessen hoort. Ten slotte baggert Frank door de Megense uiterwaarden en weilanden om de omgeving van de arbeiders te verkennen die reeds in 1935 dijken hebben gebouwd.

Mis het avontuur van Frank en Henk niet! Schakel voor een leerzame avond aanstaande zondag in om 19.00 uur in op Omroep Brabant.

Yvonne Verstappen

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Je tijdmachine naar Oss
- De jaren zestig

vrijdag 17 oktober 2014

Begin de dag met een verhaal

...Begin de dag met een verhaal...
Waarom vertellen mensen verhalen? Hoe voorkom je dat verhalen destructief worden? Hoe zorg je ervoor dat verhalen mensen juist verbindt? De kracht van verhalen werd pas geleden onder de loep genomen tijdens een studiedag in de Osse bibliotheek. “Begin de dag met een verhaal”, luidde het advies van Joke Hermsen, één van de sprekers die dag.

Vanuit verschillende invalshoeken werd deze dag naar de kracht van het verhaal gekeken. Terloops kwam in de diverse presentaties ook het archief aan bod. “Mensen gaan prat op hun afkomst op de Batavieren; of hun stamboom waar is, dondert niet”, vermeldde hoogleraar sociale wetenschappen Christien Brinkgreve in haar verhaal. Terwijl schrijfster en filosofe Joke Hermsen er nog eens voor pleitte zorgvuldig met archief om te gaan, “en met de geur van oud papier.” Filosoof Jeroen Vanheste wees op het belang van de persoonlijke herinnering in een verhaal.

Nou, van dat laatste weten we bij het BHIC inmiddels het één en ander. Vorige maand zetten wij het 5000ste historische verhaal online. Ruim een derde van deze verhalen is geschreven door geschiedenisliefhebbers en vaak staan ze bol van persoonlijke herinneringen. Het 5000ste verhaal is het verhaal 'Het Martinushuis' van Willie Damen van de Mosselaer uit Sint-Oedenrode.

Veel mensen vinden het heerlijk om oude foto’s en films te bekijken en nog eens terug te keren naar hun Brabantse roots. Herinneringen aan een oude dorpsdokter, de pastoor, hun school of een plein waar zij als kind veel gespeeld hebben en dat door een nieuwe woonwijk is verdwenen. Dat zijn precies de gegevens waar we sinds de start van onze online geschiedenisboekjes in 2006 voortdurend naar op zoek zijn. Met deze verhalen geven mensen de geschiedenis van hun woonplaats kleur.  

Door de enorme toename van digitale archieven en bronnen heeft de (lokale) geschiedschrijving de laatste jaren een andere invulling gekregen. Mensen kunnen gewoon thuis achter hun bureau graven in het verleden. Voor (stamboom-)onderzoek, maar bijvoorbeeld ook om foto’s en films te bekijken en hun lokale geschiedenis te ‘ontdekken’. Het BHIC heeft zich daar de afgelopen jaren op gefocust door open te staan voor nieuwe publiekswegen, te experimenteren met nieuwe media en samen te werken aan digitale projecten.

Marilou Nillesen

Vind je dit interessant? Lees dan ook:

maandag 13 oktober 2014

De Ruwwerd staat in brand!

...de Ruwwerd in lichterlaaie...
Krantenkoppen spreken van een “kapitale brand die niet te temmen was”. Winkelcentrum Ruwwerd in Oss werd op zaterdag 15 oktober 1977 grotendeels in de as gelegd. 
 
...omschrijving van de winkels in de Ruwwerd...
Uit het verslag van de brandweercommandant staat dat de eerste melding van “rookontwikkeling” om 19.34 uur binnenkwam. Binnen tien minuten wordt met groot materieel uitgerukt en bijstand gevraagd aan omliggende korpsen. Maar het vuur weet zich snel te verspreiden. Het Chinees restaurant moest in allerijl worden ontruimd. Volgens de kranten uit die tijd vrat het vuur zich door de houten dakbedekking en zag het winkelcentrum er in korte tijd uit als een brandende fakkel. Rond 21 uur is de brand meester; het nablussen duurt tot zondagmiddag 18 uur.

...plan van aanpak om de brand te bestrijden...
...het waterverbruik schiet omhoog...
De volgende foto’s - gemaakt tot een tot nu toe onbekende fotograaf - brengen de omvang van de brand duidelijk in beeld.
...door de constructie van het winkelcentrum ontwikkelde de brand zich snel door "schoorsteenwerking"... 
...de vlammen sloegen snel om zich heen...
...en al snel stond het hele winkelcentrum in brand...

Marilou Nillesen

Vind je dit interessant? Lees dan ook: