Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen

woensdag 4 februari 2015

Scheervlucht over Maasdonk 1993-2014

...herinneringen aan Maasdonk vastgelegd...
Op een zonnige augustusdag in 2014 vlieg ik over onze provincie en speciaal over het werkgebied van het BHIC. Aangekomen boven Maasdonk vraag ik de piloot om een rondje te draaien over de drie kerkdorpen Geffen, Nuland en Vinkel. Hij doet dat keurig en binnen vijf minuten overzien we de ligging van de gemeente Maasdonk tussen grote broers ’s-Hertogenbosch en Oss, die straks allebei een stuk van deze gemeente mogen inlijven. Al rondcirkelend besef ik tevens dat het samenstellen van een boek over deze nog jonge gemeente wel iets heeft van een scheervlucht. Immers, je overziet enkele grote lijnen, maar van wat daaronder ligt, pik je maar af en toe een detail op.

Ten tijde van de rondvlucht zijn Mechtilde Meijer en ondergetekende ruim een half jaar bezig met een gedenkboek voor de inwoners van Maasdonk. We worden begeleid door een redactiecommissie met daarin vertegenwoordigers van Lokale Omroep Vladeracken en de gemeente. Vladeracken nam het initiatief tot dit project. De omroep verwacht tegen eind 2014 ettelijke tienduizenden euro’s over te hebben, geld dat vóór 2015 moet zijn besteed, en liefst aan iets leuks voor alle inwoners: een boek! Ook het gemeentebestuur voelt voor dat idee. Niet vreemd, want Maasdonk kent een zekere traditie op dat terrein – denk aan de publicaties bij het begin van de gemeente in 1993 en bij gelegenheid van de opening van de snelweg tussen Rosmalen en Geffen in december 2005.


Het project begint met een oproep aan de bevolking bijdragen voor het boek – foto’s en eventueel teksten – aan te leveren. Verder hebben de samenstellers de taken duidelijk verdeeld: Mechtilde, communicatievrouw ‘pur sang’, doet interviews met bekende en vaak tevens kleurrijke inwoners van Maasdonk. Van mij wordt een duik in de geschiedenis van de drie kerkdorpen verwacht. Ze blijken onderling nogal te verschillen, maar zijn wel op elkaar aangewezen. Vandaar de titel van het boek: “Drie-eenheid in verscheidenheid”. Ook de gemeentelijke herindeling en de grenzen komen aan bod. Dat verhaal begint al veel eerder dan 1993 en het biedt bovendien kansen om het ‘waarom’ van de herindeling van 2015 naar boven te halen. Het onderzoek, in de archieven van Maasdonk en van de provincie, levert boeiend materiaal op. Zo blijkt het verloop van de oude gemeentegrens tussen Rosmalen en Nuland – dwars door de dorpskom van Nuland – nogal eens voor problemen te hebben gezorgd, en al in 1946 was er sprake van ‘Groot Oss’. Maar er komen ook voetangels en klemmen bloot. Gedurende de 22 jaar dat Maasdonk bestaat, rommelt het nogal eens binnen het gemeentebestuur. Enkele raadsleden en wethouders en zelfs een burgemeester lopen daarbij averij op. Ook dergelijke zaken mogen in het boek niet onbesproken blijven, maar zonder de betrokkenen verder te beschadigen.


De oproep aan derden blijft niet onbeantwoord: we worden bedolven onder het materiaal, zodat er keuzes moeten worden gemaakt. Uiteindelijk worden er uit alle drie de dorpen bijdragen geleverd, waaronder molenverhalen uit Geffen en Vinkel. En de Osse bouwhistoricus Hein Hundertmark legt de bouwgeschiedenis van de middeleeuwse kerk van Geffen vast, naar aanleiding van de restauratie van de kerk tijdens het eerste decennium van de nieuwe eeuw. Die kerk was één van de details die ik tijdens mijn scheervlucht over Maasdonk zag. Daarna werd mijn aandacht getrokken door de gebouwenmassa’s van Oss en ’s-Hertogenbosch, aan de rand van mijn blikveld……

Henk Buijks

Belangstellenden kunnen het boek kopen via de heemkundekringen in Geffen en Nuland voor 15 euro. [foto's bij dit blog: Henk Buijks]  

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Maasdonk in vogelvlucht
- Dakloos

vrijdag 28 november 2014

Historisch Jaarboek gepresenteerd in Grave

...stratenplan van het oude Grave...
Grave, nostalgische pleinen, smalle kronkelende straten en oude stadspoorten: hier ligt de geschiedenis letterlijk op straat. Vandaag nog iets meer dan anders want vanmiddag wordt hier het Noordbrabants Historisch Jaarboek 2014 gepresenteerd.

In het nieuwe Catharinahof in Grave presenteren het Zuidelijk Historisch Contact, samen met Erfgoed Brabant en de Historische Vereniging Brabant, het jaarboek. Het jaarboek richt zich op een publiek van historisch geïnteresseerden en professionals in Nederland en Vlaanderen. In goed leesbare en aantrekkelijk geïllustreerde artikelen belicht het aspecten van de Brabantse en Noord-Brabantse geschiedenis. In de kroniek worden de publicaties, Noord-Brabant betreffende, gerecenseerd.


Voor veel bezoekers aan de studiezaal van het BHIC zijn de sprekers bij de presentatie geen onbekenden. Ron Fierst - auteur van Ghenge ende gheve in Grave - vertelt over fondsvorming en functioneren van de stedelijke arminstellingen in Grave in de late Middeleeuwen. Hij doet dat aan de hand van de archieven van het Catharinagasthuis (1291) en de Tafel van de H. geest uit Grave (1302).

Arno Coopmans, archiefbeheerder en bestuurder van Stichting Erfgoed Maaszicht Grave, gaat in op de ontwikkeling van het Catharinagasthuis van 1600 tot nu. Jan van Oudheusden, auteur van onder meer Erfgoed van de Brabanders, verleden met een toekomst, is de laatste spreker. Van Oudheusden is 22 jaar lang in diverse functies betrokken geweest bij de totstandkoming van het Noordbrabants Historisch Jaarboek en doet dat dit jaar voor het laatst.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Ghenge ende gheve in Grave
- Een welgestelde weldoener

vrijdag 17 oktober 2014

Begin de dag met een verhaal

...Begin de dag met een verhaal...
Waarom vertellen mensen verhalen? Hoe voorkom je dat verhalen destructief worden? Hoe zorg je ervoor dat verhalen mensen juist verbindt? De kracht van verhalen werd pas geleden onder de loep genomen tijdens een studiedag in de Osse bibliotheek. “Begin de dag met een verhaal”, luidde het advies van Joke Hermsen, één van de sprekers die dag.

Vanuit verschillende invalshoeken werd deze dag naar de kracht van het verhaal gekeken. Terloops kwam in de diverse presentaties ook het archief aan bod. “Mensen gaan prat op hun afkomst op de Batavieren; of hun stamboom waar is, dondert niet”, vermeldde hoogleraar sociale wetenschappen Christien Brinkgreve in haar verhaal. Terwijl schrijfster en filosofe Joke Hermsen er nog eens voor pleitte zorgvuldig met archief om te gaan, “en met de geur van oud papier.” Filosoof Jeroen Vanheste wees op het belang van de persoonlijke herinnering in een verhaal.

Nou, van dat laatste weten we bij het BHIC inmiddels het één en ander. Vorige maand zetten wij het 5000ste historische verhaal online. Ruim een derde van deze verhalen is geschreven door geschiedenisliefhebbers en vaak staan ze bol van persoonlijke herinneringen. Het 5000ste verhaal is het verhaal 'Het Martinushuis' van Willie Damen van de Mosselaer uit Sint-Oedenrode.

Veel mensen vinden het heerlijk om oude foto’s en films te bekijken en nog eens terug te keren naar hun Brabantse roots. Herinneringen aan een oude dorpsdokter, de pastoor, hun school of een plein waar zij als kind veel gespeeld hebben en dat door een nieuwe woonwijk is verdwenen. Dat zijn precies de gegevens waar we sinds de start van onze online geschiedenisboekjes in 2006 voortdurend naar op zoek zijn. Met deze verhalen geven mensen de geschiedenis van hun woonplaats kleur.  

Door de enorme toename van digitale archieven en bronnen heeft de (lokale) geschiedschrijving de laatste jaren een andere invulling gekregen. Mensen kunnen gewoon thuis achter hun bureau graven in het verleden. Voor (stamboom-)onderzoek, maar bijvoorbeeld ook om foto’s en films te bekijken en hun lokale geschiedenis te ‘ontdekken’. Het BHIC heeft zich daar de afgelopen jaren op gefocust door open te staan voor nieuwe publiekswegen, te experimenteren met nieuwe media en samen te werken aan digitale projecten.

Marilou Nillesen

Vind je dit interessant? Lees dan ook:

dinsdag 9 september 2014

BREKEND: 5000ste verhaal in verhalentrommel BHIC

...Rien Wols dankt Rini de Groot en Willie Damen van de Mosselaer...
Het Martinushuis van Willie Damen van de Mosselaer is het vijfduizendste verhaal dat te vinden is in onze verhalentrommel op onze nieuwe website. En daar zijn we trots op! Zo trots dat de schrijver van het 4.999ste verhaal óók in het zonnetje is gezet: Rini de Groot schrijft wekelijks over zijn jeugd in Uden. Want ook achter het insturen van de 5000ste bijdrage gaat een mooi verhaal schuil. Lees maar mee...

In de eerste week van september 2014 naderde de teller van het aantal verhalen op de website sterk de 5.000. Het was duidelijk dat die mijlpaal in de week daarna wel gehaald zou worden. Maar wie zou met de 'eer' gaan strijken? Maandagochtend kwamen er via de mail twee verhalen binnen: één van Rini de Groot (Speelgoed van een zweefvlieger) en een van Wille Damen van de Mosselaer (Het Martinushuis). Het verhaal van Rini werd verhaal 4.999 en dat van Willie dus nummer 5.000.

...het Martinushuis (uit het verhaal van Willie)...
Maar anderhalf uur na plaatsing op de website, kregen we een mailtje van Willie:“Ik heb gezien dat mijn verhaal met foto’s weer mooi op het BHIC staat. Rini de Groot maakte mij erop attent dat er 4998 verhalen opstonden. (Ik heb daar nog niet eerder opgelet). Toen heb ik vlug het verhaal gemaakt en toegestuurd in de hoop dat mijn verhaal dan 4999 zou worden en Rini 5000. Maar helaas, de mail van Rini kwam natuurlijk bovenaan te staan met het openen van de mails en die kwam er het eerste op en toen is die van mij geopend en stond ik als 5000. Op de datums van de mails kan je zien hoe laat onze mails verstuurd zijn en zou het toch wel heel fijn zijn dat Rini 5000 zou zijn.”

...een speciale trapauto (uit het verhaal van Rini)...
Tegen zoveel aardigheid kunnen wij natuurlijk niet op! We constateren dan ook dat het een “fotofinish” is geworden, en dat we, om de mijlpaal van het 5.000ste verhaal op onze site te vieren, zowel Willie Damen als Rini de Groot een aardigheidje schenken in de vorm van een boekenbon. En in hen eren we iedereen die de afgelopen jaren zijn of haar verhaal met ons allen heeft gedeeld. Want waar het bij velen een goed voornemen blijft om die mooie verhalen van vroeger eens vast te leggen, doen Rini, Willie en een heleboel anderen dat wel. En zo dragen zij - ieder op eigen manier - bij aan de geschiedenis van hun eigen stad of dorp.

We zijn erg benieuwd naar jouw verhaal! Door onze vernieuwde website is het insturen van verhalen nog eenvoudiger geworden. Blaas jij het stof van de geschiedenis van jouw stad of dorp? Vertel jouw verhaal en stuur het in! Foto's en films erbij? Ja graag! En op naar de 10.000 verhalen!


Vind je dit interessant? Lees dan ook: 
- Een verhaal maken
- Stapsgewijs je verhaal schrijven

woensdag 13 augustus 2014

Mariët kiest: Bossch Strick Grefier #stukvanhetjaar2014

...'Bossch Strick Grefier', Inv.nr. 1111 uit het archief van de Raad van Brabant (T 19)...
Ik heb hem echt gemist, dit boek, toen het de deur uit was om te worden gescand. Het is echt het mooiste boek dat ik ooit heb gezien, bij iedere rondleiding door ons gebouw laat ik altijd even dit boek zien. Het vergt wat spierballen om het van de (hoogste) plank te pakken, maar dan heb je ook wel iets in handen.

Oorspronkelijk lag dit deel waarschijnlijk vast aan een ketting, vandaar de haak. En tijdens één van de rondleidingen vertelde iemand me dat de stalen bulten die onder en boven op het boek zitten bedoeld waren om, als het boek open op tafel lag, en er ging per ongeluk een flesje inkt om, dat dan niet meteen het hele boek onder inkt zat. Maar dat het dan er gewoon onderdoor zou lopen; ik vind dat heel aannemelijk klinken!

...Mariet met haar favoriete stuk...
Het leenstelsel
Het leenstelsel in West-Europa heeft zich ontwikkeld in de middeleeuwen. De koning of keizer gaf tijdelijk grond aan een leenman. De leenman kwam in ruil daarvoor onder het gezag van de koning of keizer te staan en moest trouw en  gehoorzaam aan hem zijn. Met name na de periode van Karel de Grote, toen het centrale gezag zwakker werd, groeide het leenstelsel uit tot een instelling die de gehele organisatie van de maatschappij beheerste. Veel leenmannen breidden in deze tijd hun macht zodanig uit, dat zij behalve grond ook andere rechten die normaal aan de overheid toekwamen, in leen kregen, bijvoorbeeld het recht om belastingen te innen of om de rechtspraak uit te oefenen. Op den duur konden de lenen ook erfelijk worden overgedragen. Zo kreeg ook de hertog van Brabant veel gebieden in handen.

De leenregisters
De administratie van de beleningen werd bijgehouden in zogenaamde leenregisters. Voor 1312 zijn er geen leenregisters van de hertog van Brabant bewaard gebleven. Vanaf 1312 bestaan er verschillende leenregisters, die genoemd zijn naar de klerken die ze hebben bijgehouden, te weten Willem van Cassel, Jan Stoot, Nycolaus Specht en Jan van Eda. Deze boeken liggen in origineel bij het Algemeen Rijksarchief in Brussel. Elke keer na een eigendomsovergang, zowel bij erving als door koop, diende het leengoed opnieuw te worden verheven en aan de hertog ‘heergewade’ betaald te worden.

Leenregisters kunnen met name voor genealogen en geïnteresseerden in de lokale geschiedenis van belang zijn. In vrij korte tijd verkrijgt men enig inzicht in een landgoed, zowel wat omvang, de ligging alsook de eigenaars betreft, en dit over een tijdsverloop van soms meerdere decennia achtereen in één register.

Het oudste leenboek dat zich bij het BHIC bevindt is het Bosch’ Strick Grefier. Het leenregister van de Hertog van Brabant in stad en meierij van ’s-Hertogenbosch, bijgehouden door Mattheeus Strick. In dit boek worden de leengoederen omschreven en ook de namen van de leenmannen en hun opvolgers worden daarin genoemd. Het boek is aangelegd begin 16e eeuw en is bijgehouden tot begin 17e eeuw.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Hanneke kiest: heksenproef
- Margot kiest: Het Gezicht van de Oorlog


woensdag 23 juli 2014

Wat wordt het #stukvanhetjaar2014?



Het toegangskaartje voor de Europacupfinale Feyenoord-Celtic uit 1970 werd vorig jaar met grote overtuiging Stuk van het Jaar 2013. Dat vraagt om een waardige opvolger! Wat wordt nu het Stuk van het Jaar?

De verkiezing van het ‘Stuk van het Jaar’ geeft een idee welke interessante, vreemde, mooie, spannende en bijzondere archiefstukken zich in de Nederlandse archiefinstellingen bevinden. In oktober 2013, tijdens de Maand van de Geschiedenis, is deze wedstrijd voor de eerste keer georganiseerd. In 2014 volgt de tweede editie en gaan we opnieuw op zoek naar de mooiste archiefstukken in de Nederlandse archiefcollecties. We sluiten aan bij het thema van de Maand van de Geschiedenis: ‘Vriend & Vijand’.

Vorig jaar stuurde het BHIC het intrigerende schriftje van de pastoor uit Oploo in. Welk stuk het BHIC moet aandragen, dat bepaal jij! De komende weken lees je diverse blogs van medewerkers die hun eigen favoriete stuk aandragen. Uit deze opbrengst wordt een poll samengesteld en dan bepaal jij welk stuk we dit jaar moeten aandragen. Eind augustus sturen wij het winnende archiefstuk, het stuk met de meeste stemmen, door naar de landelijke verkiezing.

...BHIC's Stuk van het Jaar 2013...

Alle archiefstukken die meedingen naar de titel ‘Stuk van het Jaar’ zijn vanaf 1 oktober 2014 op te bewonderen op www.stukvanhetjaar.nl. De hele maand oktober kun je dan stemmen op je favoriete archiefstuk. Bij de afsluiting van de Maand van de Geschiedenis wordt de winnaar, het ‘Stuk van het Jaar’, op ludieke wijze bekendgemaakt.

 Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Streetview avant la lettre
- HEMA-blok met handtekening

woensdag 9 juli 2014

Ter helle (Harba lorifa uiteindelijk ontknoopt)

...illustratie van Pierre van Erve...
Vorig jaar dacht ik de betekenis te hebben ontdekt van het rijmpje 'Harba Lorifa'. Ik vertaalde dit toen als 'À bas, l'oriflamme', ofwel "Weg met de Gouden Vlam". (Dit was een Franse vlag in de vorm van laaiend vuur. Als deze tijdens een slag werd gehesen, hoefde de vijand niet op genade te rekenen).

Deze oplossing was leuk bedacht maar er bleven teveel onverklaarde letters over. Dus ben ik verder gaan zoeken en stond verbaasd over de mate waarin het Frans onze taal heeft beïnvloed. Dit besef dringt zich vooral op zodra je gaat letten op het alledaagse gebruik van kleine - veelal drieletterige - woorden. Wie, bijvoorbeeld, 'flauwe kul' zegt, spreekt feitelijk over de "cul" (het kontje) van madame, en sommige volkse namen voor het lid van monsieur laten zich zonder moeite afleiden van het Franse "pilule"(pil of staafje).

Zelf herinner ik mij nog levenbdig die keer dat mijn grootvader van de markt terugkwam, zijn fiets afgeladen met boodschappentassen en mijn oma hem nog een "tas" (tasse) thee aanbood. Buiten speelden de buurtkinderen verstoppertje en je hoorde steeds weer "Buut vrij!") (Fr. But = doel). Uit een radio in een vensterbank klonk muziek, waaronder de topper van destijds "Louise zit niet op je nagels te bijten, bah, wat vies Louise..."

BAH, een minimum aan letters met een maximum aan afkeuring. Een vies woord per se. Wanneer ik als kleuter naar de WC moest, vroeg mama altijd, "Grote bah of kleine?" Om de ernst van het gebeuren te benadrukken, zeggen we ook vaak "Ah.. bah!"en als je de (eerste) "h"maar genoeg "keel geeft", wordt die "h" vanzelf een "r": Ar... bah! Naar believen kun je dit vervolgens nog aanvullen met een beademde "h"aan het begin, "Har...bah!" Het Franse "bas" betekent 'neer' of 'onder' ("mes bas" = lingerie) maar kan ook op een metafoor slaan, zoals "de hel". De voodoo-rituelen op Jamaïca staan in het teken van de duivel die daar "Papa Là bas" wordt genoemd.

Tot zover "Harba". Nu "Lorifa". Het eerste stukje van dit woord spreekt voor zich. Daar staat duidelijk L'or (het goud). Dan volgt de "i". Is dit soms een verbindingsteken? We zullen zien. Tenslotte de cryptische "fa". Omdat het om een liedje gaat, dacht ik op een muzikaal spoor te zitten, maar dit liep uiteindelijk dood. Tot ik ineens de "catch" zag: deze "fa" bleek ook fonetisch te zijn geschreven, namelijk zoals een niet-Fransman de "v" uitspreek. Als een "f"! Zodra je dit eenmaal doorziet, en je leest het rijmpje nog eens - als een Fransman - dan staat er:
À bas, l'or y va.
(Ter helle, daar gaat het goud naar toe!).

Tegenwoordig zouden we zeggen, "Gooi je geld niet over de balk. Da's een zonde. Ah... bah!"

Deze tekst is van de hand van gastblogger Pierre van Erve. Ben jij ook op een mooi verhaal gestuit tijdens je genealogische of historische onderzoek? En wil je dat verhaal delen? Stuur het in! Niet te lang (rond de 250 woorden), illustratie erbij en we plaatsen het op ons weblog. Wie durft? :-)

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Harba Lorifa: de allereerste protestsong
- De papegaai van Nuland

woensdag 25 juni 2014

Patroon van dieren in Museum Religieuze Kunst

...Franciscus (detail), Jacques Frenken, 1967, particuliere verzameling...
Deze zomer is er in het Museum voor Religieuze Kunst (MRK) in Uden een expositie te zien over de heilige Franciscus uit Assisi (1180-1226). Werelddierendag is onder meer een "erfenis" van deze patroon van de dieren. Bij de expositie zijn als extra's excursies naar de bijzondere tuinen van Franciscanenkloosters in Megen en Velp, workshops, lezingen andere activiteiten.

Anders dan men op grond van de reputatie van Franciscus zou verwachten, is het verband tussen Franciscus en zijn liefde voor de natuur en de schepping in de kunst niet vaak gelegd. De dierenvriend van 4 oktober is een relatief recent fenomeen. Het thema werd na zijn dood in de 13e-14e in Italië weliswaar geregeld voorgesteld, onder andere door Giotto in de basiliek te Assisi, maar raakte daarna, vanaf de late middeleeuwen in de vergetelheid, om pas in de 19e en vooral in de 20e eeuw een revival door te maken. Werelddierendag wordt pas vanaf 1929 gevierd.

In de expositie ligt het accent bijgevolg op de moderne kunst. Franciscus is en blijft een inspirerende heilige voor deelnemende kunstenaars als Rinke Nijburg - Gerda Ten Thije, Rob Sweere, Jacques Frenken en Bas Meerman. In de kruidentuin van het museum staat een monumentaal beeld van Franciscus, gevormd uit afgietsels van oude  landbouwwerktuigen, door Johan Claassen. Dichter Maarten van den Elzen zal een selectie van gedichten presenteren die met behulp van sensoren doorheen de kruidentuin te horen en beluisteren zijn. Daarnaast worden er filmfragmenten van Passolini 's Uccellacci e uccellini  en Rosselini's  Francesco giullare di Dio vertoond.

In het kader van de expositie zullen er excursies naar de tuinen van de kloosters in Megen en Velp worden georganiseerd.  Het MRK beschikt over een kruidentuin, aangelegd naar het voorbeeld van de middeleeuwse 'cruydthof', in Megen volgt de indeling van de tuin het kerkelijk jaar, terwijl Velp een biologische moestuin bezit, waarvan de producten, de groenten deel uitmaken van de maaltijd van gasten en bewoners. Deze tuin is gewoonlijk niet voor publiek toegankelijk. Alleen op 21 juni en 9 augustus maakt Velp deel uit van de excursie. Kijk voor meer informatie op het activiteitenprogramma op www.museumvoorreligiezekunst.nl

Vind je dit interessant? Lees dan ook:

woensdag 14 mei 2014

Van sigarenfabriek tot woonwijk: Boxtel in beeld

...klik op de afbeelding voor een vergroting...
In een kleine werkplaats en met geleend geld van zijn moeder begon Sjef van Susante begin vorige eeuw een bedrijfje aan de Stationsstraat van Boxtel. Een paar decennia later werkte er driehonderd medewerkers bij de sigarenfabriek Van Susante. Inmiddels zijn de sporen van deze belangrijke industrie bijna verdwenen uit de straten van Boxtel.

...met behulp van deze foto's is de fotomontage gemaakt...
Sjef van Susante had eerst het vak geleerd in Bergeijk en Oisterwijk. Daarna ging hij met vijf sigarenmakers in Boxtel aan de slag. Vanwege personeelstekort opende hij al snel filialen in de Kempen waar volop goedkope arbeidskrachten voorhanden waren. Maar dat is allemaal verleden tijd.
                    
Inmiddels is het precies een eeuw geleden dat Van Susante een nieuwe fabriek opende aan de toenmalige Korte Kerkstraat, nu Pastoor Erasstraat. Ruim tachtig jaar later ging het pand tegen de vlakte om plaats te maken voor woningbouw. Deze transformatie werd mooi in beeld gebracht door Louis van der Schoot, bewerkt door Meine Steenbakkers. De vader van Louis werkte als sigarenmaker nog in deze fabriek, tot 1970: het jaar van zijn pensioen. De oude foto’s dateren uit 1991, de huidige foto’s zijn dit jaar gemaakt.
...klik op de vergroting om goed te zien hoe deze foto's in elkaar schuiven...
Vind je dit interessant? Lees dan ook:
- Molen verplaatst zonder één druppel te morsen
- Terug in de tijd in de Kampina

vrijdag 25 april 2014

Feestvierend Brabant eind jaren vijftig in beeld

...Leve zal ze lang onze Koningin zo zij het...
Ooit vierden we met z'n allen op 18 juni Waterloodag maar dat is inmiddels in de vergetelheid geraakt. Hoe anders zal het gaan met Koningsdag, ter ere van staatshoofd Willem-Alexander? Want niet ieder feestje wordt zo maar een nationale feestdag.

Nog voor de ‘echte Koninginnedag’ werd op 31 augustus 1885 de eerste 'Prinsessedag' georganiseerd, op de vijfde verjaardag van prinses Wilhelmina. Een hoofdredacteur van een lokale krant in Utrecht wilde met dit initiatief de nationale eenheid benadrukken. In de jaren erna werd deze Prinsessedag overgenomen door andere plaatsen. Na de dood van koning Willem III in 1890 werd in 1891 de eerste Koninginnedag gevierd. Aanvankelijk vooral bedoeld voor kinderen van koningshuisgezinde Nederlanders.

...niet alleen jong maar ook oud aan het zaklopen...
Want in die jaren voor de Tweede Wereldoorlog ondervond Koninginnedag zware concurrentie van de Dag van de Arbeid. Dat de antimonarchistische SDAP Koninginnedag zou vieren, was niet denkbaar. Pas na de oorlog werd Koninginnedag een feestdag voor alle Nederlanders. Vanaf 1949 op 30 april, de verjaardag van (dan) koningin Juliana, die ook begon met het defilé op Paleis Soestdijk.

...kegelen onder toeziend oog...
Met de komst van koningin Beatrix in 1980 bleef 30 april de datum voor Koninginnedag. Maar niet langer met een defilé maar bezoeken aan het land. Na 33 jaar vond vorig jaar de laatste Koninginnedag plaats en is het nu tijd voor Koningsdag, ter ere van Willem-Alexander. Op de laatste vrijdag voor Koningsdag vinden de Koningsspelen plaats; een sportdag voor scholen. Koningsdag is in september 2013 opgenomen op de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed.

...straattheater bekeken door meisjes met vlechten en strikken...
Bij het BHIC hebben we prachtige foto's van de viering van koninginnedag, uit verschillende plaatsen, in uiteenlopende jaren. Dit keer hebben we ervoor gekozen een paar foto's te laten zien uit dezelfde plaats (Veghel), uit hetzelfde jaar (1959). Een mooi tijdbeeld van feestvierend Brabant, eind jaren vijftig.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
Koninginnedag 1923?
- Lang leve de Koningin!

woensdag 23 april 2014

Boekje open over burgemeester Verhagen

...P.A.Verhagen voor het monument van zeeheld Jan van Amstel...
Geregeld valt in Schijndel de naam Fundatie Verhagen als weldoener in een project of bij een evenement. Maar waar komt die fundatie eigenlijk vandaan? Henk van den Brand en Lex Kamp doken in de archieven bij het BHIC en ontrafelden een stuk van de Schijndelse historie.

De historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel ging op zoek naar de stichter van het ideële kerkgenootschap, Petrus Arnoldus Verhagen. Verhagen was burgemeester van Schijndel, van 1874 tot 1889. Hij was een treffend voorbeeld van die typische 19de eeuwse weldoeners die de noden van hun dorpsgemeenschap kenden en op zoek gingen naar nieuwe mogelijkheden om schrijnende situaties een halt toe te roepen.

Het boekje gaat in op de jeugd van Petrus Arnoldus maar beschrijft ook de armenzorg in die dagen. Via de handboogschutterij Amicitia en het begin van Verhagen als grootgrondbezitter komt ook het burgemeesterschap van deze weldoener aan bod. Een succesvolle ambtsperiode want diverse leerlooierijen werden opgericht, de Botermijn werd gerealiseerd en de export van met name schoenen nam in die jaren flink toe.
...portret van burgemeester Verhagen...
Belangrijk is uiteraard het testament van de oud-burgemeester. Toen de ongehuwde Verhagen 75 jaar werd, besloot hij wat te doen met zijn bezittingen en vermogen; hij riep een fundatie (stichting) in het leven waaruit voor een lange periode goede werken konden worden gefinancierd. Verhagen overleed in 1905 op 82-jarige leeftijd maar zijn fundatie is nog altijd een levendig begrip in Schijndel. Het boekje over Verhagen is in te zien op de studiezaal in Den Bosch of verkrijgbaar via de Heemkundekring Schijndel.

Vind je dit interessant? Lees dan ook: