Posts tonen met het label Mill. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mill. Alle posts tonen

woensdag 14 januari 2015

Eenmaal, andermaal...

Kun jij het vergane kasteeltje Broekhof op deze kaart ontdekken?
Notarissen worden vaak ingeschakeld voor het opmaken van een testament of voor het verkopen van bijvoorbeeld een huis of een stukje bouwland. In 1827 ging echter wel een héél bijzonder 'huis' onder de hamer: een compleet kasteel met alles erop en eraan!

Nu herinnert niets ons meer aan het eens zo prachtige kasteel Broekhof te Beers, maar de openbare verkoop doet letterlijke alle bezittingen van de graaf uit de doeken; van een koetshuis tot een verzameling van maar liefst zevenhonderd boeken en een viskom!

Zegt het voort!
Oproep voor de veiling
Het kasteel Broekhof wordt voor het eerst in 1404 genoemd. Op een gegeven moment kwam het in handen van de heer Willem Anna Lodewijk van Gronsfeld-Diepenbroeck. Een zeer voornaam man, want hij was een graaf van het Heilige Roomse Rijk.

Deze adellijke man stierf op 76-jarige leeftijd in 1827 en daarmee was het geslacht Gronsfeld-Diepenbroeck uitgestorven. Het kasteel met complete inboedel werd daarom geveild, inclusief een enorme verzameling van honderden boeken, bestaande uit 'vier duizend deelen, meestal zeer fraai ingebonden, met de titels in gouden letteren.' Hiernaast wordt iedereen in de wijde omtrek opgeroepen om de veiling bij te wonen: 'Zegt het voort!'

Van aardappelen tot een viskom
Er kwamen niet alleen boekenwurmen af op de veiling, zo blijkt uit de omvangrijke notariële akte van tientallen pagina's. Latterlijk alles werd verkocht: van planken tot schaatsen, van tafels en bedden tot een viskom en zelfs...rommel! Zo kocht Antoon Franken 'rommel' voor zestig cent.Wat zou daar nou tussen hebben gezeten? Andere opmerkelijke aankopen waren bijvoorbeeld een viskom, een loopwagen en een 'mandje met messen'!

Letterlijk het hele kasteel werd leeggehaald...
Ook mensen met een lege maag konden hun hart ophalen bij de Broekhof. Tientallen kilo's aardappelen, appels en peren gingen namelijk onder de hamer. Zelfs een salade werd in dank afgenomen door een zekere Cornelis de Bruin.

Ook lege magen konden worden gevuld!
Het kasteel zelf werd, inclusief alle bijgebouwen, verkocht voor 1040 gulden, maar in 1845 is het gebouw uiteindelijk gesloopt. Nu is er helaas niets meer over van het immense complex, maar mocht je toch eens willen snuffelen in de inboedel van zo'n kasteel, kom dan gerust eens langs bij ons Grave...

Lisette Kuijper

Vind je dit interssant? Lees dan ook:
- Kasteelgeheimen...
- Adellijke omzwervingen


woensdag 5 februari 2014

Met minstens 10 broers en zussen aan tafel

...groot gezin uit Nuland...
Het Noordbrabants Museum in Den Bosch verzamelt spullen die herinneren aan de tijd van grote gezinnen. De spullen en beeldmateriaal zijn bedoeld voor een tentoonstelling die in het najaar wordt gehouden.

Het museum kreeg onder meer een grote eettafel aangeboden waaraan 16 gezinsleden passen. Ook is er een wieg aangeboden die door een grote familie is gebruikt voor elke pasgeboren baby. Projectleider Ad van Pinxteren zoekt nog naar oude kleertjes die door veel kinderen zijn gedragen en zelfgemaakt speelgoed dat door vele kinderhandjes is gegaan. Voor alle duidelijkheid: het museum léént de spullen. 
...kinderen uit één gezin in Oploo...
Het Noordbrabants Museum wil in de tentoonstelling het beeld nuanceren dat grote gezinnen vroeger typisch Brabants of katholiek fenomeen waren. Overigens zoekt het museum spullen van gezinnen van één vader en één moeder. Jammer want we hebben toch nog een prachtverhaal in de aanbieding: over het 24ste kind in Mill. 
...in Gassel op een rijtje...
"We hadden een lange houten tafel en daaraan zaten we. Op banken natuurlijk want zoveel stoelen waren er niet. 's Ochtends werd er spek gebakken en daar sopten we onze boterham in. En 's avonds de aardappelen", vertelde het 24ste kind ons. Maar eerlijk is eerlijk; deze 24 kinderen kwamen uit een gezin van één vader en drie moeders (de eerste twee moeders overleden eerder). En behalve verhalen hebben we ook veel foto's van kinderrijke gezinnen, liefst op een rijtje, van groot naar klein.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:

- Het verhaal van het 24ste kind
- Kinderzegen

maandag 16 september 2013

Het spook van kasteel Tongelaar

...spookachtige verschijnselen op Tongelaar...

Geen echt kasteel zonder een echt spook. Nou, dan heeft kasteel Tongelaar niets te klagen... 

Tongelaar is een afzonderlijke heerlijkheid geweest. Verschillende families hadden het kasteel in bezit, waaronder de heren van Cuijk en de familie Van Merwick. De familie Van Merwick liet nauwelijks sporen achter, maar wel een spook. De paragnosten André Groote en Rob Spijkers namen bij een onderzoek naar paranormale verschijnselen een blonde dame in middeleeuwse kleding waar en ook een zwarte ridder. De dame, zo veronderstelden zij, zou Helwig kunnen zijn, nicht van kasteelheer Herman II; de ridder zou Helwig hebben willen schaken, maar werd onderweg door Herman vermoord, waarna diens bezittingen werden verwoest door de broer van de ridder. 

Dit alles doet onweerstaanbaar denken aan de geschiedenis van Floris de Zwarte, broer van Graaf Dirk VI van Holland, die vergeefs bij Herman I van Cuijk om de hand had gevraagd van diens nicht Heylwig van Rode. In de ruzies die daar het gevolg van waren werd hij in 1133 door Herman en zijn broer Godfried vermoord, waarna heel het Land van Cuijk door Dirk zou zijn verwoest. We weten niet wanneer Groote en Spijkers hun waarnemingen deden, maar het lijkt aannemelijk dat er een verband is met het proefschrift van Jacob Coldeweij over de heren van Cuijk uit 1981; heel de geschiedenis van Floris en Helwig wordt er uitvoerig in uit de doeken gedaan.

En Helwig laat meer van zich horen: in de vorm van zuchten, tikken, lichtflitsen... ze zou zelfs op afdrukken van foto's verschijnen. Via paragnosten liet ze weten wie ze was: een geest die zich identificeerde als Helwig van Merwick, geboren in 1423, gestorven in 1483, getrouwd in 1445 met Willem V, twee kinderen. Ze was eenzaam, zei ze. Is deze Helwig (van Merwick) nog steeds op Tongelaar? Is ze er, na haar dood, echt nog geweest, en gebleven? Had ze inderdaad haar man vermoord en kwam daar zwarte kunst aan te pas? En waarom had ze berouw? Henk Rijnders heeft een boek volgeschreven over gebeurtenissen als deze, maar voor een spook van een dergelijk kaliber heb je toch echt een kasteel nodig (en weinig daglicht; de séance duurde van tien uur ’s avonds tot twee uur ’s nachts). 

Deze tekst is van de hand van gastblogger Leny van Lieshout. Ben jij ook op een mooi verhaal gestuit tijdens je genealogische of historische onderzoek? En wil je dat verhaal delen? Stuur het in! Niet te lang (rond de 250 à 350woorden), illustratie erbij en we plaatsen het op ons weblog. Wie durft? :-)

Vind je dit interessant? Lees dan ook:
het complete verhaal op onze site
- landgoed Tongelaar

maandag 6 mei 2013

De vroegste heren van Tongelaar

...landgoed Tongelaar...

Het BHIC in Grave zit nu vijf jaar aan de Arnoud van Gelderweg 73 in Grave. In het kader van het lustrum verzorgt Leny van Lieshout drie maanden iedere maandag een blog over bijzondere archiefstukken. Vandaag het laatste deel.

Het landgoed Tongelaar (tegenwoordig onder Mill, vroeger onder Gassel) viel in de vroegste tijd onder de bezittingen van de heren van Cuijk. Dat weten we, omdat Jan I van Cuijk het blijkens een charter uit 1282 in leen opdroeg aan Floris V van Holland, een regeling die overigens al snel weer ongedaan werd gemaakt. Jan I spreekt in dat charter van ‘de versterking en de nieuwe burcht’ Tongelaar.

Tot voor kort zat er een gat tussen dit bewijs van eigendom (1282) en de eerstvolgende vermelding van een (andere) eigenaar, te weten Cornelis van Merwijck (1445). Een stuk in het parochiearchief van Escharen en een stuk in het archief van het Graafs kapittel leveren een uitstekende kandidatuur voor de missing link: de familie Van der Donck. Cornelis van Merwijck was de vader van Willem van Merwijck, echtgenoot van Margriet van der Donck, dochter van Johan van der Donck, ambtman van Grave ten tijde van de hertogen Arnoud en Adolf. In een overzicht van de tienden toekomend aan de kerk van Escharen uit 1504 (parochiearchief nr. 293 f. 1v) wordt heer Johan van der Donck, ridder, genoemd als vroegere eigenaar van de Tongelaarse korentienden, ‘so dat slot met sijnen toebehoeren den here van Kuyck duer huwelick welneer afgestorven ende affgearft is, na Willem van Merwijck Jagermeister’.

Een register uit 1577 in het kapittelarchief zegt dat anno 1385 de Van der Doncks zeer in aanzien stonden nadat een Van der Donck met een meisje Van Cuijk was getrouwd. Is dit allemaal waar, dan loopt de lijn van de Heren van Cuijk naar de familie Van der Donck en vandaar naar de familie Van Merwijck. Daarna is de opvolging bekend.

Vind je dit interessant? Lees dan ook:

vrijdag 8 maart 2013

'Voedseluitdeelingen' te Mill


Een gedeelte van het verslag, waarin de verschillende menu's worden beschreven
Enige tijd geleden maakte men zich grote zorgen bij de landelijke voedselbanken. Steeds meer Nederlanders moeten namelijk een beroep doen op deze liefdadigheidsinstelling. Maar ook in 1907 vinden we in Mill al een vergelijkbaar voorbeeld, waarbij hongerige monden van schoolgaande jongetjes dagelijks gevoed werden met een degelijke maaltijd.


De jongens die in 1907 op de openbare school te Mill zaten, konden van geluk spreken. Zo’n 42 keer konden zij tussen de middag op het Raadhuis van de gemeente Mill genieten van verschillende soorten maaltijden die volgens het verslag van de gemeente ‘op de meest smakelijke wijze’ bereid waren. Op zogenaamde ‘vleeschdagen’ konden de jongetjes zich te goed doen aan een flink bord erwtensoep met spek en brood, terwijl op de overige dagen melk met rijst en ‘mik’ op het menu stond. Eenmaal werden de scholieren zelfs verrast met spekkoek en een andere keer werden ze getrakteerd op, jawel…chocolade!


Hoewel mannen en jongens tegenwoordig over het algemeen bekend staan als echte vleeseters, bleek in Mill dat de jongens ‘het meeste belust waren op melk met rijst’ en om deze reden kregen zij dit gerecht soms ook geserveerd op de ‘vleeschdagen.’



Het Raadhuis te Mill, waar de jongens hun 'heerlijke spijzen' kregen uitgedeeld
Deze zogenaamde ‘spijsuitdeelingen’ hadden natuurlijk wel wat voeten in de aarde en daarvoor worden in het verslag van 1907 enkele mensen en instanties geprezen. Zo wordt als eerste genoemd Marie Schraven, de kokkin die de spijzen heerlijk wist te bereiden, maar die ook met tact met de jongens om wist te gaan. Verder wordt de secretaris van de gemeente bedankt, aangezien de maaltijden zeer dicht bij zijn kantoor werden bereid en uitgedeeld. Voor hem zou de 'spijskokerij’ niet anders dan onaangenaamheid en hinder kunnen hebben, maar hij heeft nooit geklaagd en droeg dit initiatief zelfs een goed hart toe.


De gemeente Mill was maar wat trots op hun ‘voedseluitdeelingen’, zo blijkt uit het verslag. Volgens de commissieleden en de burgemeester liet deze liefdadigheidsinstelling zien dat de gemeente Mill ‘er recht op heeft mede vooraan te staan in de rijen van orde en beschaving.’ Met de maaltijden werd namelijk in een behoefte voorzien, had men nut gesticht en heeft men het leed van de jongens weten te verzachten. De scholieren zelf hebben zich tijdens de uitdeelingen bovendien voorbeeldig gedragen en hebben zich ook erkentelijk getoond voor de maaltijden. Net als tegenwoordig was er dus in 1907 een grote behoefte aan gratis voedsel en de gemeente hoopte dan ook dat de inwoners de ‘spijsuitdeelingen’ zouden steunen uit hun ‘liefdadige goedhartigheid’.

vrijdag 8 februari 2013

Ga toch fietsen

...fietscross in Sint-Anthonis...
Nederland blijft voor veel buitenlanders het land van de tulpen en tolerantie, zo bleek deze week uit een onderzoek van Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen. En natuurlijk een echt fietsland. En als we  de archieven mogen geloven, dan is dat ook echt zo.

Vaak zijn het echt prachtplaatjes om te zien, zonder dat er een duidelijk verhaal bij beschreven staat. Maar soms staan er heel aardige details bij. Wat dacht je van deze?
...ongeval in 1932 nabij wisselplaats in De Rakt...
We zien hier een botsing in 1932 tussen de stoomtram die tussen Den Bosch - Helmond - Veghel - Oss loopt en een vrachtwagen van een aannemingsbedrijf De Oosthoek. Maar wat verder in het oog springt, is de fiets die zo keurig tegen de stoomtram aan staat. Wat blijkt? Die is van de 'ambtenaar onregelmatigheden', meneer Th. Hammechter van de tramwegmaatschappij, zo meldt het bijschrift. Maar vaak ontbreekt een dergelijke aanvulling en kun je gewoon genieten van erg mooie foto's. Voor je het weet, bedenk je het verhaal er zelf bij...
...Beugen, Kerkplein, man in unifrom met Rode Kruis-tas...
...Vught, 1935: twee dames met stelten en fiets op Binnenpad, hoek Schoolstraat...
...Vught, 1936, op het Maurickplein...
Op zoek naar meer fietsen in het archief? Wat dacht je van:
- Middeleeuwse stukken in een bakfiets
- De Joekel van Boekel


woensdag 7 september 2011

Het verhaal van het 24ste kind

De rozenkrans, de gezichtsuitdrukkingen van vader en moeder: dit is echt zo'n foto waar je langer naar blijft kijken. We plaatsen de foto in de rubriek Kijk naar toen in de Weekendkrant en krijgen een reactie. Van niemand minder dan de baby op de foto; Martien Berends.

Martien is de 24ste telg uit het gezin Berends in Mill. "Eten doe ik nog altijd vlug. 's Avonds kwamen er drie pannen met aardappelen op tafel en dan moest je snel zijn. Op was op", vertelt hij met een brede lach. Aan zijn jeugd heeft hij alleen maar goede herinneringen. "We woonden op een boerderij: eten was er voldoende. Voor de rest hadden we niet veel maar je had ook niet veel nodig."


Zijn 23 broers en zussen zijn geboren uit drie moeders: de eerste echtgenote van Martien - Elisabeth Daamen - kreeg acht kinderen en overleed toen ze 35 was. Zijn tweede vrouw - Johanna Gerrets - baarde een kind en overleed twee jaar later op haar 40ste. Zijn derde echtgenote - Geertruida de Klein, Martiens moeder - kreeg er vijftien. "Er zijn broers en zussen die mijn moeder voornamelijk zwanger hebben meegemaakt. Maar zo bijzonder was dat niet allemaal: in Wanroij was een gezin met wel 34 kinderen."


Benieuwd hoe het ging als de familie Berends aan tafel ging? Of wat de stookketel voor het varkenseten met de wekelijkse was te maken had? Lees dan verder op de site van het BHIC.

maandag 1 augustus 2011

Hoe wij als kinderen in een weeshuis kwamen

Behalve op oude documenten zijn we bij het BHIC ook erg zuinig op mooie verhalen. Een verhaal dat Riekie Gijzen ons stuurde is een verhaal dat diepe indruk heeft gemaakt. Lees maar eens mee.

"Dit is het verhaal van het keiharde leven van Kees en Martha Gijzen. Aan het begin van de vorige eeuw vormen zij een jong gezin met zes kleine kinderen. Totdat het noodlot toeslaat en Kees en Martha, binnen een jaar, na elkaar overlijden. De meeste kinderen groeien op in een weeshuis.

Ze zijn jong als ze in het huwelijksbootje stappen. Martha van den Oever, dochter van Johan en Johanna Martha van den Oever uit Veghel, is achttien jaar. Kees Gijzen, zoon van Johannes Gijzen en Mariz Konings, wordt die dag 25 jaar. Ze trouwen op 4 september 1920.

Na hun trouwen trekken ze bij de ouders van Martha in, in een huisje in Mill. Daar wordt hun eerste kindje Anneke geboren. Kees is dan al op zoek naar een huis in Breda. Hij vindt een onderkomen in Prinsenhage. Kees en Martha verhuizen terwijl de kleine Anneke bij haar grootouders in Mill blijft.

Kees pakt al het werk aan dat hij kan krijgen: van grondwerk tot weer werken in de buurt van Mill. Hij doet het allemaal om die ene droom waar te maken: een eigen bakkerswinkel. Voor Martha is het geen makkelijke tijd. Haar dochtertje is ver weg bij haar grootouders en Kees is veel op pad.

Maar dan wordt tot ieders vreugde op 22 februari 1922 hun dochter Rietje geboren. Iedere vrijdag wacht Martha met haar dochtertje op Kees. Al snel komt er weer een kindje: op 21 juni 1923 wordt Jantje - mijn vader - geboren. Er volgende nog drie kinderen: Doortje op 19 januari 1926, Marijntje Rinus op 10 januari 1928 en Nelleke op 14 mei 1929.

Kees heeft inmiddels werk gevonden bij Etna waar emaille met de mond wordt geblazen. Gevaarlijk werk omdat je daar 'bloedvergif' van kan krijgen. Het noodlot slaat toe in 1930. Kees wordt ziek en krijgt bloedvergiftiging. Hij sterft op 35-jarige leeftijd op 6 augustus 1930, na een kort leven van hard werken.

Martha blijft ontroostbaar achter met vijf kindjes, in de leeftijd van negen tot één jaar. Zonder pensioen of andere ondersteuning om de eindjes aan elkaar te knopen. Zij kan het verlies van Kees niet bevatten en blijft gewoontegetrouw 's avonds vaak op Kees staan wachten. Tot de dag dat zij longontsteking krijgt. Zeven maanden na haar man overlijdt Martha op 30 maart 1931, dertig jaar oud.

De kinderen worden op verschillende plekken ondergebracht. Anneke blijft in Mill. Drie anderen gaan naar St. Annaweeshuis, Rietje naar het St. Luciaweeshuis en Jantje naar Huibergen. Daar is later Rinus bij gekomen. Van een gezin is geen sprake meer; na het verlies van hun ouders vervreemden de kinderen van elkaar."

woensdag 24 februari 2010

Soms zit het mee, soms zit het ...


Een kabinet dat valt, een schaatscoach met een verkeerde aanwijzing: soms zit het mee, soms zit het tegen. De afgelopen dagen heeft Nederland dat aan den lijve ondervonden. Dan is het verstandig gewoon door te zetten (maar af en toe is het beter om er maar gewoon mee op te houden).

Van ophouden wil vliegenier Marinus van Meel in 1911 in ieder geval niets weten. Hij neemt samen met zijn compaan Farman deel aan een Europese rondvlucht. Deze wedstrijd - met start en finish in Parijs - doet ook Nederland aan en de 33 deelnemende vliegtuigen komen ook over Sint Anthonis, Sint Hubert en Grave. Van Meel krijgt motorpech en maakt een noodlanding op de heide bij Mill. Hierbij raakt het vliegtuig flink beschadigd.

Millse notabelen zien wel brood in het ongeval en nodigen Van Meel uit vliegdemonstraties te geven, nu hij toch uit de race ligt. Met veel tamtam wordt het evenement aangekondigd en van heinde en verre komen mensen erop af. Om te kunnen zien hoe het vliegtuig na een korte vlucht wederom een verkeerde landing maakt en opnieuw flinke schade oploopt.

Gezien het enthousiasme van de bezoekers komt er nog een vervolg en gaan Van Meel en Farman opnieuw de lucht in. Dit keer lijken er nog meer mensen op het evenement te zijn afgekomen en ook plaatselijke muziekkorpsen zijn aanwezig. Maar Mill blijkt geen goede plek om te landen: voor de derde keer raakt het vliegtuig beschadigd. Pas na dagen van repareren, kan het vliegtuig weer vertrekken om nooit meer terug te keren...

Foto: Aankondiging voor de vliegdemonstratie in Mill